Fotograferen van potentiële 'runners' van drugs toegestaan

ROTTERDAM, 4 AUG. De politie mag potentiële drugsrunners fotograferen en volgen voordat zij een strafbaar feit hebben gepleegd. Het aanleggen van een fotobestand is weliswaar een inbreuk op de privacy, maar gelet de ernst van de drugsoverlast is dat toelaatbaar.

Dat heeft de politierechter in Rotterdam gisteren bepaald in een strafzaak tegen een 22-jarige man die werd verdacht van drugsrunnen, het gidsen van drugstoeristen naar dealpanden. De man krijgt zeventig dagen cel, waarvan de helft voorwaardelijk.

De Barendrechtse advocaat F. van Ardenne heeft onlangs de werkwijze van de politie in de strijd tegen drugsrunners aangekaart bij de Registratiekamer. Volgens Van Ardenne handelt de politie in strijd met het Wetboek van Strafvordering door op het Centraal Station in Rotterdam mensen te fotograferen die zich langer dan een half uur op het station ophouden en die mensen aanspreken die uit internationale treinen stappen. Zij hebben dan nog niets gedaan wat niet mag. Van Ardenne maakt er bezwaar tegen dat mensen die nog nooit zijn veroordeeld in het bestand terecht kunnen komen.

De werkwijze is onderdeel van de politie-actie 'Runaway' die in oktober vorig jaar is begonnen en is bedoeld om de overlast van drugsrunner op het station te beperken. Volgens het openbaar ministerie hanteren drugsrunners steeds agressievere methodes om drugstoeristen te strikken.

Aan de hand van dit fotobestand worden mogelijke verdachten herkend, geobserveerd en aangehouden zodra ze aankomen bij een drugspand.

De politierechter concludeerde dat de methode geoorloofd is. Volgens de politierechter betekent het observeren en volgen van mogelijke drugsrunners een inbreuk op hun privacy maar is dit, gelet de omvang van de overlast die het drugstoerisme veroorzaakt, toelaatbaar.

Het is volgens de rechter niet relevant of de omstreden opsporingsmethode is aangemeld bij de Registratiekamer. Zelfs als dit niet is gebeurd, kan dat volgens het zogenoemde Zwolsman-arrest van de Hoge Raad nooit leiden tot strafvermindering of bewijsuitsluiting, stelt de politierechter.