Oude fouten sluipen weer in politiek Italië

Sinds Italië zeker is van deelname aan de Economische en Monetaire Unie is de drijvende kracht van de euro uit de politiek verdwenen. Het land keert volgens een ondernemer weer terug tot zijn oude ondeugden en instabiliteit.

ROME, 1 AUG. Het is nog geen drie maanden geleden dat Romano Prodi de spumante liet knallen om de monetaire verankering van Italië in Europa te vieren. Een stabiele munt, een goed rapport: het land zou economisch gezien een gouden tijd tegemoet gaan.

Maar na de spumante is de hoofdpijn gekomen. Van die euforie waarmee de toetreding tot de Economische en Monetaire Unie is gevierd, is weinig meer over. Italië groeit minder dan zijn Europese concurrenten. De structurele problemen van het land blijken bijzonder hardnekkig. Het beoogde begrotingstekort van 2,6 procent - 'Maastricht' eist maximaal 3 procent - staat onder druk. In de politiek steken oude ondeugden weer de kop op. En nu al wordt gewaarschuwd voor een bijzonder roerig najaar.

De ondernemers hebben weinig vertrouwen in de toekomst, waarschuwt Marco Tronchetti Provera, president van banden- en kabelfabrikant Pirelli. “Ik moet helaas constateren dat, nu de drijvende kracht van de eenheidsmunt is uitgewerkt, Italië weer terugkeert tot zijn oude ondeugden en vervalt in instabiliteit,” zei hij woensdag in La Repubblica.

De cijfers illustreren de daling in het enthousiasme. In april rekende het kabinet nog met een groei van 2,5 procent. Een woordvoerder van premier Prodi heeft gezegd dat 2,2 procent reëler is. De jongste voorspelling, van het economische onderzoeksinstituut IRS, gaat uit van 1,9 procent.

Dit heeft deels conjuncturele oorzaken. De Italiaanse export is extra gevoelig voor de crisis in Azië, omdat textiel daaraan in belangrijke plaats inneemt. De uitvoer van mode naar Aziatische landen is sterk gedaald, terwijl de goedkopere textielsoorten uit Azië nog goedkoper zijn geworden.

Een andere factor, die het kabinet al wel had meegenomen in zijn berekeningen, is het aflopen vandaag van de stimuleringsmaatregelen voor de aankoop van een nieuwe auto. Negentien maanden heeft dit steunplan bestaan. Het heeft niet alleen Fiat (die 42,8 procent van de Italiaanse automarkt heeft) een enorme opkikker gegeven, maar ook verwante sectoren aangezwengeld. Deze zuurstoffles is in januari al gedeeltelijk afgesloten en gaat morgen helemaal dicht.

Ingrijpender zijn de structurele problemen. Na de euro-euforie realiseert het land zich hoe lang de lijst onopgeloste zaken is: de inflexibele arbeidsmarkt, de enorme belastingdruk (voor wie alles betaalt), de nog steeds grote overheidsrol in de industrie, de op veel punten onvoldoende infrastructuur, de logge bureaucratie, het inefficiënte bankstelsel.

Waar voorgaande kabinetten veel van deze problemen als hopeloos beschouwden en niets deden, is nu een begin gemaakt met verandering. Maar het tempo zou veel hoger moeten, anders vluchten de bedrijven weg uit Italië. “Na de euro dreigt (het kabinet) de fundamentele doelen van verandering en modernisering uit het oog te verliezen,” constateert Tronchetti Provera.

Volgens Il Sole 24 Ore zijn er behalve conjuncturele en structurele ook psychologische oorzaken voor de sombere stemming. Post coitum omne animal triste, zo citeert de krant vanmorgen een latijnse spreuk: na de coïtus is ieder dier bedroefd. Onder druk van de Emu heeft Italië een indrukwekkend staaltje bezuinigen laten zien. Met name de minister van Schatkist, Carlo Azeglio Ciampi, heeft Brussel gebruikt als een stok om de Italiaanse kudde bij elkaar te houden op de weg naar Europa. Onder druk is het land tot veel in staat.

Maar nu de kudde door de Emu-poort is, blijkt ieder zijn eigen weg te gaan. De communistische leider Fausto Bertinotti neemt afstand van het kabinet dat hij extern steunt, en bereidt een najaarsoffensief voor. De linkse leider Massimo D'Alema is bang dat Prodi hem uit de zon houdt en voert daarom rare manoeuvres uit. Sommige leden van de Italiaanse Volkspartij, de voormalige christen-democraten, sturen aan op een politieke restauratie. Het rechtse blok heeft maar één thema: oppositieleider Silvio Berlusconi mag niet de cel in, want de beschuldigingen van corruptie zijn stalinistische methodes.

Zo gaat kostbare tijd verloren aan schimmige gevechten waarvan de betekenis een week later alweer volslagen onduidelijk is. Vaak kan het kabinet geen beleid maken omdat alle energie opgaat aan het blijven drijven.

Pagina 13: Druk op Rome door sociale onrust

Italië moet zelf initiatieven nemen om gezonder te worden en niet afwachten tot een buitenlandse dokter een recept voorschrijft, zegt Tronchetti Provera. “We kunnen niet steeds maar wachten tot buitenlandse elementen helpen bij het oplossen van onze problemen, of dat nu de Duitse verkiezingen zijn of de besluiten van Brussel,” zegt hij.

Premier Prodi moet een ingewikkelde politieke slalom uitvoeren waarin zijn tegenstander Berlusconi, zijn linkse bondgenoot D'Alema en zijn communistische semi-bondgenoot Bertinotti de belangrijkste, steeds terugkerende hindernissen zijn. Daarbij komt de groeiende sociale onrust. Heel het land roept om betere voorzieningen op het gebied van onderwijs en gezondheidszorg, die op veel punten een rijk industrieel land onwaardig zijn. Het noorden verwacht maatregelen op de terreinen die de productie remmen, zoals infrastructuur en de bureaucratie. En het zuiden wil werk.

Afgelopen weekeinde is in Napels gevochten voor banen. Een reeks demonstranten raakte slaags met de politie. Dat doet pijn binnen een centrum-links kabinet. De enorme werkloosheid in het zuiden en de uitzichtloosheid van het leven van veel mensen daar leggen een zware druk op Prodi. In de aanloop naar de begrotingsonderhandelingen voor september groeit het koor van coalitiepartners die vinden dat het kabinet de hand van de knip moet halen. Zij willen meer uitgaven voor de werkgelegenheid. De communisten zijn het meest concreet: zij willen dat de overheid zelf banen schept, en dat niet via stimuleringsmaatregelen overlaat aan het bedrijfsleven. Het is de prijs die zij vragen voor politieke steun aan het kabinet.

Maar Prodi heeft geen speelruimte. Het overheidstekort ontwikkelt zich minder gunstig dan was gepland. Het tekort over de eerste zes maanden bedroeg 44 biljoen lire, terwijl voor heel het jaar 52,7 biljoen lire was gepland. Minister van Schatkist Ciampi zei gisteren dat er geen reden is tot zorg. Deze maand is volgens hem de omslag begonnen. Hij verwacht ook over de maand augustus en fors overschot en zegt dat de cijfers tot nu toe een vertekend beeld geven: voor het eerst kunnen belastingbetalers in fasen betalen, en meer mensen dan verwacht maken daar gebruik van.

Ciampi en Prodi brengen bewust de tot nu toe tegenvallende cijfers naar buiten, om degenen die om hogere uitgaven vragen, te herinneren aan de Europese verplichtingen van Italië. Het argument werkt duidelijk minder sterk dan toen Italië nog niet tot de EMU was toegetreden. Toen maakte het land een periode van betrekkelijke stabiliteit door. Nu zagen de communisten aan de poten van het kabinet. En Prodi zelf suggereert dat hij na de traditionele augustus-vakantie zijn kabinet wil herschikken, in de hoop het zo nieuw elan te geven.