Italiaanse bakkerszoon bewijst Tour een dienst

Marco Pantani gaat morgen waarschijnlijk de Tour de France winnen. De Italiaan behaalde zijn winst in de Alpen en de Pyreneeën, en ontkrachtte de theorie dat pure klimmers geen grote rondes meer kunnen winnen.

AUTUN, 1 AUG. Een wielrenner als Marco Pantani verdient een mooiere ambiance dan deze Tour de France. Hij heeft een natuurlijk klimtalent. Vanaf zijn juniorentijd blonk hij uit in de bergen. Zo'n prachtige wielrenner hoort niet thuis in de wereld van list en bedrog. Verwijder alle verboden middelen uit het peloton en Pantani zal uitblinken in het hooggebergte.

Voor de sceptische buitenwereld is Pantani de best denkbare winnaar van deze besmette ronde. Met zijn kale hoofd, zijn guitige blik en zijn ontembare aanvalslust is hij de lieveling van het wielerpubliek. Hij is een charmante persoonlijkheid die onschuldig oogt en hopelijk onschuldig is. Heel misschien heeft hij ook de grootste critici kunnen overtuigen van zijn kwaliteiten op de fiets. Hij heeft de volgers in de karavaan in elk geval kunnen bekoren. Telkens als Pantani in de aanval ging, werd het het verschrikkelijke nieuws over dopinggebruik, dopingfraude en dopinghandel naar de achtergrond verdrongen. De bakkerszoon uit Cesenatico heeft de Tour een grote dienst bewezen.

Er waren bij de start in Dublin weinig aanwijzingen dat Pantani zou kunnen zegevieren in Parijs. Hij was nog niet uitgerust van zijn zware inspanningen in de Giro d'Italia. Gedurende drie weken had hij voor volk en vaderland gestreden. Tot uitzinnige vreugde van de tifosi kreeg hij in Milaan de roze trui omgehangen. Hij leek tevreden met zijn eerste overwinning in een grote ronde. Hij heeft zijn fiets in de tussenliggende vijf weken nauwelijks aangeraakt. Hij wilde zich in de Tour richten op een paar ritzeges in de bergen. Tegen de alleskunner Jan Ullrich leek de beperkte tijdrijder bij voorbaat kansloos.

In de tijdrit bij Corrèze verloor Pantani twee weken geleden inderdaad ruim vier minuten op Ullrich. Het was geen slechte prestatie, maar niemand dacht op dat moment dat hij de schade nog zou kunnen repareren. In de Pyreneeën verkleinde hij zijn achterstand op Ullrich tot drie minuten. De manier waarop hij zegevierde in Plateau de Beille getuigde van een grote vorm. En nog bleef Pantani beweren dat hij niet in goeden doen was. Zelfs de meest gelouterde Italiaanse journalisten waren van mening dat hij de waarheid sprak.

Maar hoe goed moet een wielrenner zijn om als een duivelskunstenaar over drie Alpencols te rijden? In de beslissende vijftiende etappe legde Pantani maandag de basis voor zijn grote voorsprong. In de bittere koude en de stromende regen liet hij zich door niets of niemand uit zijn evenwicht brengen. Hij plaatste een onnavolgbare versnelling op de Galibier. Hij zette de fiets aan de kant om zich goed aan te kleden voor de afdaling. Hij liet zich bewust inhalen door een paar renners die hem op de vlakke wegen uit de wind konden houden. En hij liet dezelfde groep vertwijfeld achter in de slotklim naar Les-Deux-Alpes.

Natuurlijk profiteerde Pantani in deze gedenkwaardige etappe van de slechte benen van zijn belangrijkste rivaal. Ullrich kan slecht tegen slecht weer. Hij verspeelde bijna negen minuten en wist zich na afloop kansloos voor titelprolongatie. Een dag later zou hij overigens revanche nemen op zichzelf en de tweede Alpenrit op zijn naam schrijven. Met dank aan Pantani, die hem de dagprijs gunde en vlak voor de eindstreep heel voorzichtig in de remmen kneep.

Pantani's prestaties worden tekort gedaan door te blijven wijzen op het falen van Ullrich. Zoals ook niet al te lang stil gestaan mag worden bij het voortijdige vertrek van de kanshebbers Alex Zülle en Richard Virenque, die verwikkeld zijn in de dopingaffaire bij Festina. Pantani verdient een standbeeld voor zijn offensieve rijstijl. Hij pedaleert op zijn gevoel en hij rekent zich niet suf. Hij is een wielrenner van de oude stempel. Mede daarom zijn de oude kampioenen zo verguld met deze opvolger.

Pantani ontkrachtte een paar veelgebezigde wielertheorieën. Sinds Miguel Indurain in 1993 was geen enkele renner in staat geweest zowel de Giro als de Tour naar zijn hand te zetten. In het tijdperk van pieken en dalen zou een ronderenner zich nog slechts op een belangrijke wedstrijd kunnen richten. Pantani vreesde vooral de mentale belasting van de combinatie Giro-Tour. De vrees bleek ongegrond. Hij oogde ontspannen en lachte vriendelijk naar alle omstanders in het circus.

Pantani ontkrachtte verder de stelling dat klimspecialisten geen aanspraak meer zouden maken op de gele trui. Lucien van Impe was in 1976 de laatste bergggeit die de Tour kon winnen. De kleine Belg danste op de pedalen. Zoals de Luxemburger Charly Gaul in 1958 en de Spanjaard Federico Bahamontes in 1959 met een klein verzet naar boven reden. De vervlogen helden leken van een uitstervend ras. Ze weten nu weer een soortgenoot in hun midden.

    • Jaap Bloembergen