Europa aan vooravond landverhuizing kapitaal

ROTTERDAM, 24 JUNI. Nee, zonder een deel van de Nederlandse aandelen en obligaties te verkopen zal het niet lukken. M. Sanders, hoofd beleggingen bij het pensioenfonds van Gist-brocades (1,8 miljard gulden vermogen), dat nu voor 60 procent in Nederland is belegd, is een van de duizenden professionele geldbeheerders die moet overschakelen.

De euro komt en de grootste Nederlandse beleggers, de pensioenfondsen die samen 740 miljard gulden vermogen beheren, gaan hun beleggingsportefeuille drastisch reorganiseren. Hun traditionele voorliefde voor Nederlandse beleggingen, de munt waarin zij de pensioenen uitkeren, moet eraan geloven en dat brengt een gigantische landverhuizing van kapitaal door Europa op gang. Pensioenen in guldens worden pensioenen in euro's en de beleggingen volgen. Pensioengigant ABP (270 miljard gulden vermogen) gaat zijn “relatieve belang van Nederlandse beleggingen” terugbrengen. “In het vermogensbeheer van ABP wordt Europa gezien als thuismarkt”, zegt het fonds in zijn jaarverslag.

Verkopen van een deel van de Nederlandse effecten is voor het Gist-brocades fonds onontkoombaar. “Anders gaat het veel te langzaam”, zegt Sanders, die een extra expert aanneemt om de portefeuille met meer niet-Nederlandse Europese beleggingen te beheren.

Studies van bijvoorbeeld Merrill Lynch, een Amerikaanse zakenbank, en van vermogensbeheerder Robeco wijzen er op dat door de komst van de euro tientallen miljarden guldens beleggingskapitaal kunnen wegvloeien van de Amsterdamse aandelenmarkt naar andere Euro-markten.

De Nederlandse pensioenfondsen zijn in de toekomstige Europese en Monetaire Unie (EMU) een uniek fenomeen. De Nederlandse spaarpotten zijn zo rijkelijk gevuld, dat steeds meer kapitaal naar het buitenland stroomt, terwijl in de andere landen van de EU niemand zulke potente pensioenfondsen heeft, zodat er relatief weinig geld naar Nederland zal stromen als de professionele beleggers elders in Europa hun beleggingen gaan aanpassen.

Giganten als ABP en de pensioenbeheerders van verschillende grote ondernemingen zijn vorig jaar al begonnen met een herverkaveling van hun beleggingsgeld. “Wij studeren al een jaar of twee op het beleid dat wij dit jaar en volgend gaan uitvoeren”, zegt Sanders. “Ik heb zeker niet het idee dat wij achterlopen binnen de branche, of wij voorop lopen weet ik niet.”

De kapitaalverhuizing deed zich vorig jaar al voelen op de Amsterdamse effectenbeurs. “Opvallend was dat pensioenfondsen in tegenstelling tot voorgaande jaren gelden onttrokken aan de sterk presterende Nederlandse aandelenmarkt”, conludeerde de adviesfirma WM Company in zijn rapport over 1997 op basis van onderzoek bij 235 fondsen die samen de helft van de pensioenbeleggingen voor hun rekening nemen.

Een van de verkopers was het pensioenfonds van Unilever. “Wat Nederland betreft had dit mede als achtergrond een beweging naar een meer Europese aandelenportefeuille, een ontwikkeling die zich de komende jaren voort zal zetten, ook al in het licht van de EMU en Euro”, zo meldt het jaarverslag.

Ondanks de verkopen door pensioenfondsen had de Amsterdamse beurs vorig jaar een superjaar en dat sterkt optimisten in de financiële wereld dat de euro niet de nekslag zal zijn voor het Damrak. Zij verwachten extra vraag uit andere Europese landen van beleggingsfondsen, extra pensioenbesparingen uit landen als Frankrijk en Italië en van Amerikaanse beleggers die Europa voor het eerst als een geïntegreerde financiële markt gaan bestrijken.

Een cruciale factor wordt de houding van particuliere beleggers. Sanders verwoordt de indruk van velen in de financiële wereld dat de particulier nog jaren verknocht blijft aan de Amsterdamse beurs. “Ook al omdat Amsterdam een aantal echt Europese giganten heeft”, zegt een beurshandelaar. “Ahold, ABN Amro, ING, Akzo Nobel, Numico.”

Door de introductie van de euro hebben de beleggers een belangrijke onzekerheid in het Eurogebied minder: wijzigingen in de wisselkoersen zijn verdwenen. Dat heeft met name grote gevolgen voor de beleggingen in effecten met een vaste rente, zoals obligaties. Dat is nog altijd de belangrijkste categorie van beleggingen van de pensioenfondsen.

Ruim de helft van de 740 miljard gulden vermogen is geïnvesteerd in obligaties, onderhandse leningen en hypotheken. Het wisselkoersrisico is nu, door zijn invloed op de rentestanden in de verschillende landen, de belangrijkste onzekerheid voor beleggers in effecten met een vaste rente. Na het verdwijnen van het wisselkoersrisico zullen beleggers zich concentreren op de financiële kracht van de debiteur.

Extra risico betekent wel kans op extra rendement. Bij het Shell pensioenfonds droeg actieve handel in obligaties van zwakkere EMU-landen en van niet EMU-landen in Europa, zoals Engeland, bijvoorbeeld bij aan een rendement op de beleggingen met een vaste rente van 13 procent. Maar liefst vijf procentpunt hoger dan het gemiddelde pensioenfonds.

    • Menno Tamminga