NS bevreesd voor uitsluiting op hogesnelheidslijn

ROTTERDAM, 22 JUNI. De Nederlandse Spoorwegen willen dat het binnenlands vervoer over de hogesnelheidslijn onderdeel blijft van het 'gewone' NS-vervoer over het intercity-net. Dat pleidooi is vervat in een brief aan de eerste kabinetsinformateur, Klaas de Vries. Daarin doen de spoorwegen tevens de suggestie een deel van de aandelen van de NS te verkopen om met de opbrengst ervan een mogelijk gat in de begroting van de hogesnelheidslijn te dekken.

Achtergrond van de brief, enkele weken geleden verstuurd, was de ongerustheid van de NS-top over de kabinetsplannen voor introductie van concurrentie op het spoor. Nadat een nota daarover enkele dagen voor de verkiezingen in de ministerraad was besproken, besloot het kabinet deze nota (De derde eeuw spoor) voorlopig niet uit te brengen. Daarop rees bij de NS de vrees dat de kwestie tijdens de formatie zou worden geregeld en er daarna vrijwel niet meer aan te veranderen zou zijn.

De hogesnelheidslijn van Schiphol naar Parijs is niet alleen bedoeld voor internationale treinen. Integendeel, NS Reizigers acht binnenlands vervoer over de hogesnelheidslijn (HSL) van groot commercieel belang. De reistijd tussen Amsterdam en Rotterdam kan er met ongeveer de helft door worden bekort. Het is echter niet duidelijk of NS Reizigers op die lijn mag rijden. Dat hangt onder meer af van het uiteindelijke model voor marktwerking en concurrentie in het spoorvervoer. Ook speelt een rol dat Verkeer en Waterstaat bedrijven zoekt die risicodragend willen participeren in het HSL-project. In de begroting voor de hogesnelheidslijn is 1,8 miljard gulden aan private financiering opgenomen. Bedrijven die dit bedrag of een deel daarvan voor hun rekening willen nemen hebben zich echter nog niet gemeld.

Omdat met de exploitatie van een spoorlijn alleen vrijwel niets is te verdienen, zoekt het ministerie naar mogelijkheden voor een package deal, waarbij lucratiever activiteiten worden gekoppeld aan de exploitatie van de spoorlijn. In advertenties in onder meer de Wall Street Journal en de Financial Times worden bedrijven opgeroepen met voorstellen te komen. De NS is bang dat daarbij ook het recht om binnenlands vervoer te verzorgen over de hogesnelheidslijn wordt vergeven.

Mocht het niet lukken private financiering te vinden, dan vertoont de begroting van het project een gat van 1,8 miljard gulden. In de brief van de informateur suggereert de NS een deel van de aandelen in de spoorwegmaatschappij te verkopen om met de opbrengst het gat in de begroting te dekken. Daardoor zou kunnen worden voorkomen dat de bouw vertraging oploopt en de winst op het vervoer erover pas later kan worden gerealiseerd. De NS-top verwacht dat het bedrijf in 2003 à 2005 zo'n zes miljard gulden waard is, zodat bij verkoop van een kwart tot een derde van de aandelen voldoende geld kan worden binnengehaald.