'Met stomheid geslagen'

Hij vermoedde al dat er iets broedde. Maar toen Van Ommeren-topman Van den Driest maandag hoorde dat Pakhoed afzag van een fusie was hij niettemin “met stomheid geslagen.”

ROTTERDAM, 25 JUNI. Afgelopen maandag werd bestuursvoorzitter Carel van den Driest van Van Ommeren op het hoofdkantoor van Shell-Nederland aan het Hofplein in Rotterdam door Pakhoed-voorzitter Klaas Westdijk en diens president-commissaris H. de Ruiter op de hoogte gebracht van het feit dat Pakhoed afzag van een fusie met Van Ommeren. “Ik was met stomheid geslagen”, zegt Van den Driest.

Kwam het afblazen van de fusie voor u echt zo onverwacht?

Van den Driest: “Niet alleen voor mij, maar voor onze hele organisatie. Want we waren in het fusietraject echt al heel ver. Er waren al heel wat lastige beslissingen genomen. Toen ik met mijn president-commissaris De Kluis werd uitgenodigd door Pakhoed bij Shell vermoedde ik wel dat er iets broeide. Want Pakhoed had in dit stadium niet voor niets een speciale vergadering voor commissarissen belegd. Ik voelde me weer net een jongen die op weg was naar de uitslag van zijn middelbare schoolexamen. Maar dat het zo'n vaart zou lopen had ik beslist niet verwacht. We praten na dit nieuws overal ter wereld met onze klanten. Maar die zijn ook met stomheid geslagen. Hun reactie is: hoe is het mogelijk dat het op een bestand van 90 tankterminals die beide bedrijven hebben op één terminal stuk loopt. Alom heerst onbegrip.”

Het feit dat Pakhoed na de aanvullende eisen van Brussel voor het inleveren van meer tankcapaciteit zijn terminal in de Botlek moest inleveren, is het breekpunt geweest?

“Van Ommeren heeft in de Botlek tankcapaciteit van een miljoen kubieke meter. 500.000 kubieke meter chemie en 500.000 kubieke meter olie. Paktank heeft in de Botlek anderhalf miljoen kubieke meter capaciteit in olie en chemie. In de eerste voorstellen die we met het oog op onze monopoliepositie aan Brussel hebben gedaan voor afbouw van tankcapaciteit in Rotterdam hebben we voorgesteld de Van Ommeren-terminal in de Botlek te verkopen en de Paktank-terminal te handhaven. Toen kwam Brussel met de aanvullende eis - die voor ons beslist redelijk was - dat we als Pakhoed-Van Ommeren (Vopak) nog eens 500.000 kubieke meter in minerale olieën in Rotterdam moesten afstoten. De beste oplossing was in dat geval dat Pakhoed zijn tankcapaciteit in de Botlek zou inleveren en wij niet.”

Pakhoed vindt dat de fusielasten daardoor wel onevenredig zwaar op hun bedrijf zouden worden afgewenteld.

“Daar ben ik het niet mee eens. Als Brussel akkoord was gegaan met het eerste voorstel van Vopak had Van Ommeren ook 40 procent van zijn totale tankcapaciteit in Rotterdam moeten inleveren. Daar waren we al mee akkoord.”

Hoe ziet de toekomst van Van Ommeren er uit zonder Pakhoed?

“Wij gaan gewoon door met ons streven het beste tankopslagbedrijf ter wereld te worden. In de hele range van ruwe olie, chemie en minerale olieën en vetten. We zitten goed bij kas, doen ook nog in transport, maar de hele logistieke dienstverlening aan de olie- en chemische industrie blijft de speerpunt. We zagen in de groei van chemische distributie - waar Pakhoed in gespecialiseerd is - voor de toekomst een goede mogelijkheid om binnen Vopak snel als bedrijf verder te groeien. Maandag komt onze manager Ben Vree uit Singapore naar Rotterdam. Hij wordt ook betrokken bij ons directieoverleg om ons op de ontstane situatie te beraden. Maar we hebben een uitgesproken strategie om ons verder te ontwikkelen als aanbieder van de beste tankcapaciteit. Het pad dat daarnaar moet leiden is al grotendeels uitgestippeld.”