'Pakhoed had moeten incasseren'

ROTTERDAM, 25 JUNI. Op het afblazen van de fusie tussen Pakhoed (tankopslag en distributie van chemicaliën) en Van Ommeren (tankopslag en transport) is in de Rotterdamse haven met gemengde gevoelens gereageerd. Namens de CNV Bedrijvenbond verbaast bestuurder Aad Scholten zich over het amateuristische karakter waarmee beide bedrijven een oplossing hebben proberen te vinden voor de eisen van Brussel.

De Europese Commissie eiste afstoting van extra tankcapaciteit bij beide bedrijven omdat hun positie in Nederland zo sterk zou worden dat er geen sprake van concurrentie in de haven van Rotterdam meer zou zijn. Het niet doorgaan van de fusie heeft volgens het CNV als voordeel dat er bij beide bedrijven geen banen hoeven te verdwijnen.

Het Gemeentelijke Havenbedrijf in Rotterdam stelt zich neutraal op in het conflict tussen Pakhoed en Van Ommeren. “Wat ons betreft was er eerst sprake van twee goede bedrijven die wilden fuseren en nu van twee goede bedrijven die afzonderlijk ook goed zijn. Er verandert in de haven niet veel.”

Die mening is niet financieel-directeur van Van Ommeren R. Hendriks toegedaan. “Er worden nu grote kansen gemist.” Hendriks verwijt Pakhoed een gebrek aan incasseringsvermogen. In de afslanking die de fusiepartners in mei bekend maakten was het vooral Van Ommeren dat getroffen werd.

“De rekening lag toen eenzijdig bij ons.”