Chaotische FNV Bondgenoten zelf plat

Het nog geen half jaar oude FNV Bondgenoten kampt met tal van 'aanlooppro- blemen' die de organisatie lamleggen. Wat een machtige megabond had moeten worden, ontpopt zich vooralsnog als een log, stuurloos apparaat. Donderdag leidt dat tot een heuse werkonderbreking.

AMSTERDAM, 30 JUNI. FNV Bondgenoten is nog alles behalve de machtige megabond die voorzitter Henk Krul zich bij de sluiting in januari van het huwelijk van de Dienstenbond, Voedingsbond, Vervoersbond en Industriebond FNV had voorgesteld. Maar dat komt nog wel. “We hebben twee jaar uitgetrokken om de fusie gestalte te geven en we zijn nu pas vijf maanden onderweg.” Nog even geduld dus, aldus een optimistische voorzitter.

Maar het geduld van de duizend werknemers van FNV Bondgenoten is op. Donderdag leggen ze het werk neer uit protest tegen de chaos binnen hun organisatie. De eerste grote stakingsactie van FNV Bondgenoten - een wilde staking nog wel - vindt dus plaats bij de bond zelf.

De chaos wordt vooral veroorzaakt doordat een deel van de werknemers in afwachting van het gereedkomen van nieuwe kantoren zijn intrek heeft moeten nemen in tijdelijke kantoorruimte in Utrecht. Daar bleken te weinig werkplekken voorhanden, zodat een deel van het personeel nu thuis werkt. Anderen hebben wel een bureau, maar hun computer is niet aangesloten of ze hebben geen telefoon. Mensen zijn onbereikbaar, post raakt zoek of komt veel te laat aan, kortom: de vakbondsmedewerkers kunnen hun werk niet meer doen.

Ho, ho, reageert Krul. “Tijdens de verbouwing gaat de verkoop gewoon door.” Het personeel kampt weliswaar met flink wat overlast, “en ik snap ook wel dat daar grenzen aan zitten”, maar de kwaliteit van het werk is er volgens Krul niet op achteruit gegaan. “Intern hebben we problemen, maar er komt veel goeds tot stand. We hebben een succesvol CAO-seizoen achter de rug en de dienstverlening aan de leden gaat gewoon door.”

Krul weet zich gesterkt door de goede onderhandelingsresultaten die FNV Bondgenoten volgens hem heeft weten te bereiken en door de constante aanwas van nieuwe leden. “We hebben zelfs minder opzeggingen van leden die ontevreden zijn over onze dienstverlening dan normaal.”

Krul onderkent de interne strubbelingen, maar doet die af als aanloopproblemen. “Wij zijn geen bedrijf, de fusie moet van onderaf gestalte krijgen. Vier verschillende verenigingen met vier culturen en vier werkorganisaties moeten in elkaar geschoven worden. Dat kost tijd.”

Volgens Krul heeft FNV Bondgenoten geen last van een bloedgroepenstrijd. “De problemen liggen puur op het logistieke vlak, daar gaat meer mis dan ons lief is. Maar het heeft niets te maken met de onderlinge verhoudingen.” De onrust onder de werknemers is begrijpelijk, vindt Krul: iedereen wil weten hoe zijn nieuwe functie eruit gaat zien en of hij er niet in inkomen op achteruit gaat. Krul verzekert dat dat voor niemand het geval is.

Het bestuur van FNV Bondgenoten kijkt liever vooruit. Als alle fusieperikelen achter de rug zijn, blijft volgens secretaris Martin Spanjers een “mooie, vitale bond” over. Zo kan de bond door zijn schaalgrootte dit jaar twintig miljoen gulden uittrekken voor nieuwe projecten als het werven van leden in sectoren waar de vakbeweging zwak vertegenwoordigd is. Maar ook voor initiatieven om meer ouderen, uitkeringsgerechtigden en werknemers aan de onderkant van de arbeidsmarkt te bereiken.

FNV Bondgenoten wil het vakbondslidmaatschap openstellen voor zogeheten 'zelfstandigen zonder personeel', eenmansbedrijfjes van bijvoorbeeld vrachtwagenchauffeurs met een eigen auto die zichzelf verhuren aan transportbedrijven. De bond wil hun hulp bieden bij het afwikkelen van hun administratie en het afsluiten van contracten met opdrachtgevers.

Ten slotte gaat FNV Bondgenoten 'mobiliteitscentra' oprichten, die bedoeld zijn om werknemers beter inzetbaar te maken op de arbeidsmarkt als ze, al dan niet noodgedwongen, op zoek moeten naar een andere baan binnen of buiten hun eigen bedrijf. “Wij willen bijvoorbeeld werknemers certificaten toekennen waaruit blijkt wat ze op grond van hun werkervaring allemaal kunnen. Dat is vaak heel wat meer dan wat op hun diploma's staat”, aldus Spanjer. De vakbond komt met deze activiteiten op het terrein van loopbaanadviesbureaus, erkent Spanjer. “Voor onze leden zijn wij echter een stuk laagdrempeliger.”

CAO-coördinator Wouter Waleson neemt ook vast een voorschot op het CAO-seizoen 1999. De FNV blijft, ook centraal, inzetten op structurele loonsverhogingen. De bond mikt volgend jaar op 1,5 procent koopkrachtverbetering. In de looneis komt daar nog een percentage voor prijscompensatie bij, “maar we weten nu nog niet wat de inflatie volgend jaar zal zijn, dus daar loop ik ook nog maar niet op vooruit”, aldus Waleson. Op dit moment vraagt de FNV voor prijscompensatie gemiddeld zo'n 2 procent.

De inzet van FNV Bondgenoten bij de CAO-onderhandelingen zal in 1999 in het verlengde liggen van die van dit jaar. “Wij willen bekende thema's wel op de agenda houden, maar we gaan proberen ze nieuwe samenhang te geven.”

Waleson doelt onder meer op het terugbrengen van de werkdruk, verkorting van de werkweek en modernisering van pensioenen. “Per bedrijfstak bekijken wat wel en niet te realiseren is. Zo hoeven we in de metaalsector niet in te zetten op een 36-urige werkweek, want er is nu al te weinig personeel. Maar bij het openbaar vervoer kan dat weer wel”, aldus Waleson.

    • Jochen van Barschot