Uitweg gezocht

PRESIDENT CLINTON bevond zich het afgelopen weekeinde in East Hampton om de jet set van New York City en de westkust een paar dollars armer te maken ten behoeve van de Democratische campagne voor de Congresverkiezingen in november. De verkoop van zichzelf en van zijn partij gaat niemand beter af dan Clinton, dus was hij, althans voor een paar dagen, de juiste man op de juiste plaats. Of dat ook nog geldt voor zijn eigenlijke functie van staatshoofd en politiek leider wordt intussen met de dag twijfelachtiger.

Grappend verklaarde de president dat hij, als het niet onmogelijk was gemaakt door het 22ste amendement op de grondwet (dat een derde termijn verbiedt), de Amerikaanse kiezer graag nog een kans had gegeven om hem te kiezen dan wel een nederlaag te bezorgen “omdat ik geloof in wat wij doen”. Maar die grap dreigt een zure nasmaak te krijgen.

Clinton is aangekomen op de beroerdste plek waar een politicus zich kan bevinden: daar waar hij de schijn steeds meer tegen zich krijgt. Nu dochter en moeder Lewinsky bereid zijn gebleken hem af te vallen en als bewijsstuk voor hun belastende verhaal een, zorgvuldig bewaarde, bevlekte jurk van Monica bij speciale aanklager Starr hebben achtergelaten, raakt de president in een onverkwikkelijk dilemma. Of hij werkt mee aan het onderzoek naar de ware aard van de besmeuring, met alle vernederende en breed uitgesponnen details van dien, of hij trekt zich, met een beroep op zijn persoonlijke geloofwaardigheid, terug achter de constitutionele immuniteit van zijn ambt. Dat laatste is hem gegund zo lang het Congres geen actie onderneemt om hem uit dat ambt te zetten.

ONDER DIE omstandigheden blijft er weinig tijd en energie over voor datgene waartoe de president is geroepen: regeren. De geopenbaarde geschiedenis van Watergate, het schandaal dat Nixon uit het Witte Huis verjoeg, is wat dat betreft onthullend. Ook toen sloot het net zich nauwer en nauwer om de president en zijn staf en ook toen werden steeds meer uren besteed aan het uitstippelen van de tegenaanval. Clinton mag niet lijden aan de traumatische argwaan die Nixon beheerste, het gevoel in een bedreigde bunker te leven waaruit ontsnappen onmogelijk is, zal hij evenmin als zijn voorganger kunnen onderdrukken. Bovendien, en ook dat is een les van Watergate, brokkelt de loyaliteit binnen de bunker af naarmate de geloofwaardigheid van de hoofdbewoner verder wordt aangetast. Clintons plotselinge bereidheid zijn kant van het verhaal aan de grand jury te vertellen, kan rechtstreeks worden herleid tot de steeds nadrukkelijker uitgesproken wens van de tot dusver op afstand gehouden politieke raadgevers om een einde te maken aan de door de juridische adviseurs opgelegde totale zwijgzaamheid.

Een president-in-opspraak is niet langer de natuurlijke krachtbron, die onmisbaar is voor de uitvoerders van zijn beleid. In een wereld vol crises, waar spanningen ieder moment tot onbeheersbare hoogte kunnen oplopen, is een verwarde en verwarrende toestand ontstaan. Als de NAVO bekendmaakt haar plannen voor een ingreep in de Kosovaarse burgeroorlog “te verfijnen” komt de vraag op of de Amerikaanse president nog in een positie verkeert om die waarschuwing inhoud te geven. Als het overleg met Irak over beëindiging van de sancties voor de zoveelste keer vastloopt, wordt de blik onmiddellijk gericht op het Witte Huis. Wordt daar het initiatief genomen? Nu India en Pakistan in een hete grensoorlog zijn verwikkeld en nucleaire escalatie tot de mogelijkheden behoort... De lijst laat zich gemakkelijk aanvullen.

ZO IS DE ZAAK-Lewinsky meer geworden dan het buitenhangen van de vuile was. Niet alleen de schuld of de onschuld van de president is aan de orde. Het Amerikaanse systeem heeft zich door middel van een ongeremde zuiveringsorgie in een existentiële impasse gemanoeuvreerd.

De Verenigde Staten kunnen zich gezien hun positie in de wereld geen aangeslagen staatshoofd en een verlamde regering veroorloven. Op korte termijn zal een uitweg moeten worden gevonden. In de ene of in de andere richting.