Geen plaats meer voor zieke baby's

RIJSWIJK, 5 AUG. Nederlandse ziekenhuizen plaatsen steeds vaker ernstig zieke baby's over naar ziekenhuizen in België en Duitsland. Zij zien zich hiertoe gedwongen door het tekort aan gespecialiseerd verpleegkundig personeel.

Dat stelt W. Fetter, hoofd neonatologie van het VU-ziekenhuis in Amsterdam. In de maanden mei en juni werden 21 zieke baby's van enkele uren oud overgebracht naar het buitenland. Groningen wijkt uit naar Oldenburg (Duitsland), Nijmegen naar Krefeld en Duisburg en Rotterdam en Utrecht naar Antwerpen en Leuven. Jaarlijks hebben zo'n vierduizend pasgeboren baby's medische hulp nodig. Ongeveer de helft daarvan is te vroeg geboren.

Fetter zoekt de oorzaak van het personeelsgebrek in de invoering van de 36-urige werkweek en in de nieuwe CAO voor het ziekenhuiswezen. Die geeft volgens hem alle verpleegkundigen het recht om vrije dagen op te nemen tijdens de schoolvakanties. Deze maatregelen kwamen bovenop een reeds bestaand “chronisch tekort aan verpleegkundigen”, aldus Fetter. Hierdoor waren de afgelopen jaren al bedden gesloten. Tot voor kort konden de baby's echter altijd nog wel ergens in Nederland worden ondergebracht.

De overplaatsingen zijn volgens Fetter nadelig voor zowel kinderen als ouders. “Die lange transporten zijn voor een baby niet goed. Onderweg in zo'n ziekenauto kun je niet voldoende zorg bieden, geen röntgenfoto's maken, geen bloed prikken. Ouders moeten in het Duits of Engels over hun zieke kind praten.” Soms kan een ziekenhuis de baby wel plaatsen, maar de moeder niet.

De tien Nederlandse neonatologie-centra hebben vorige maand een brief gestuurd aan minister Borst (Volksgezondheid) waarin zij wezen op het probleem.

Volgens een woordvoerder van het ministerie is het personeelsgebrek echter een probleem van de academische ziekenhuizen zelf, omdat die de opleidingen verzorgen.