Binnenvaart

Recent kwam de binnenvaart positief in het nieuws door de uitspraak van de EVO dat zij de binnenvaart als alternatief ziet voor de Betuwelijn (NRC Handelsblad, 28 en 29 juli). Het is correct dat vanaf het begin twijfels zijn geuit over de vraag of de Betuwelijn rendabel zal worden in termen van exploitatie en rendement op geïnvesteerd vermogen.

Dat is echter niet uniek voor deze lijn en geldt voor veel infrastructurele projecten. Wij zien dan ook geen reden om alleen om die reden de Betuwelijn af te wijzen. Waar wij wel moeite mee hebben is dat bij de discussie rond investeringen in infrastructuur ook nu nog te weinig de afweging wordt gemaakt of de te investeren miljarden niet beter elders, of aan andere modaliteiten, kunnen worden besteed. Daarnaast is er tot op de dag van vandaag geen inzicht in de tarieven voor het gebruik van de Betuwelijn. Door de privatisering van de spoorwegen is er straks de commerciële noodzaak om veel treinen te laten rijden. Mede door de onduidelijkheid over de tarieven en vervoersprognoses die gehanteerd worden ontstaat er een grote kans op dumping.

Het is eveneens correct dat al jaren geleden te voorzien was dat de binnenvaart grote veranderingen doormaakt en dat dit gevolgen zou hebben voor de concurrentiepositie van de Betuwelijn. Wat echter absoluut niet is voorzien, ook door ons niet, is dat die innovatie en schaalvergroting zo snel zouden gaan.

De binnenvaart heeft een enorme ontwikkeling doorgemaakt. Die ontwikkelingen worden echter wel afgeremd door de op sommige punten tekort schietende infrastructuur. Waar wij, met de EVO en TLN, enorm beducht voor zijn is dat dit geld er straks niet is door tekortschietende afweging van prioriteiten.

De eerste tekenen dat de geldstromen voor ontwikkelingen in binnenvaart en wegvervoer sterk verminderen zijn er nu al. Zo is de realisatie van het overslagcentrum bij Valburg nog altijd onzeker. Dat centrum zou uitstekend per binnenschip bevoorraad kunnen worden vanuit Rotterdam, Amsterdam en Antwerpen, waarna een deel van de goederen per vrachtwagen of trein de reis zou kunnen voortzetten.