Rolling Stones ongedwongen en op hoog niveau

Concert: Rolling Stones. Gehoord: 29/6 Arena, Amsterdam. Herhaling: 1, 2, 5 en 6 juli Arena, 5 september Malieveld, Den Haag.

De kleuren van het decor lieten er geen twijfel over bestaan: de gouden jaren van zilvergrijs zijn aangebroken voor de Rolling Stones. Terwijl Mick Jagger (54) en Ron Wood (51) met een kleurspoeling de illusie van de eeuwige jeugd ophouden, hebben Charlie Watts (57) en Keith Richards (54) het haar nadrukkelijk grijs laten worden. Hoewel ze het kermis-aspect van zo'n grootschalig evenement als geen andere popgroep doorgronden, gaven de Stones gisteren een beheerst en muzikaal aantrekkelijk concert in de volle Arena.

Bij het eerste van zes Nederlandse concerten deed vooral Jagger, die onlangs nog kampte met stemproblemen, het rustig aan. Dat was meteen te merken in het openingsnummer Satisfaction waarbij hij de helft van zijn woorden inslikte of aan het meezingende publiek overliet. Toch hakte het oude lijflied van de rebelse Stones uit de sixties er meteen stevig in, dank zij de ijzeren gitaarriff die Keith Richards moeiteloos uit de mouw van zijn lange podiumjas schudde.

De Rolling Stones hebben er na het vertrek van bassist Bill Wyman goed aan gedaan om bij de voorlaatste tournee clubs van Paradiso-formaat aan te doen, waar ze het spelplezier en het groepsgevoel met nieuwe bassist Daryl Jones hervonden. De sardonische grijnzen lijken ingebrand op de verweerde koppen, maar de Stones hadden er gisteren duidelijk plezier in. Meteen bij Let's Spend The Night Together oefende Mick Jagger de marathonloop naar de uiteinden van het plankier, die hij vroeger een heel optreden vol kon houden. In het met achtergrondzangeres Lisa Fischer gezongen Gimme Shelter legde hij zich toe op de fraaie samenzang, terwijl hij voor het door Nederlandse fans via Internet gekozen verzoeknummer Memory Motel achter de piano zat om met veel galm een momentopname uit de jaren zeventig te doen herleven. Tijdens de langgerekte discostamper Miss You leek het wel of het pauze was op het podium, met overal zittende en lachende muzikanten terwijl Jagger gastmuzikanten Bobby Keys (sax), Chuck Leavell (toetsen) en Blondie Chaplin (achtergrondzang naast Lisa Fischer en Bernard Fowler) voorstelde.

Voor hilariteit zorgden de voetbaluitslagen die op het grote videoscherm werden geprojecteerd. Alsof de duvel ermee speelde viel de 1-0 van Nederland tegen Joegoslavië precies samen met het refrein 'war, children, it's just a shot away,' waarna bij 1-1 een doodse stilte volgde tussen twee toch al niet erg tot de verbeelding sprekende nummers van de recente cd Bridges To Babylon. Bij de bevrijdende 2-1 maakte Keith Richards zich juist op om te gaan zingen. “Betekent dit dat ik nu naar huis kan”, vroeg hij guitig na een minutenlange ovatie, nog voordat hij met kortademige stem zijn kreupele reggaenummer had ingezet.

Een uitschuifbare brug bracht de Stones naar een klein podium in het midden van het stadion, waar ze de eenvoud van hun begindagen als hardwerkend rhythm & blues-orkest terughaalden. Wat die overspannen versie van Bob Dylans Like A Rolling Stone daar tussen deed mag Joost weten, nadat in het voorprogramma The Dave Matthews Band met All Along The Watchtower al had gepoogd de allerslechtse Dylan-cover ooit te spelen.

Het feest der herkenning van authentieke Stones-klassiekers werd compleet met Sympathy For The Devil, Honky Tonk Women en een buitengewoon hoekig uit Richards' gitaar rollend Start Me Up. Het gebruikelijke knal- en siervuurwerk na de toegift Brown Sugar klonk dubbel hard onder het dichte dak van de Arena, waar de Rolling Stones het langer dan twee uur volhielden. De scène die me bij zal blijven was het moment waarop Keith Richards een perfect riedeltje honkytonk weggaf op de piano, om er door een lachende Chuck Leavell letterlijk achter vandaan geschopt te worden. Zo veel plezier hadden de Stones en zo ongedwongen werd er op dit grootschalige niveau gemusiceerd.