'Geen zaak botsende ego's'

Topman Westdijk van Pakhoed vroeg zich dit voorjaar bij de aankondiging van de fusie al af: Gaat de tankcapaciteit van het ene of van het andere bedrijf eruit? Een profetische vraagstelling.

ROTTERDAM, 25 JUNI. Bestuursvoorzitter Klaas Westdijk van Pakhoed heeft bij de aankondiging van de fusie van zijn bedrijf met Van Ommeren dit voorjaar gelijk gekregen met zijn voorspelling dat de knelpunten van een fusie meer zouden zitten in de gelijksoortigheid tussen beide bedrijven dan in de verschillen. Hij sprak indertijd de profetische woorden: “Je zit bij het afstoten van tankcapaciteit meteen met de vraag: gaat het bedrijf van de een of van de ander er uit.”

De fusie vond zijn Waterloo in de Botlek?

Westdijk: “We konden het inderdaad niet eens worden over de vraag hoe we het inleveren van extra tankcapaciteit in Rotterdam zouden verdelen. Ik wil benadrukken dat het afketsen van de fusie geen zaak is geweest van botsende ego's. Hoewel je tussen beide bedrijven natuurlijk wel cultuurverschillen aantreft. Samen hebben we met Van Ommeren zeven miljoen kubieke meter tankcapaciteit in de Rotterdamse haven. Dan lijkt het extra inleveren van 500.000 kubieke meter waarover we het eens moesten worden niet veel. Maar de Botlek is onze grootste terminal. Hadden we die moeten verkopen dan zouden we in Rotterdam 18 procent van onze bedrijfscapaciteit hebben moeten inleveren. Dat zou uit sociaal oogpunt, maar ook zakelijk binnen ons bedrijf als onaanvaardbaar worden beschouwd.”

Bent u toch niet te snel en lichtzinnig aan de fusieplannen met Van Ommeren begonnen?

“Als je fusieplannen hebt moet je die vanwege de strenge beursregels al in een vroegtijdig stadium aankondigen. Maar zo'n fusieproces is erg ingewikkeld. Dat hebben we ons bij beide bedrijven echt wel gerealiseerd.

Het gemakkelijkste van een fusie is de aankondiging. Moeilijker is het al om een fusie in de praktijk waar te maken. Maar het allerlastigste is te zorgen dat een fusie ook een succes wordt. Ik ben zeer teleurgesteld dat deze fusie niet doorgaat. Er is van beide kanten veel energie in gestoken.''

Hoe ziet de toekomst er uit voor Pakhoed zonder Van Ommeren?

“Je moet je realiseren dat beide bedrijven goed presteren en goed lopen. Een fusie is voor zowel Van Ommeren als Pakhoed geen absolute noodzaak om in de toekomst te kunnen overleven. We concentreren ons nu op andere oplossingen. Hoewel je die niet moet zoeken in nieuwe fusiepartners. Wat dat betreft zijn Van Ommeren en Pakhoed hele specifieke bedrijven waarvoor fusiepartners niet voor het oprapen liggen.”

Van Ommeren had de financiële armslag om te investeren in Pakhoed. Met name in de sector chemische distributie. Na de opvernames van Lambert Rivière en Univar door Pakhoed zou dit de grote moneymaker voor Vopak moeten worden. Van Ommeren was op zoek naar groei, Pakhoed op zoek naar geld. Beide bedrijven leken niet alleen qua bedrijfsactiviteiten maar ook op deze punten voor elkaar geschapen. Dan is het toch triest dat op een ogenschijnlijk futiel discussiepunt zo'n fusie afketst?

“We staan ook niet te juichen. Maar we hadden een niet onbelangrijk verschil van mening. Brussel staat daarbuiten. De eisen van de Europese Commissie voor afstoten van meer tankcapaciteit in Rotterdam waren in mijn ogen niet onredelijk.

Groei is voor Pakhoed van strategisch belang. Maar ik ben niet bang dat wanneer zich een interesante acquisitie voordoet op het terrein van chemische distributie, dat we niet over de financiële mogelijkheden zullen beschikken om die te realiseren.

We zijn een gezond en sterk bedrijf dat over voldoende kapitaal kan beschikken.''