Petroplus succesvol in niches oliemarkt

ROTTERDAM, 26 JUNI. “Deze acquisitie past precies in onze bedrijfsstrategie”, zegt directielid ir. Marcel van Poecke van Petroplus International over de koop van een raffinagecomplex van Chevron in Wales waarover gisteren overeenstemming is bereikt.

“We beginnen direct de tankopslag te exploiteren, waaraan bij de huidige overvloedige olievoorraden grote behoefte bestaat. Dat is geld verdienen, want in de Verenigde Staten en West-Europa is op het ogenblik bijna geen lege olietank meer te huur. En we hebben een optie om de raffinaderij zelf te gaan exploiteren of eenheden weer van de hand te doen.”

Petroplus is een succesvolle jonge onderneming die zich toelegt op raffinage, handel, groothandel, transport, opslag en distributie van ruwe olie, olieproducten en petrochemische producten. Het bedrijf richt zich op niches in de markt die voor grote spelers niet interessant zijn of die ze laten liggen. Voor nieuwe overnames is meer kapitaal nodig: zo'n 100 miljoen gulden, die Petroplus met zijn beursgang per 1 juli aanstaande hoopt binnen te halen.

“We maken gebruik van de herstructureringen die bij vrijwel alle grote oliemaatschappijen aan de gang zijn. Die concerns willen minder rendabele activiteiten afstoten, die wij voor een aantrekkelijke prijs overnemen en geheel of gedeeltelijk voortzetten met veel lagere kosten. We betalen daar echt geen twintigmaal de winst voor”, aldus Van Poecke. Hij is trots op de overname van een raffinaderijcomplex van Chevron, een van de 'Seven Sisters', de grootste spelers op de oliemarkt in het Westen.

Zijn financiële mededirecteur Willem Willemstein, met wie Van Poecke in de Verenigde Staten studeerde, ziet de “meeste en makkelijkste” mogelijkheden voor expansie in West-Europa, al houdt hij ook de marktontwikkelingen in Oost-Europese landen en andere werelddelen nauwgezet in de gaten.

Willemstein: “Het meest logische is om het nu dichtbij te zoeken, want Europese olieconcerns volgen de trend die in de Verenigde Staten al geleid heeft tot afslankingen en afstoting van bedrijfsonderdelen.”

Petroplus ontstond in 1993 door een management buy-out bij het eveneens Rotterdamse bedrijf Vanol, waar de zaken niet goed liepen. Willemstein en Van Poecke namen de leiding over, haalden de Nederlandse Participatie Maatschappij binnen als nieuwe financier, veranderden de strategie en zorgden in vijf jaar tijd voor zes acquisities en nieuwe activiteiten. In Duitsland en Nederland werden tankopslagdepots en een scheepsbunkerbedrijf overgenomen, een eigen binnenvaartbedrijf voor transport van olie naar Duitsland opgezet en een engineering-tak opgericht. Vorig jaar volgden overnames van nog een scheepvaartbedrijf en een raffinaderij in Antwerpen, die in een joint venture met een Koeweitse partner wordt geëxploiteerd. De omzet van Petroplus groeide van 895 miljoen gulden in 1993 tot 1.280 miljoen vorig jaar. De nettowinst steeg van 3 tot 15 miljoen gulden.

Van Poecke en Willemstein maken handig gebruik van belastingfaciliteiten en fiscale meevallers bij overnames, die in sommige jaren van het korte bestaan van Petroplus (500 werknemers) een grote winstsprong veroorzaakten. “Nederland is met zijn deelnemingsvrijstelling de beste vestigingsplaats voor onze holding en je komt interessante bedrijven tegen met forse compensabele verliezen”, aldus Willemstein. Maar Petroplus is geen bedrijvendokter à la het Begemann van de Van den Nieuwenhuijzens, verzekert hij. “Elke acquisitie moet in onze kernactiviteiten passen.”

Grote olieconcerns zullen ook afgunstig zijn op de andere financiële resultaten: een groei van de nettowinst vorig jaar met 46 procent en een rendement op eigen vermogen van bijna 30 procent. Maar grote concerns zijn veel minder flexibel, denkt Willemstein. “Die hebben enorme activiteiten en verkoopnetwerken waar wij natuurlijk niet aan kunnen tippen, maar ze hebben ook veel meer personeel en hogere kosten. Het is iets anders of je de hele olie- en gascyclus als kerntaken hebt, van winning en raffinage tot verkoop van alle producten, of dat je, zoals wij, op zoek gaan naar een beperkt aantal interessante krenten.”

Doelstellingen van Petroplus voor de komende jaren zijn een forse expansie bij een rendement op het eigen vermogen van boven de 20 procent, een jaarlijkse groei van de nettowinst met 25 procent en een solvabiliteit (eigen vermogen plus achtergestelde leningen) van meer dan 30 procent. “En we willen de grootste onafhankelijke oliemaatschappij van Europa worden”, zegt Van Poecke, blakend van ambitie. “We zijn al een heel eind op weg. Ik denk dat we nu bij de eerste vijf zitten.”