'Economie van Iran chronisch ziek'

TEHERAN, 3 AUG.De Iraanse president Mohammad Khatami heeft gisteren, ter gelegenheid van de eerste verjaardag van zijn regering, een nieuw plan voor economische hervormingen aangekondigd. “Onze economie lijdt aan een chronische ziekte”, zei Khatami in een radiotoespraak.

De president verzekerde dat de regering een beleid blijft nastreven waarin een sociale aanpak voorrang heeft boven economische groei, waarmee hij trachtte de linkervleugel van zijn coalitie tevreden te stellen. Tegelijk relativeerde Khatami deze opmerking: “In een efficiënte economie is er geen tegenstelling tussen deze twee doeleinden.”

Khatami pleitte voor “fundamentele veranderingen” in de economie om de kwalen “die hun wortels hebben in de afgelopen decennia” aan te pakken. Hoofdlijnen van het nieuwe Iraanse beleid worden volgens hem het aantrekken van veel meer buitenlandse investeringen, privatisering van overheidsdiensten en het doorzichtig maken van de monetaire situatie.

Iran wil door het terugdringen van monopoliebedrijven die aan de overheid zijn gelieerd en in het algemeen de rol van de staat en de bureaucratie in de economie te verminderen, het klimaat voor buitenlandse investeringen verbeteren.

Westerse analisten hebben de regering in Teheran aangeraden het systeem van verschillende wisselkoersen te veranderen in één koers. Ook zouden de grote overheidsfondsen voor sociale zorg die na de Islamitische revolutie van 1979 zijn opgezet, verkleind moeten worden.

De Iraanse economie stagneert al geruime tijd en de overheidsinkomsten worden sterk gedrukt door de aanhoudend lage olieprijzen. De inflatie en de werkloosheid zijn hoog, volgens onafhankelijke analisten beide op 20 procent. Die cijfers zijn hoger dan de officiële ramingen van de regering.

Een jaar geleden werd de gematigde Khatami met grote meerderheid tot president gekozen van Iran.

Vooral de laatste maanden krijgt het hervormingsbeleid van de Iraanse president stevige kritiek van behoudende krachten binnen en buiten de regering., Hoewel Khatami's populariteit daar nog niet onder heeft geleden. (AFP, Reuters)