New-Yorkse spot maakt Parijse kapsones pijnlijk

Hanna Schygulla chantesingt. Gezien: 31 juli, Stadsschouwburg Amsterdam.

Harvey Fierstein: This is not going to be pretty. Gezien: 3 augustus, Stadsschouwburg Amsterdam. Tweede en laatste voorstelling vanavond is uitverkocht.

Zingen kunnen ze geen van beiden, maar ze vieren triomfen met hun opmerkelijke stemmen. Slechts begeleid door een pianist staan ze twee uur lang onafgebroken op het podium. De echte diva Hanna Schygulla en de valse diva Harvey Fierstein - beiden tot vervelens toe aangeduid als 'icoon' - zijn de grootste troeven in het culturele programma van de Gay Games en zorgen voor uitverkochte zalen in de Amsterdamse Stadsschouwburg. Schygulla is na twee optredens terug naar huis in Parijs, Fierstein is alleen vanavond nog te zien.

De verschillen zijn groter dan de overeenkomsten. Fierstein is de verpersoonlijking van de rauwe stand up-comedian uit Amerika, Schygulla staat voor de chique chansonnière uit Europa. Hij biedt entertainment met een boodschap, zij biedt kunst zonder knipoog. Hij maakt zichzelf belachelijk, zij neemt zichzelf bovenmatig serieus. De vergelijking is niet fair en het oordeel was al eerder geveld, maar na een avondje zelfspot uit New York zijn de kapsones uit Parijs extra pijnlijk.

Vooraf leek het zo mooi. Hanna Schygulla, die prachtige actrice uit tal van Fassbinder-films, vertolkster van Maria Braun en zangeres van Lili Marleen, onvergetelijk als hofdame in Scola's La nuit de Varennes, kortom dat boegbeeld van intelligente Europese cinema, op het podium als zangeres. Geen klassiek geschoolde zangeres, maar die beperking werd ruimschoots gecompenseerd door haar uitstraling en acteertalent, zo beloofde de voorpubliciteit. Geen bestaande liederen, zo wisten we vooraf, maar op muziek gezette teksten van Fassbinder en scenarioschrijver Jean-Claude Carrière. Het sleutelwoord was Sprechgesang.

Op gebrek aan muzikaliteit waren we voorbereid, maar niet op gebrek aan drama. Schygulla, blootsvoets en gehuld in wit gewaad, leek meer begaan met het incasseren van bij diva's behorend ontzag dan met het meeslepend vertolken van de liederen. Schijnbaar plichtmatig, laverend tussen de opties koket en pathetisch, werkte ze zich door het repertoire. Haar plastische een eenduidige wijze van voordragen ontdeed de teksten van hun mogelijke mysterie. Vreemd genoeg lijkt in Schygulla's tweede carrière de subtiliteit van de eerste carrière verdwenen.

Begeleider Jean-Marie Sénia, het muzikale brein van de voorstelling, smokkelde af en toe een riedeltje Gershwin of Mozart in zijn composities voor de herkenbaarheid. Hoewel hij de muziek schreef op basis van Franse teksten, begon Schygulla elk lied met de onmuzikale Engelstalige versie - vermoedelijk een onnodige concessie aan het Nederlandse publiek. Dat ze veelal vervolgde met de Franse en Duitse versie, was eerder educatief dan opwindend. De voorstelling zal niet zijn bedoeld als talencursus, maar de reden voor de drietaligheid blijft duister.

Van afstandelijkheid heeft Harvey Fierstein in zijn one-man-show geen last. Binnen vijf minuten had hij de Stadsschouwburg gisteravond omgetoverd in een knus comedy-keldertje, met een publiek dat uit zijn hand at. Dat was snel bereikt door op te komen met rubberen handschoenen ('safe comedy') en even te vragen hoeveel Amerikanen er in de zaal zaten (de helft) en vervolgens hoeveel hetero's (weinig). Voor de laatste bezoekers had Fierstein een speciale sectie in de show gereserveerd, maar die werd onder instemmend gejoel meteen weer afgesloten. Geen twijfel mogelijk: dit werd een bonte avond onder elkaar, met oom Harv als ondeugende hopman. We hadden niet anders verwacht van de strijdbare gay-activist, schrijver van de Broadway-musical Torch Song Trilogy en hoofdrolspeler in de latere verfilming, geliefd en gevreesd om zijn valse annex joodse-nichten-sarcasme.

Als voorstelling heeft het allemaal weinig om het lijf, maar vermakelijk is het wel. Fierstein knutselt wat onderdelen aan elkaar - een e-mail over niets van zijn moeder, een brief van een fan met liefdesverdriet, een hilarische opera-playbackact - en maakt vooral indruk door de manier waarop hij de zaal manipuleert. Soms zijn de verwijzingen te Amerikaans of achterhaald, zoals het liedje over Nancy Reagan of de monoloog uit zijn musical 'Safe sex' uit 1986, waarin weemoedig herinnneringen worden opgehaald aan het pre-Aids-tijdperk. Maar dat is snel vergeten als hij met zijn enorme lijf over het podium danst als het elegante nijlpaard uit Fantasia of als hij tegen een blonde jongen uit het publiek lispelt: “I'm a sucker for the Nazi-type.” De toegift duurde twintig minuten, maar Fierstein was niet te beroerd om toe te geven dat het eigenlijk gewoon bij de show hoorde.