Opmars der filters

De maat was vol toen het managementteam van het National Center for Supercomputing Applications (NCSA) de e-mail van de jeugdige programmeurs van de browser Mosaic blokkeerde. Ze stapten op en begonnen voor zichzelf. Nu, vier jaar later, is hun bedrijf Netscape een miljoenenonderneming met een paar duizend werknemers. Vorige week kwam datzelfde Netscape met een nieuwe versie die desnoods hele websites blokkeert.

Netwatch is de naam van deze concessie aan de Amerikaanse Internetcensuurbeweging. Met het filter kunnen ouders, scholen en werkgevers de toegang ontzeggen tot websites met foto's van blote mensen, voorlichting over voorbehoedsmiddelen of informatie over homoseksualiteit. Ook sites over gokken en drugs worden onbereikbaar.

Het gebruik van filterprogramma's om de vrijheid op Internet te beperken is in opmars. In verschillende Amerikaanse staten worden momenteel wetten geïntroduceerd die filterprogramma's verplicht stellen op scholen en bibliotheken. In Oklahoma willen de Republikeinen de begroting voor het openbare onderwijs pas goedkeuren als filters verplicht worden. Ook de bibliotheken in die staat krijgen een filterplicht. In Arizona ligt een soortgelijk wetsvoorstel op goedkeuring te wachten. De meeste filterprogramma's - er zijn er nu ongeveer 12 op de markt - hebben een verborgen politieke agenda. Ze blokkeren niet alleen pornosites, maar ook alle informatie over veilige seks, homoseksualiteit, drugs, politieke groeperingen en in sommige gevallen zelfs zoekmachines. Cybersitter bijvoorbeeld maakt woorden in elektronische versies van literaire werken als 'The Adventures of Huckleberry Finn', 'The Canterbury Tales' en 'Jane Eyre' onzichtbaar. Wie op de trefwoorden 'gay rights' zoekt, krijgt van Cybersitter een witte pagina terug. Zelfs begrippen als 'fantasy' en 'desire' staan op de verboden lijst. Het programma blokkeert ook de sites van de Nederlandse Internetaanbieders Euronet, World Access en de Digitale Stad. Netnanny verbiedt de toegang tot Adam Curry's muzieksite Metaverse , een site over censuur en de Nederlandse nieuwsgroepen nl.internet.providers en nl.roze.

Vorige week ontdekten Amerikaanse rechters dat zij geen volledige toegang tot Internet hebben. In 22 staten is op hun computers het programma Websense geïnstalleerd, dat behalve sekssites ook een homepage over Liza Minnelli en de site van een groenteboer uit New Jersey blokkeert. Ook een site voor joodse tieners, de Electronic Frontier Foundation (een organisatie voor digitale burgerrechten), de Bond van belastingbetalers en een laboratorium voor moleculaire geneeskunde zijn verboden terrein voor de rechters.

Rechter Alex Kozinsky sprak in de New York Times zijn bezorgdheid uit over het feit dat hij niet zelf mag bepalen wat hij ziet op Internet. Volgens Kozinsky beperken de filters de onderzoeksmogelijkheden van de magistratuur.

De rechters lukt het waarschijnlijk wel om onder de filtersoftware uit te komen. Maar hoe zit het met scholieren? Volgens een onderzoek van Online Quality Data gebruikt 39 procent van de middelbare scholen filtersoftware. Begin deze maand werd een vijftienjarige leerling in New York berispt omdat ze informatie over heksen zocht. Volgens de school mogen leerlingen op Internet geen 'controversiële sites' bezoeken.

Peacefire, een organisatie van leerlingen die niet gediend zijn van elektronische censuur, probeert via een website op te komen voor het recht op informatie en vrijheid van meningsuiting voor minderjarigen. De initiatiefnemer, Bennett Haselton (19), vertelt per e-mail dat Peacefire nu zelf door Cybersitter wordt geblokkeerd omdat hij de lijsten met websites en woorden die het programma blokkeert openbaar heeft gemaakt. Zowel Haseltons naam als het adres van de Peacefire-site komen voor op de zwarte lijst van Cybersitter.

    • Marie-José Klaver