SUNHOUSE

Sunhouse: Crazy On The Weekend (Independiente/Epic 01 489615 10)

Bij de recente editie van het London Calling-festival in Paradiso stond het failliet van de Britpop onomstotelijk vast. Embrace, de groep die met veel poeha als 'next big thing' werd aangeprezen, ging ten onder in bombast en werd al te gemakkelijk overschaduwd door twee minder sensationele groepen in het bovenzaaltje. Behalve de ouderwets verfrissende mod-rock van Mover was er het ogenschijnlijk samengeraapte clubje Sunhouse, genoemd naar een Chinees afhaalrestaurant in Nottingham en ook in andere opzichten zo informeel dat hun schoonheid bijna in geroezemoes verloren ging. Eigenlijk is Sunhouse geen popgroep, maar past hun folkrock met bluesinvloeden in de Britse singer-songwritertraditie van Nick Drake en de jonge Van Morrison.

Een mondharmonica snijdt als een misthoorn door de breekbare liedjes van het debuutalbum Crazy On The Weekend, waarop zanger Gavin Clarke zonder valse pretenties zijn hart lucht. De fraaie orgel- en gitaarballade Monkey Dead was eerder te horen was in de cultfilm Twentyfourseven en na zachte liedjes als het onheilszwangere Good Day To Die volgt een ontlading in de Nirvana-achtige lawaaiuitbarsting van Swing Low. Sunhouse schreeuwt het niet van de daken, maar hun muziek is oprecht en tijdloos.