Opgerekt

Voetbal maakt veel los, dat wisten we al. Meer nog dan de Champions League doet een WK de natie op haar grondvesten daveren. Alsof ze door baldadige muziek naar buiten zijn gelokt, komen zelfs de getemden uit hun huizen en gaan dan dingen roepen over vaderland, passie, sterven en eeuwigheid die ze anders nooit in de mond nemen. De leidraad van de rede is doorgeknipt. Door ene Winston Bogarde.

De les van Saint-Etienne, kopt een wakkere ochtendkrant. Is voetbal niet te klein voor een les? Je weet dat het over de wedstrijd gaat en toch, als je het leest, schieten in een eerste opwelling gedachten over ontwapening, oecumenische huwelijken en beursperikelen je door het hoofd. Door de letters heen hoor je de krakende commentaarstem van G.B.J. Hilterman. De les van Saint-Etienne, het is wel ver voorbij de waan van de dag.

De atavistische gillen en gebaren van de Belgische voetbalfans na het debacle in Parijs waren zo apocalyptisch van toon en snit, dat er alleen om gelachen kan worden. Het hele koninkrijk leek uit zijn voegen te zijn gespat. Zowat alle bekende Belgen stonden te dringen met een officieel rouwbeklag. Minister van staat Herman de Croo liet een bevriende krant noteren: “Ik voel me weduwnaar.” De liberale senator is al 30 jaar een gek die zijn naam zoekt - hij heeft die nu gevonden. Weduwnaar. Erg leuk voor zijn vrouw.

De dag voor de uitschakeling van de Rode Duivels smeekten de kranten nog: bespaar ons de schande. Dat lukte gelukkig niet. De autoritaire bluf van Leekens, bijgenaamd Georgescu, werd afgestraft door elf Zuid-Koreanen die pas sinds een jaar of tien weten dat de bal rond is. Zo hoort het: een team dat bij een gelijkspel juicht alsof het net wereldkampioen is geworden, moet ter plekke verstenen in zijn ongeldigheid. Het achteraf gejank van de Belgen was nog smakelozer: pretentie van zwakzinnigen. Geef mij dan maar Duitsers. Nagenoeg de helft van het Duitse volk oordeelde dat de Mannschaft niet meer WK-salonfähig was na de barbarij van Duitse neo-nazi's, vermomd als hooligans. Een mensenleven is meer waard dan een WK-titel. Dat zeggen Duitsers. Zou het Nederlandse volk daar ook zo over denken? Het lijkt erop dat namens de voetbalgekte veel is toegestaan. Er is niet al te lang nagegruweld over de bekerfinale in de Kuip. De natie gaat niet zichtbaar gebukt onder een Picornie-trauma. Wat nou voetbalgeweld? Op de kermis in Tilburg en op de jaarmarkt in Purmerend wordt ook gevochten. De KNVB is zich derhalve van geen schuld bewust. Sterker, voor bondsvoorzitter Jeu Sprengers mag het EK-2000 al beginnen nog voor het WK '98 eindigt. Zeist heeft honger naar egards en prestige. De wanhoop van de middenstand in Marseille schrikt Nederlandse bonzen niet af. Tenslotte kom je in het gewone leven ook gesnavelde wezens tegen.

Je voelt het in Frankrijk aan alles, ook aan de selectie van Guus Hiddink: er is een soort onschendbaarheid gevallen over het product voetbal. Voor een beetje normaal gesprek moet je bij de oud-internationals zijn: Neeskens, Koeman, Rijkaard. De nieuwe vedetten glunderen met afstandsbediening. Europese parlementen schorsen hun werkzaamheden als het nationale team aantreedt. Op de Franse televisie hoor je politici nog alleen over le foot. Zelfs de literatuurpaus van Frankrijk, Bernard Pivot, heeft zich laten inhuren om het BvD-café van Antenne 2 een Hannah Arendt-achtige lading mee te geven. Respectabele media voeden hun klanten als nooit tevoren met geruchten.

Gisteren landde, na enige omzwervingen, een helikopter op de wei achter het oefenveld van het Nederlands elftal. Paniek alom. Wie zou het zijn? De prins? En welke prins dan, die van ons of die van Monaco? Erica? Kok? André Hazes? Het bleek uiteindelijk een nobody van de lokale veiligheidsdienst te zijn die een oefenvluchtje had gemaakt. 'Was dat effe schrikken, zeg'.

Het voetbal heeft zich opgerekt tot de wereld der gewaden. Het is het spel van koningen en prinsen geworden, van ministers en magistraten. De dag is niet meer ver weg dat ook zij zich in de fluoriscerende lompen van Nike en Adidas naar de wedstrijd zullen begeven. Immers, de symbiose moet geheel voltooid zijn.

We gaan ooit nog hevig verlangen naar de al met al bescheiden oranje pruik van Jeu Sprengers.

    • Hugo Camps