Vliegende spin; MOBILITEIT COMPENSEERT ERNSTIG NATUURGEWELD

Spinnen zijn beter bestand tegen een orkaan dan hagedissen. Zo blijkt uit een onderzoek op 19 eilanden in de Bahama's, dat gisteren in Science werd gepubliceerd.

'IN OKTOBER 1996 gebeurde het hoogst onwaarschijnlijke', schreven David Spiller, Jonathan Losos en Thomas Schoener gisteren in Science. De evolutiebiologen van de University of California waren op 17 oktober net teruggekomen van een reis naar de Bahama's. In de buurt van Great Exuma hadden ze 19 kleine eilanden bezocht waar de onderzoekers de populaties van een aantal soorten spinnen en hagedissen in kaart hadden gebracht. Op 19 oktober, vroeg in de ochtend, kreeg hun onderzoek ineens een interessante draai. Orkaan Lili raasde namelijk over de eilanden, met een snelheid van bijna 170 km/uur. Spiller, Losos en Schoener zagen meteen het unieke van de situatie in. Het was een prachtige gelegenheid om het effect van zo'n catastrofe te bekijken. Werden de dieren uitgeroeid of zouden ze de ramp overleven? Zouden ze het eiland opnieuw bevolken, hoe snel zou dat gebeuren en verschilden de hagedissen hierin met de spinnen? Drie dagen nadat de orkaan over de eilanden was geraasd, voeren de evolutiebiologen opnieuw langs de 19 eilanden. Een jaar later deden ze dat nog een keer.

Het was trouwens niet zozeer de windkracht die voor een ravage zorgde, maar vooral de door de orkaan veroorzaakte vloedgolf. Die teisterde met name de elf eilanden die het meest ten zuidwesten van Great Exuma lagen. Dat was te merken aan de fauna. Alle spinnen en hagedissen die de Amerikanen hadden onderzocht, waren uitgeroeid. Ook de vegetatie verdween voor bijna de helft.

De acht eilanden ten noordoosten van Great Exuma lagen beter beschermd. De ravage was hier minder erg, maar toch aanzienlijk. De onderzoekers spreken van een 'ernstige verstoring'. Op deze acht eilanden daalde het gemiddeld aantal hagedissen per eiland met 34 procent, en dat nam in het daaropvolgende jaar niet toe. Het gemiddeld aantal spinnen nam af met 79 procent, maar deze dieren herstelden zich wonderlijk goed. Binnen het jaar waren er zelfs meer dan voor de orkaan.

Hieruit concluderen de auteurs dat de kleinere spinnen weliswaar kwetsbaarder zijn voor een 'ernstige verstoring', maar omdat ze zich sneller voortplanten en een kortere generatietijd hebben, komen ze zo'n slag ook weer redelijk snel te boven. Bovendien bleek er een verband te bestaan tussen de grootte van een populatie en het risico van uitsterven. Een kleinere populatie is kwetsbaarder dan een grotere. Deze resultaten zijn in overeenstemming met eerdere bevindingen.

Op de elf eilanden die de volle laag kregen, gebeurde iets opmerkelijks. Alle onderzochte populaties spinnen en hagedissen werden uitgeroeid. Een jaar na Lili waren er nog steeds geen hagedissen te bekennen. Spinnen verschenen er sneller, maar niet van de verwachte soort. Op zes van de elf eilanden troffen de onderzoekers enkele dagen na de catastrofe exemplaren van de soort Metazygia bahama aan, en die was vòòr de orkaan nou juist op geen van de 19 eilanden gevonden. De dichtsbijzijnde eilanden waar deze soort eerder was aangetroffen, waren Andros en Bimini, meer dan honderd kilometer verderop. Volgens de auteurs zijn de spinnen door de orkaan getransporteerd, maar ze laten in het midden hoe de dieren die wervelende reis overleefd kunnen hebben. Een jaar later was de soort M. bahama alweer van al de onderzochte eilanden verdwenen.

Het herstel van een soort hangt dus sterk af van zijn mogelijkheid om zich te verspreiden. Hagedissen verspreiden zich slecht - zeker als ze grote waterpartijen moeten trotseren - maar spinnen blinken daarin uit. Het zijn snelle kolonisten. Dat bleek al nadat Krakatau, het vulkanische eiland tussen Java en Sumatra, in 1883 uitbarstte. De 20 meter hoge vloedgolven en het uitgestoten puin vernietigden alle plant- en dierleven. De eerste bekende kolonist van het 'naakte' eiland was een spin.