Deutsche Bank kocht 'besmet' nazi-goud

ROTTERDAM, 3 AUG. Een historisch onderzoek heeft aangetoond dat de Deutsche Bank tijdens de Tweede Wereldoorlog betrokken is geweest bij de aankoop van goud waarvan men kon vermoeden dat het van slachtoffers van de Holocaust afkomstig was. Het onderzoek werd verricht in opdracht van de Deutsche Bank zelf.

De Deutsche Bank, een particuliere financiële instelling, kocht het goud van de Reichsbank, die met het geld de Duitse oorlogsmachine financierde. In totaal ging het om bijna 5 ton goud, minder dan 1 procent van de totale hoeveelheid goud die de Reichsbank verkocht. Volgens het onderzoek zou 744 kilo van dit goud met grote zekerheid afkomstig zijn van slachtoffers aan het oostfront en uit concentratiekampen, bestaande uit omgesmolten sierraden en gouden tanden.

Het onderzoek heeft niet geleid tot een eenduidig antwoord op de vraag of Hermann Josef Abs, tijdens de oorlog in de raad van bestuur van de bank en na de oorlog een van de belangrijkste Duitse adviseurs van de geallieerden tijdens de wederopbouw, wist waar het goud vandaan kwam. Wel constateren de onderzoekers dat Abs beschikte over goede contacten en dat het daardoor “waarschijnlijk is dat hij, en misschien ook andere directieleden, zich bewust was van het bestaan van het slachtoffergoud”.

In ieder geval zou de directie geweten kunnen hebben “dat het goud oorspronkelijk eigendom was van slachtoffers van nazi-Duitsland (en, wat hieraan toegevoegd kan worden, ook rechtmatig eigendom bleef), zowel uit de bezette gebieden als uit de concentratiekampen”.