Nieuw stuk Yasmina Reza ook een succes

Voorstelling: The unexpected man, van Yasmina Reza, door de Royal Shakespeare Company. Regie: Matthew Warchus. Gezien: 20/6 in The Duchess Theatre, Londen. Inl. (0044-171) 4945075.

“Bitter”, zegt de man in de treincoupé - en dat is het eerste woord dat hij spreekt. Alles in zijn leven is bitter geworden; zijn uitgever verwijt hem dat zijn romans tegenwoordig herhalingsoefeningen zijn, zijn dochter heeft een schoonzoon van niks uitgekozen en ook op de werking van zijn ingewanden is heel wat aan te merken. Hij moest maar eens stoppen met schrijven.

Dat alles zegt hij met stemverheffing. Tegenover zit hem een vrouw en zij reageert niet. Ze kijkt hem niet eens aan. De man en de vrouw in het nieuwe stuk van de Frans-Iraanse schrijfster Yasmina Reza zeggen wat ze denken, opdat wij hun gedachten zullen horen, maar tegen elkáár zeggen ze geen stom woord. De spanning in l'Homme du hasard alias The unexpected man moet komen van de situatie - twee mensen in een treincoupé zonder buitenwereld - en van het feit dat zij hem onmiddellijk herkent als haar lievelingsschrijver. Ze heeft zelfs een boek van hem in haar handtas; zal ze het tevoorschijn halen, en zal ze hem dan aanspreken? Door zijn boeken denkt ze hem te kennen, maar wat weet ze van hem en wat zou ze moeten zeggen? Gek, denkt/zegt hij tegelijkertijd: dat zo'n vrouw een treinreis maakt zonder een boek te lezen.

Met haar eerste internationale successtuk Art (1995), waarin de aanschaf van een wit schilderij de vriendschap van drie mannen op scherp zet, toonde Reza zich een verrassend nieuw schrijftalent: vaardig maar niet oppervlakkig, behendig maar niet banaal, spitsvondig maar allerminst bloedeloos. In het Nederlands is het, onder de titel Kunst, al drie keer geënsceneerd, maar steeds in producties met een te klein bereik. In het Wyndhams Theatre in Londen ging het in oktober 1996 in première en is het nog steeds te zien - intussen al in de zesde bezetting.

The unexpected man werd drie maanden geleden op het repertoire genomen door de gesubsidieerde Royal Shakespeare Company en verhuisde kortgeleden wegens groot succes, in dezelfde sterrenbezetting, naar de ongesubsidieerde sector, zodat ook dit stuk nu ongelimiteerd kan worden doorgespeeld.

De fenomenale Michael Gambon (The singing detective) en Eileen Atkins zitten niet in een semi-realistische treincoupé, maar op kleine tuinklapstoeltjes, op een perspex vloer waaronder in blauwig licht een treinemplacement schemert. Het is een effectieve abstrahering voor het intrigerende spel van twee mensen, voor wie denken en doen niet hetzelfde zijn. Het staat, ondanks de ogenschijnlijke afwezigheid van interactie, geen moment stil. Maar waar het naar toe gaat, vertel ik niet.

    • Henk van Gelder