Oranje treft onvoorspelbare killers

Nederland speelt maandagavond in de achtste finale van het wereldkampioenschap voetbal tegen Joegoslavië, een ploeg van killers die maar zelden de favorietenrol op een groot toernooi waarmaakt.

PARIJS, 26 JUNI. De kern van de selectie van Joegoslavië (Servië en Montenegro) bestaat uit hele oude sterren en hele jonge sterren. De groep is een mengeling van harde en bijzonder technische voetballers, maar ze vormt vooral een team dat uiterst onvoorspelbaar speelt. Met uitzondering van de indrukwekkende eerste helft tegen Duitsland hebben de Joegoslaven nog niet aan de hooggespannen verwachtingen voldaan.

Zo is het nu altijd met elftallen uit het voormalige Joegoslavië. Of ze nu uit Kroaten, Serviërs en Bosniërs bestaan of uit Slovenen, Macedoniërs en Montenegrijnen, nooit hebben ze kunnen laten zien waartoe ze in staat worden geacht. Slechts op de WK's van 1930 en 1962, waarin ze tot de halve finale doordrongen, en op de EK's van 1960 en 1968, waarin ze finalist waren, konden ze hun ware klasse tonen. Altijd beginnen ze als een van de favorieten aan een kampioenschap, maar altijd komt er na een paar wedstrijden een vriendschapsbreuk tussen de spelers. Mentaal zijn ze nooit de sterkste.

Over de kwaliteiten van Joegoslaven kan geen misverstand bestaan. Altijd staan er weer fantastische voetballers op, vooral technisch vaardig, en niet te vergeten spectaculaire keepers. Te veel om op te noemen, maar om Dragan Dzajic (85 maal international), de aanvaller van Rode Ster Belgrado tussen 1961 en 1975 en om Josip Skoblar, de topschutter die vooral furore maakte bij Olympique Marseille, kunnen we niet heen. Over de hele wereld spelen Joegoslaven en bijna allemaal zijn het heerlijke voetballers, soms lui, soms onverschillig, soms hard.

Bondscoach is Slobodan Santrac, die als voetballer de topscorer aller tijden van de Joegoslavische eerste divisie te boek staat, met 238 doelpunten. Samen met Dragan Stojkovic (33) en Dejan Savicevic (31) maakt hij het elftal. De eerste als een echte nummer 10, die door blessures en door zijn verblijf in de zwakke Japanse competitie in een tempo van oude mannen is gaan voetballen. De tweede is een van de mooiste voetballers die in Europa heeft rondgelopen. Savicevic, de tovenaar van Montenegro, die bij AC Milan schitterde en daarmee de Europa Cup won door Barcelona te verslaan. In de verloren Champions League-finale tegen Ajax werd il genio daarom door Milan node gemist.

Savicevic is aan het einde van zijn loopbaan. Hij is voortdurend geblesseerd en kon daardoor de laatste twee seizoen bij Milan nauwelijks spelen, laat staan wedstrijdritme opdoen - voor een voetballer als hij noodzaak. Maar in het elftal van Joegoslavië wil hij zich nog wel eens laten gelden. Een betoverende voetballer, met een fabelachtige balbeheersing, maar ook onberekenbaar. Gevoegd bij de gevaarlijke spits Predrag Mijatovic, de matchwinner voor Real Madrid in de finale van de Champions League, en de twee jongelingen van Rode Ster, Perica Ognjenovic (20) en Dejan Stankovic (19), vormt Savicevic een gevaarlijke voorhoede.

Vooral van Ognjenovic wordt veel verwacht. De kleine, razendsnelle spits is nu al na topscorer Mijatovic (14 doelpunten in de WK-kwalificatieduels) de populairste voetballer van zijn land. Volgend seizoen speelt hij waarschijnlijk voor Real Madrid, hoewel ook Barcelona aan hem trekt. Ognjenovic werd nog maar weinig ingezet door Santrac, omdat hij hem wilde sparen voor de belangrijke duels, zoals maandag tegen Nederland. De andere jonge aanvaller, Stankovic, speelt iets achter de aanval en is sterk aan de bal en sterk in luchtduels. Hij speelt volgend jaar voor Lazio Roma.

En dan is er nog Savo Milosevic, een sluwe, grote en kopsterke aanvaller van 24 jaar die voor Aston Villa uitkomt. De verdedigers zijn sterk, trapvast, balvaardig, koel en zeer hard. De behendige Zoran Mirkovic, die van Atalanta Bergamo naar Juventus gaat, is er zo een. Doelman is Ivica Kralj (25), een complete doelman, betrouwbaar en degelijk, en allerminst spectaculair. Hij is van Partizan Belgrado en gaat naar FC Porto. Centraal in de verdediging staat de 29-jarige Sinisa Mihajlovic. Een speler met een hard afstandsschot, gevreesd om zijn vrije trappen. Hij gaat van Sampdoria naar Lazio.

Nederlanders kennen vooral Zeljko Petrovic (32), van FC Den Bosch, RKC en de laatste jaren voor PSV. Nu speelt hij in Japan. Hij maakt aan de linkerkant door zijn enorme snelheid de verbinding tussen verdediging en aanval. En dan is er Vladimir Jugovic (28), een alleskunner. Een voetballer met inzet en inzicht, met een verschrikkelijk hard schot in beide benen, balvaardig, sterk en hard. Een indrukwekkende speler, die van Lazio Roma naar Atlético Madrid gaat. Jugovic speelt constant goed. Dat kan men van de andere Joegoslaven niet zeggen. Ze vormen een prachtig elftal, een elftal van killers, maar de vraag is of ze dat tegen Nederland kunnen laten zien.

Joegoslavië mix van harde en technische spelers