The Economist

Hoe groter hoe mooier is een mantra die opnieuw in de mode is, om te beginnen in de bankwereld. De toekomst is aan de supergrote banken, met vertakkingen in de beursmakelaardij en het verzekeringswezen. Er is in die visie wel plaats voor kleine gespecialiseerde banken, maar alle andere zullen moeten uitkijken naar een goede partner.

Volgens The Economist lijkt het er echter op dat die visie op de fusie-manie minder scherp is dan het lijkt. Dat blijkt uit een recent onderzoek van Andersen Consulting naar de gegevens van Amerikaanse banken sinds 1995. Het bureau heeft de financiële gegevens van de banken herleid tot de uitgaven en inkomsten per cliënt.

Uit het onderzoek bleek dat de kleine banken in alle opzichten efficiënter werkten dan hun grote broers. Vorig jaar gaven de kleine banken twintig procent minder uit aan onkosten en leenvoorzieningen dan de grote. ook blijkt het niet waar te zijn dat grote banken voordeliger voor hun cliënten zijn omdat ze zoveel verschillende soorten financieel dienstbetoon in huis hebben.

SNL Securities, een Amerikaanse onderneming die handelt in financiële informatie, toetste de theorie dat overnames de prestaties van een onderneming gunstig beïnvloeden aan de praktijk van de Amerikaanse commerciële banken gedurende vijf jaar. Daaruit bleek dat er van de tien grote banken die de meeste overnames hadden gedaan niet een was die beter presteerde dan gemiddeld. In de groep van tien kleine banken die het meest deden aan fusies waren er vier die wel beter presteerden dan gemiddeld.

Het weekblad The Economist is verkrijgbaar in de kiosk. www.economist.com

    • Herman Frijlink