ROKERS LOPEN TOCH HOGER RISICO OP ZIEKTE VAN ALZHEIMER

Roken verdubbelt het risico op de ziekte van Alzheimer. Een groep epidemiologen van de Erasmus Universiteit toont dit aan op basis van een grootschalig bevolkingsonderzoek in de Rotterdamse wijk Ommoord: de 'Rotterdam Study'. Het in The Lancet (20 juni) gepubliceerde resultaat is vooral verrassend omdat eerder onderzoek er juist op leek te wijzen dat roken enige bescherming bood tegen deze vorm van dementie. De Rotterdammers verklaren dit verschil uit het feit dat het in hun geval gaat om een groter en vooral ook prospectief onderzoek: de deelnemers werden van te voren ondervraagd over hun eventuele rookgedrag, waardoor de kans op eventuele herinneringsfouten over al dan niet (vroeger) roken aanmerkelijk kleiner wordt. Vooral onder demente patiënten zijn zulke fouten natuurlijk niet denkbeeldig.

Aan het Rotterdamse onderzoek namen 6.870 mannen en vrouwen van 55 jaar en ouder deel. Bij de aanvang van de studie werden ze allemaal medisch onderzocht; deelnemers met dementie-verschijnselen werd verder buitengesloten. Na een betrekkelijk korte periode van gemiddeld twee jaar onderzocht men de deelnemers opnieuw. Bij 146 van hen werd dementie vastgesteld waarvan in 105 gevallen de ziekte van Alzheimer. De rokersgroep (een vijfde van de deelnemers, waarnaast nog eens 40% ex-rokers) bleek niet alleen vaker de ziekte van Alzheimer te vertonen, maar gemiddeld ook ongeveer 8 jaar eerder (4 jaar onder ex-rokers). Om de betrouwbaarheid van de resultaten zo hoog mogelijk te maken, werd de diagnose Alzheimer steeds zo zorgvuldig mogelijk gesteld door een team van artsen, waaronder een neuroloog en ook een psycholoog.

Er is bovendien gekeken naar het gen apoE4. Het is namelijk bekend dat dit gen een beschermend effect biedt tegen de ziekte van Alzheimer. Dragers van dit gen bleken, zelfs als ze rookten, geen verhoogd risico op de ziekte van Alzheimer te hebben. Rokers zonder dit gen hadden daarentegen juist een vier keer zo hoge kans op deze aandoening. De Rotterdamse epidemiologen concluderen dus dat apoE4 inderdaad op een nog niet geheel duidelijke wijze bescherming biedt tegen de ziekte van Alzheimer. Zij wijzen er echter op dat apoE4 de kans op hart- en vaataandoeningen verhoogt, waardoor het schijnbaar beschermende effect van dit gen ook kan berusten op het feit dat de meeste rokers met apoE4 al aan vaatafwijkingen gestorven zijn voodat ze Alzheimer kunnen krijgen.