Het sneeuwt in Frankrijk

Tweeëntwintig oranjehemden wonnen vannacht om kwart voor vijf lokale tijd van tweeëntwintig Joegoslaven, en er werd met twee ballen gespeeld op een sneeuwerig veld. Zo zag de WK-wedstrijd van het Nederlands elftal er althans op mijn televisie uit, live uitgezonden door een van de vier Singaporese zenders.

In de bijna vier jaar dat wij nu in deze tropische stadstaat wonen, hebben talloze techneuten op het dak van ons appartement gestaan en aan het balkon gehangen met antennes in hun hand om de beeldontvangst te verbeteren. Maar niets hielp. “Het gebouw hiernaast blokkeert de straling”, werd uitgelegd. Dat gebouw telt twaalf etages en staat ook nog eens op een heuvel. Een signaal aftappen van de buren is verboden.

In Singapore, het meest geavanceerde land in Azië op het gebied van techniek, zijn er nog steeds plaatsen waar de tv-kijker moet knutselen met een mini-antenne om een voetbalwedstrijd, het dagelijkse nieuws of een lokale soap te volgen. Maar, zo is mij verzekerd, die situatie is nu echt bijna verleden tijd. Singapore, een eiland van 42 bij 24 kilometer, wil eind dit jaar alle huishoudens aangesloten hebben op een zeer hoogwaardig kabelnetwerk. Daarmee krijgt de kijker niet alleen in één klap toegang tot 36 regionale en internationale tv-stations, de glasvezels bieden tevens uitgebreide mogelijkheden voor Internet en aanverwante producten. De Singaporese regering heeft er lang over gedaan voordat het de ruim drie miljoen inwoners toegang verschafte tot kabeltelevisie. Uit angst voor kwalijke, ongecensureerde en oncontroleerbare invloeden van buitenaf is in Singapore het bezit van een satelliet-schotel verboden. De programma's van de zenders die nu via de kabel de Singaporese huiskamer binnenkomen, zijn overigens ook zeer zorgvuldig geselecteerd. Bloot is ten strengste verboden. Alle buitenlandse films worden voor uitzending gescreend door de Board of Film Censors die rigoreus de schaar zet in vrijpartijen en schuttingtaal. Geweld mag wel. Vrijwel elke avond kan je als kabelkijker, zo vertelde een reeds op het netwerk aangesloten landgenoot me onlangs, zappend van de ene moord in de andere belanden. “En het is niet zomaar schieten. Nee, je ziet het mes de maag ingaan en het bloed eruit spuiten”, wist hij me uit ervaring te vertellen.

Het nieuwe kabelnetwerk toont de voorzichtige nieuwe openheid die de autoriteiten hier sinds kort betrachten. De Singaporese regering, die al ruim dertig jaar bestaat uit de People's Action Party, ziet de media als een verlangstuk van de macht. “We hebben de pers hier heel duidelijk verteld dat het hun taak is de regering te helpen in de opvoeding van de mensen”, vertelde premier Goh Chok Tong me anderhalf jaar geleden in een vraaggesprek. De televisie doet dat via vier Singaporese zenders die qua taalgebruik en programmering nauw aansluiten bij de samenstelling van de bevolking: Channel 5 is Engelstalig (de voertaal hier in politiek en bedrijfsleven), Channel 8 zendt in het Chinees uit (ruim driekwart van de Singaporezen is etnisch Chinees), Prime 12 is er voor Maleisische en Indiase films (de overige twee bevolkingsgroepen die respectievelijk 14 en 7 procent van de bevolking bepalen) en Première 12 is het Engelstalige kanaal voor sport en documentaires.

Die laatste zender wint het qua kijkdichtheid dezer dagen van Channel 8, dat met zijn lokaal geproduceerde shows en soaps doorgaans de favoriet van de Singaporese kijkers is. Voetbal geniet hier grote populariteit. Daarbij draait het overigens niet zozeer om het spel, als wel om de knikkers: gokken, hoewel officieel illegaal, is hier tot kunst verheven. Tienduizenden dollars worden ingezet op WK-uitslagen. Joe, een Singaporese vriend die mij vorige week nog boos opbelde dat de late gelijkmaker van Mexico hem 30.000 dollar had gekost, hing vanmorgen blij aan de lijn. Hij had door de winst van Oranje op Joegoslavië zijn eerdere gokverliezen weer helemaal goedgemaakt. En hij wist niets van sneeuw in Frankrijk. Hij zit blijkbaar al aangesloten op de kabel.

    • Max Christern