Kiosk

INTERNATIONALE POLITIK

Op termijn zal het aantal lidstaten van de Europese Unie verdubbelen. Toetreding van nieuwe landen is geen eenvoudig proces, omdat de deelnemende landen hun regelingen moeten aanpassen aan de afspraken die de huidige lidstaten in de loop der jaren hebben gemaakt.

De uitbreiding kan echter niet onbeperkt doorgaan. Europa heeft zijn grenzen, schrijft Klaus-Dieter Frankenberger in het Duitse maandblad Internationale Politik. Het begrip Europa, zoals dat vorm gekregen heeft in de Europese Unie, staat voor gemeenschappelijke waarden en ideeën, een gezamenlijke mensbeschouwing in een geografisch begrensd gebied. Toetreding van Rusland, dat voor een groot deel in Azië ligt, tot de EU gaat de mogelijkheden van de unie te boven. Het interne evenwicht van de unie zou erdoor verstoord raken.

Ook Turkije kan er, aldus Frankenberger, niet op rekenen dat het binnen afzienbare tijd tot de Europese Unie zal toetreden. Dat land mist een stevige democratische traditie. Bovendien zou Europa dan rechtstreeks geconfronteerd worden met allerlei etnische, nationale en politieke problemen, zoals in de Kaukasus en in het grensgebied met Syrië, Irak en Iran.

THE ECONOMIST

Joseph S. Nye van de Kennedy School of Government aan de Harvard University mag in het Britse weekblad The Economist zijn licht laten schijnen over Clintons bezoek aan China. Het gebeurt maar incidenteel dat het weekblad iemand uitnodigt om onder naam een gezaghebbende bijdrage te schrijven. Nye begint dan ook met de Griekse historicus Thucydides die schreef dat de oorlog tussen Spartanen en Atheners wel moest uitbreken, omdat iedereen die strijd verwachtte gezien de groeiende macht van Athene. Hij waarschuwt tegen een vergelijkbare self-fulfilling prophecy met betrekking tot de toenemende macht van China. De militaire en economische macht van de Volksrepubliek neemt weliswaar toe, maar er is geen enkele reden om aan te nemen dat het land binnen afzienbare tijd in staat zal zijn de Verenigde Staten in Oost-Azië naar de kroon te steken. Het nastreven van goede betrekkingen met China is geen garantie voor blijvende vriendschap, maar als de VS China nu als vijand behandelen, dan garandeert dat wel vijandschap in de toekomst.

FOREIGN POLICY

Er bestaat na het einde van de Koude Oorlog een ambivalente houding tegenover de Amerikaanse hegemonie in de wereld. Enerzijds toont men zich geïrriteerd over de dominante positie, de hybris en de arrogantie van de Verenigde Staten.

Aan de andere kant laat men zich echter het Amerikaanse politieke en militaire overwicht ook graag aanleunen. De strijd tegen Saddam Hussein en de interventie in Bosnië waren zonder Amerikaanse deelname ondenkbaar geweest. Robert Kagan betoogt in het zomernummer van Foreign Policy dat de Verenigde Staten zich een uiterst meegaande en welwillende hegemoniale macht betonen. Wat landen als Frankrijk en Rusland nastreven is niet de terugkeer naar een multipolaire wereld, maar een schijnmultipolariteit. Ze willen door de VS behandeld worden als gelijke partners, zonder dat ze bereid zijn daarvoor de nodige politieke en financiële offers te brengen.

Het grootste gevaar van dit moment is dat de Amerikaanse beleidsmakers zodanig geïrriteerd raken over kritiek op hun buitenlands beleid, dat neo-isolationisme een kans krijgt. Dat zou pas echt een bedreiging zijn voor de internationale veiligheid.