Akkoord over zeggenschap; Meer invloed van ouderen bij pensioenfonds

ROTTERDAM, 26 JUNI. Werkgevers en werknemers hebben gisteren, na een eerdere mislukking, een nieuw convenant afgesloten met de ouderenorganisaties om de invloed van gepensioneerden op de gang van zaken bij pensioenfondsen te vergroten.

De sociale partners en de ouderenorganisaties zijn tot hun akkoord gekomen na bemiddeling van staatssecetaris De Grave (Sociale Zaken), die verantwoordelijk is voor het pensioenbeleid.

Begin dit jaar ging een deel van de achterban van de ouderenorganisatie CSO niet akkoord met eerdere afspraken, die in oktober vorig jaar zijn gemaakt. Dat convenant ging hen niet ver genoeg. De besturen van de pensioenfondsen, die op dit moment verantwoordelijk zijn voor het beheer van 740 miljard gulden vermogen voor (toekomstige) pensioenuitkeringen, zijn tot nu toe het domein van vertegenwoordigers van werkgevers en werknemers.

De sociale partners, die de pensioenregelingen beschouwen als een onderdeel van hun arbeidsvoorwaardenoverleg, waren tot nu weinig toeschietelijk om anderen in de besturen op te nemen.

FNV-voorzitter L. de Waal repte gisteren van lange, moeizame, maar zeker ook goede onderhandelingen.

VNO-NCW-voorzitter H. Blankert van “een moeilijke worsteling”. Hij riep de besturen van de pensioenfondsen op al dit jaar de eerste stappen te zetten naar uitvoering van het convenant. Het convenant loopt tot 1 juli 2001. In het jaar 2000 zal een evaluatie plaatshebben.

Gepensioneerden kunnen nu aanspraak maken op een of meer eigen zetels in de besturen van de pensioenfondsen. De andere mogelijkheid is dat zijzelf of het bestuur van het pensioenfonds een zogeheten deelnemersraad opzetten.

Deze deelnemersraden, die in 1992 in het leven zijn geroepen om gepensioneerden meer invloed te geven, zijn tot nu toe niet erg populair geworden. Uit onderzoek in 1996 bleek dat twintig procent van de fondsen zo'n raad heeft, terwijl in totaal eenderde van de fondsen gepensioneerden invloed geeft via een deelnemersraad of directe vertegenwoordiging in het bestuur.

Bij de pensioenfondsen die voor specifieke ondernemingen werken is de medezeggenschap beter geworteld dan bij fondsen die voor complete bedrijfstakken de pensioenregeling uitvoeren.

Het convenant voorziet tevens in meer faciliteiten voor gepensioneerden in deelnemersraden en in fondsbesturen, waaronder communicatie met hun achterban.

Gepensioneerden moeten via een deelnemersraad ook invloed krijgen bij pensioenregelingen van bedrijven die bij verzekeraars zijn ondergebracht, zo vinden de ondertekenaars van het convenant. Daarbij moet dan wel voldaan zijn aan enkele criteria voor een minimum aantal gepensioneerden. Tot nu loopt medezeggenschap van deelnemers bij deze regelingen louter via de ondernemingsraad.