De stilte van consensusmilitair Kroon

Precies een week geleden trad luitenant-admiraal Lucas Kroon aan als chef defensiestaf. Een marineman en kunstliefhebber als hoogste Nederlandse militair. Een stille tacticus, geen 'pittoreske' maar ook geen saaie man.

Luuk Kroon is er de man niet naar met de vuist op tafel te slaan om zijn standpunten kracht bij te zetten. Van stemverheffingen of tirades moet hij niets hebben. Hij is niet de karikaturale houwdegen zoals bij voorbeeld Jack Nicholson die uitbeeldde in de film 'A few good men'. Van hapklare sound-bites of snedige one-liners moet hij ook niets hebben. Nee, de nieuwe chef defensiestaf (CDS) is geen man die regelmatig in vol ornaat zal opduiken in de society-rubriek van De Telegraaf - zoals zijn voorganger als bevelhebber der zeestrijdkrachten, Nico Buys, regelmatig deed. Luuk Kroon houdt het liever rustig en stil.

De stille schaker, wordt hij dan ook genoemd. Of de stille diplomaat, de stille strateeg, de stille tacticus ook. Maar stil was het, stil is het en stil zal het blijven rondom Kroon. Met een charmante glimlach en vaak keiharde en niet te weerleggen argumenten weet hij nagenoeg iedereen van zijn standpunt te overtuigen. Niet uit machtswellust, een drang om te scoren of zich te profileren. Wèl uit pure loyaliteit aan de krijgsmacht, de politiek en aan zijn eigen idealen. Sinds een week is hij chef defensiestaf, de hoogste functie binnen de krijgsmacht.

De nu 55-jarige Luuk Kroon werd op 13 december 1942 als Lucas Kroon geboren in Ridderkerk. Hij is de oudste in een gezin dat verder drie meisjes telde. Zijn middelbare-schooltijd bracht hij door op het Corderius Lyceum in Amersfoort waar hij gymnasium deed. Een vriendje van het gym bracht hem ertoe zich op te geven bij het Koninklijk Instituut voor de Marine (KIM) in Den Helder. In de zomer van 1961 begon hij er aan een carrière bij de marine. Jaargenoot Ko de Jager, tegenwoordig commandant zeemacht in het Caraïbisch gebied, herinnert zich Kroon vooral als een rustige, intelligente jongen. Geen opvallend type, toen al niet. Zijn toenmalige jaargenoten weten zich dan ook niet veel bijzonders te herinneren van Luuk Kroon. Vaak was hij verdiept in filosofisch getinte boeken waar zijn leeftijdgenoten niet in geïnteresseerd waren. Die waren veel aan het sporten en feesten. “Als wij de hele tent op zijn kop zetten, was hij er in ieder geval niet bij, dan had ik het wel geweten”, aldus De Jager. Maar als de boel echt dreigde te escaleren, was Kroon er weer om het bij te leggen. “De consensusman”, herinnert Bert Brand, een andere jaargenoot, zich. “Altijd op zoek naar het compromis”. Ook Harry Borghouts, tegenwoordig secretaris generaal op het ministerie van Justitie, zat in deze lichting van het KIM. Hij komt in zijn typering van Luuk Kroon evenmin verder dan 'een rustige jongen'. Borghouts: “Luuk was iemand die gewoon zijn gang ging. Hij had een goed stel hersens en gebruikte die ook. Ik weet nog dat hij geen uitblinker was in sport, hetgeen wel erg belangrijk werd gevonden toen.”

Veel van zijn jaargenoten hebben inmiddels de marine verlaten. Functioneel leeftijdsontslag, ofwel: te oud om nog in dienst te zijn. Laatbloeier Kroon plaatst aan het eind van zijn dienstperiode echter bijna terloops de kroon op zijn carrière door de functie van chef defensiestaf te aanvaarden.

Kroon heeft geen enkele behoefte aan image-building, weet generaal-majoor buiten dienst F. Cayaux van zijn vriend. Hij moet niets hebben van mannetjesmakerij. Liever opereert hij met grote precisie en dito tact op de achtergrond. Wel zo makkelijk voor de nieuwe minister van Defensie, die niet bang hoeft te zijn voor een opstandige luitenant-admiraal in de defensiestaf. “'Laat mij maar lekker werken in een klein achterafkamertje' hoor ik hem zeggen”, lacht Cayaux.

Mensen die Kroon niet zo goed kennen, interpreteren zijn stille manier van handelen nogal eens als onkunde, verlegenheid of zelfs als desinteresse. Ook zijn voorzichtigheid is legendarisch. Hoewel hij binnen de marine al jarenlang getipt werd als de nieuwe CDS, heeft hij zelf nooit gezegd dat hij het wel zou worden. Altijd een slag om de arm, berekenend. “Hij was zelfs zo voorzichtig, dat hij tegen me zei dat hij voor 98 procent zeker het weekend vrij zou zijn. Nooit voor de volle honderd procent”, vertelt Annie Kroon-Bouquet, sinds 1968 zijn echtgenote. “Maar hij is geen saaie man, hoor.”

Zo introvert als de chef defensiestaf is, zo uitbundig en extravert is zijn vrouw, dochter van een Franse landmachtgeneraal. Charmant, lacherig, eigengereid en spontaan als zij is, vormt zij volgens vrienden van het echtpaar een volmaakt koppel met de stille, integere en bescheiden Kroon. Zij is lerares Frans en klassieke talen op het Lycée Vincent van Gogh in Den Haag en, net als haar man, een fervent kunstliefhebber. Naarmate Kroon hoger opklom binnen Defensie, werd er stilzwijgend vanuit gegaan dat Annie Kroon zich zou aanpassen aan de mores die gelden voor vrouwen van hoge Defensie-ambtenaren. Maar wegens haar eigen baan en haar vliegangst kan zij haar man niet overal vergezellen. “We hebben allebei een eigen leven”, zegt ze.

Door haar werk - Annie Kroon vertaalt Nederlandse literatuur in het Frans - kwamen Kroon en zijn vrouw acht jaar geleden in contact met schrijfster Hella Haasse en haar echtgenoot. Inmiddels zijn beide echtparen goed bevriend. “We praten eigenlijk nooit over zijn werk. Luuk laat zich daar nooit over uit”, aldus de schrijfster. Hij heeft, zegt ze, zijn huidige functie aanvaard en zal die dan ook met de hem gebruikelijke loyaliteit vervullen. Met Haasse spreekt Kroon wèl regelmatig over literatuur, kunst en zijn passie voor antieke boeken - hij is een verzamelaar en loopt menig boekenmarkt af op zoek naar unieke, te restaureren exemplaren.

Maar Kroons rust, integriteit en stilte kunnen ook geïnterpreteerd worden als een façade. Zijn oude leermeester bij de defensiestaf, Cayaux, maakte vaak van Kroons diensten gebruik voor onderwijs aan de cursisten van de Hogere Defensieleergangen. Het doorgronden van Kroons karakter was voor Cayaux dé manier om het intellect van zijn cursisten te toetsen. Als Kroon weer eens een college had gegeven, stond Cayaux na afloop wat met zijn studenten te praten en informeerde dan terloops wat ze van “die bevelhebber” vonden. Bleef het bij “een stille, wat verlegen man, mist iedere vorm van charisma”, dan daalde de student in aanzien. Maar met een “rustig, maar hyperintelligent, da's een goeie” zat je goed. Cayaux heeft alle vertrouwen in de nieuwe CDS. “Ik ben zijn baas geweest bij de Defensiestaf, maar ik zou in oorlogstijd best onder hem willen dienen.”

De toets die Cayaux zijn cursisten oplegde, zou ook gebruikt kunnen worden voor het hele defensie-apparaat: doorzie je de handelswijze van Kroon, dan doorzie je de huidige structuur van de krijgsmacht. De afgelopen jaren is er binnen Defensie een heleboel veranderd. Met de val van de Muur en het einde van de Koude Oorlog, brak de tijd aan van bezuinigingen. Met de Prioriteitennota uit 1993, waarin grootschalige bezuinigingen werden aangekondigd, en de extra bezuiniging die daar in 1994 bovenop kwam, moest Defensie ook de eigen organisatie grondig herzien.

De politiek veranderde, de spelregels voor de 'vierde macht' werden stap voor stap aangepast, niet alleen op Defensie. Wat bij Justitie bijvoorbeeld resulteerde in het aanstellen van een super-pg, als schakel tussen het college van procureurs-generaal en de minister, leverde bij Defensie een opwaardering van de functie van chef defensiestaf op. De CDS werd meer dan voorheen de invloedrijke persoon tussen politiek en 'de troepen'. “In dat slimme spel is Kroon nu de stille schaker”, zegt Theo Dragt, directeur van het Centrum arbeidsverhoudingen en een persoonlijke vriend van Kroon. “Je moet als een spin in het spinnenweb zitten”, zegt oud-chef defensiestaf A. van der Vlis, “en dat kan 'ie”.

Kroon als een soort 'Docters van Leeuwen van Defensie'. Maar een opstand, zoals bij de pg's zou zijn geweest, is er uit de hoek van de CDS niet te verwachten. Daarvoor is zijn loyaliteit aan de krijgsmacht én aan de politiek te groot. Om zijn doel te bereiken, of om zijn gelijk te halen, koos Kroon nooit voor de soms zeer efficiënte 'sluipwegen' in de organisatie. Het woord lobbyen komt in het vocabulair van de CDS niet voor. Liever legt hij rustig en helder de verschillende standpunten uit, geeft hij de verschillende opties, beargumenteert hij waarom hij welke oplossing wel of niet goed vindt en wacht dan de beslissing af. “Als u het zo wilt hebben, met deze consequenties in acht genomen, dan kunt u het zo krijgen.” Dat is Kroon ten voeten uit.

Kroon had al snel door dat de winst hem zat in de 'vriendschappen met andere uniformen'. Hem zul je er niet zo snel op betrappen zijn eigen krijgsmachtdeel, bewust of onbewust, te bevoordelen, en dat heeft hem een hoop waardering opgeleverd de afgelopen jaren. Al vroeg had hij intensieve contacten met 'het Plein', defensiejargon voor het ministerie van Defensie, dat aan het Haagse Plein gevestigd is. In 1993 zwaaide hij af als varend marinier, na ruim 25 jaar commandofuncties op verschillende types schepen te hebben vervuld. Al in 1984 begon hij met plannen, eerst onder toenmalig sous-chef plannen defensiestaf Cayaux, vervolgens zelf als sous-chef en later als commandant der zeemacht en bevelhebber der zeestrijdkrachten.

“Luuk is iemand die vastberaden dwars door alle heilige huisjes in de Defensiestructuur heen gaat om de beste man op de beste plaats te krijgen”, zegt Van der Vlis, oud-CDS en “een landmachtman”. Kroon kijkt niet of er een zilveren of een gouden anker op iemands uniform zit, let niet op afkomst of evenredige vertegenwoordiging van de vier krijgsmachtdelen.

Zijn weinige vrije tijd besteedt Kroon aan zijn drie grote liefdes: zijn vrouw Annie, de kunst en het boekbinden. De vakanties brengt het kinderloze echtpaar door in Frankrijk, waar de Kronen “een piepklein boerderijtje in een dorpje met niet meer dan tien huizen” in de Cognac-streek hebben. “De Franse boeren zijn over het algemeen nogal voorzichtig en gesloten, maar Luuk kan het prima met hen vinden. Hij kan goed luisteren, maar ook uren praten over de wijn, de cognac, de mensen zelf. Hij is oprecht geïnteresseerd in de mensen en hun situaties”, zegt zijn vrouw. “Hij is dan misschien op het eerste gezicht geen pittoreske of groteske man, maar wel een bon-vivant, een bourgondieër en een levensgenieter die van een goed glas wijn houdt”.

In de schilderkunst gaat zijn voorkeur uit naar de impressionisten, ook antiek heeft zijn liefde. Daarnaast is hij een groot operaliefhebber. Oud-jaargenoot Bert Brand van de marine-academie, nu zelf beeldhouwer en tekenaar, wordt regelmatig gevraagd “hoe het er qua kunst mee staat”. Als Brand ergens exposeert met zijn abstract-figuratieve bronzen, dan zijn Luuk en Annie Kroon daar bij.

Samen met Kroon schreef Brand in 1971 een 'Hoe en wat op een mijnenveger voor beginners'. Kroon, toen de baas van Brand, leverde de teksten, Brand de cartoons. “Weer zo'n typisch idee van Kroon, die voor de nieuwelingen een handzaam boekje wilde hebben, om wat structuur in de opleiding te brengen”, aldus Brand.

De eerste dagen in zijn nieuwe functie waren voor Kroon meteen een vuurdoop van formaat. Vorige week maandag immers voerde de NAVO Operatie Determined Falcon uit om de Servische president Miloševic te laten zien dat de waarschuwingen inzake Kosovo zeer serieus bedoeld zijn. Als eerstverantwoordelijke militair voor de Nederlandse inbreng bij die actie was Kroon daar direct bij betrokken. Maar of het nu gaat om grootschalige operationele acties of om verdere bezuinigingen op Defensie - waar de onderhandelaars van Paars II nog steeds niet uit zijn - Luuk Kroon zal er geen nacht van wakker liggen. Rustig als altijd, helder analyserend, krachtig argumenterend en in zijn nieuwe functie ook de politiek adviserend zal hij het best haalbare eruit slepen voor 'zijn' krijgsmacht. Maar wel op stille wijze.

    • Egbert Kalse