Wel

De olifant stond aan de voet van de beuk en keek omhoog.

'Eekhoorn!' riep hij.

De eekhoorn kwam naar buiten en zag hem staan.

'Dag olifant,' zei hij.

Even was het stil.

'Heb je die lamp nog?' vroeg de olifant toen.

'Ja,' zei de eekhoorn.

De olifant keek naar de grond en duwde met zijn voet een grasspriet omver. 'Eerlijk gezegd,' zei hij zachtjes, 'had ik gehoopt dat je die niet meer had.'

De eekhoorn zei niets.

'En de tafel die onder de lamp stond, heb je die nog?' vroeg de olifant.

'Ja,' zei de eekhoorn.

'Staat die nog op dezelfde plaats?'

'Ja.'

'Onder de lamp?'

'Ja.'

Weer was het stil. 'Daar is dus niets aan te doen,' mompelde de olifant. Hij schraapte zijn keel, zuchtte en vroeg: 'Vind je het goed als ik even aan je lamp kom slingeren?'

'Ja,' zei de eekhoorn.

De olifant keek weer naar de grond, trapte nog een grasspriet omver en zei: 'Ik had eigenlijk gehoopt dat je het niet goed vond.'

'O,' zei de eekhoorn. 'Ik vind het niet goed.'

'Dat telt niet meer,' zei de olifant. Hij zette een voet op de onderste tak van de beuk en klom omhoog.

'Wat klim je langzaam,' zei de eekhoorn toen de olifant na lange tijd pas halverwege de beuk was.

'Ik klim gelaten,' zei de olifant.

Toen hij boven was dronken ze eerst een kopje thee en zaten tegenover elkaar.

'Zullen we het hierbij maar laten?' zei de olifant.

'Dat is goed,' zei de eekhoorn.

Maar de olifant schudde zijn hoofd. 'Dat had ik eerder moeten voorstellen,' zei hij. Hij zette zijn kopje neer en stond op. 'Kom,' zei hij, 'dan ga ik maar slingeren.' Hij keek heel ernstig.

Hij klom op de tafel, greep de lamp en begon te slingeren.

Al heel vlug vergat hij dat hij ernstig was en zwaaide hij volijk naar de eekhoorn. 'Ahoi!' riep hij.

'Ahoi,' riep de eekhoorn, die op de rand van zijn bed was gaan zitten.

Toen viel de olifant.

'Hola!' riep hij.

Hij viel op de tafel. De tafel brak aan stukken en de stoel van de eekhoorn viel om en brak ook.

Langzaam stond de olifant weer op en keek naar de eekhoorn.

'Ik had gehoopt dat dit niet zou gebeuren,' zei hij.

'Ja,' zei de eekhoorn.

De olifant wilde nog iets zeggen. Maar hij zei niets.

'Wil je nog wat thee?' vroeg de eekhoorn.

'Dat is goed,' zei de olifant.

Even later dronken ze thee, op de vloer, tussen de resten van de lamp, de tafel en de stoel in.

Toen hij zijn thee op had zei de olifant: 'Kom, ik ga maar weer eens.'

De eekhoorn knikte.

De olifant stapte over de tafelpoten heen en liep naar de deur. In de deuropening draaide hij zich om en vroeg, met neergeslagen ogen: 'Mag ik nog eens terugkomen?'

'Ja,' zei de eekhoorn.

Toen maakte de olifant een danspas, riep: 'Dat had ik wél gehoopt!' raakte met zijn benen in de knoop en viel naar beneden.

'Dag olifant,' riep de eekhoorn vlug.

'Tot gauw,' riep de olifant nog, voordat hij met een enorme klap op de grond terecht kwam.

    • Toon Tellegen