De touroperator als koppelbaas

AMSTERDAM. Wie een avontuurlijke reis heeft geboekt, mag zich achter zijn oren krabben: hoe deskundig is de reisleider? De kans is groot dat iemand met een amateur op groepsavontuur gaat. In een krappe voorkamer in Amsterdam-West onthullen acht reisleiders het best bewaarde geheim van touroperators: ze brengen mensenlevens in gevaar.

Marcel, Wijnand, Edwin, Antje, Wilma, Anita, Anouschka en Muriël zijn leden van Harmattan - de vereniging van reisleiders die streeft naar professionalisering van hun vak. Liever geen achternamen. Er is een reisleider ontslagen nadat zijn werkgever ontdekt had dat deze lid van Harmattan is.

De vereniging is de schrik van menig reisorganisator: wantoestanden in de reiswereld mogen niet aan het licht komen. De toerist moet zich in veilige handen wanen.

Het beschermd avontuur is in de mode. Per groep vertrekken Nederlanders naar een exotische bestemming: Mexico/Guatemala, India, Nepal, Tibet, Sri Lanka, Zuid-Afrika. Ze willen met een vlot over woeste rivieren, per jeep tijgers bestuderen, slapen bij het volk in een rieten krot en de volgende nacht herstellen in een driesterren-hotel. Opwinding en sensatie onder leiding van, aldus de brochures, deskundige reis(bege)leiders.

Deskundig? De meeste reis(bege)leiders hebben niet eens een EHBO-diploma. Voorbeelden van amateurs in het vak vliegen door de Amsterdamse voorkamer. De leden van Harmattan kennen reisleiders die nauwelijks kaart kunnen lezen. Die geen benul hebben van plaatselijke gebruiken. Die een vrachtwagen moeten rijden, zonder dat ze over een groot rijbewijs beschikken. Die niet weten in welke baaien niet mag worden gezwommen - laat staan hoe te handelen wanneer een groepslid voor hun ogen verdrinkt.

“Er moet eerst, dankzij een onervaren reisleider, een groot ongeluk gebeuren, vóórdat het doordringt in Nederland”, zegt reisleider Marcel.

Ze worden tegenwoordig van de straat geplukt. Wie zin heeft om een reis te leiden, is welkom. Er zijn er die per telefoon direct worden aangenomen. Op hoop van zegen.

Leden van Harmattan ijveren voor een kwalificatie van alle reisleiders en voor betere werkomstandigheden. Hun lot verschilt weinig van dat van een illegaal. Contracten worden nauwelijks verschaft. Loonstrookjes zijn een curiositeit. Voor de werkdagen, die niet zelden veertien tot vijftien uur bedragen, wordt nauwelijks betaald: volgens de leden van Harmattan gemiddeld vijftig gulden netto per dag. Van dat bedrag moet het eten zelf betaald worden. Wegens de slechte betaling - sommigen doen het vrijwillig - komen goedwillende en reislustige amateurs op de markt van het avontuur.

Als klap op de vuurpijl menen touroperators dat hun reisleiders niet onder de Nederlandse wet vallen, maar onder die van het land waar de reisleider verblijft. Vandaar dat de arbeidstijdenwet en andere regels niet op hen van toepassing zouden zijn. Klopt dat? Het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid tast in het duister. Men bestudeert deze zaak.

Een arts die zijn vak zonder diploma uitoefent, haalt de krantenkoppen. Een schipper zonder opleiding wordt van de vaart gehaald. En wat te denken van een badmeester zonder zwemdiploma? In de reiswereld ligt dat wonderwel anders. Daar dragen onervaren reisleiders de verantwoordelijkheid voor een gezelschap op avontuur. Hoe dit bizarre fenomeen te verklaren? Komt het omdat Nederlanders niet op de hoogte zijn? Omdat ze dénken dat alles goed geregeld is, inclusief de rechtspositie van de reisleider? Omdat ze het wíllen denken? Of is de toerist medeplichtig? Het is bekend: Nederlanders willen voor een dubbeltje op de eerste rang zitten. Anders dan bijvoorbeeld Duitsers wensen Nederlanders voor hun comfortabele avontuur zo min mogelijk te betalen. En natuurlijk spelen touroperators een voorname rol. Die zijn in de ban van hun business met een moordende concurrentie en pijnlijk kleine winstmarges: 1,5 procent van de omzet. Hoe kan een touroperator op zo'n markt zijn personeel van een goede rechtspositie voorzien? Het ANVR, Algemeen Nederlands Verbond van Reisondernemingen, wil geen wantoestanden. ANVR is bezig de knelpunten te inventariseren. Maar dat kost tijd, terwijl de reisleiders van Harmattan haast hebben.

De reisleiders hebben hun hoop gevestigd op de klant. Moraal en ethiek zijn immers in de mode. Kinderarbeid mag niet, milieuvervuilende producten zijn uit de gratie, dus wie wil er met een uitgebuite en ondeskundige reisleider op stap?

De oplossing is simpel: een keurmerk voor reisbureaus die professionele en behoorlijk betaalde reisleiders in dienst hebben. Zo'n keurmerk - voor allerlei bedrijven - bestaat al in Engeland. Het is er een rage: IIP, Investors In People. Het IIP-keurmerk is bestemd voor bedrijven die goed met hun personeel omgaan. Die ervoor zorgen dat het personeel zich verder kan ontwikkelen en dat het goed (bij)geschoold wordt.

Op initiatief van het ministerie van Economische Zaken wordt met dit keurmerk geëxperimenteerd bij een kleine twintig bedrijven in Nederland. Een kans voor de touroperators, om zich aan te sluiten bij dit experiment. Dankzij een IIP-keurmerk kan de toerist kiezen of hij verantwoord en ethisch op reis gaat. Okay, de reis valt duurder uit: principes kosten geld. Of vervliegt de ethiek van de Nederlander in exotische oorden?