De zaak van de Turk die een Palestijn was

ATHENE, 20 JUNI. Een week lang schreven de Griekse kranten over een verdachte 'Turk' die op Kreta was gearresteerd nadat hij twee Duitse toeristen had beroofd. Op hem werd onder andere een foto gevonden. Daarop prijkt hij op de voorgrond van wat een bosbrand op Corfu in augustus 1994 zou zijn geweest. Blijkens een van zijn vele paspoorten zou hij dat eiland twee dagen tevoren hebben betreden. Hij zou ook in verbinding staan met de uiterst rechtse Turkse organisatie de 'Grijze Wolven'.

De zaak is intussen doodgebloed. Het ging niet om een Turk maar om een Palestijn. De brandfoto betrof een vuilverbranding, zei hij zelf (“Ik neem honderden foto's”). Niettemin blijven de Grieken geloven dat veel van hun bosbranden - het seizoen is al weer begonnen op het eiland Andros - door Turken worden aangestoken. Heeft niet een echte leider van de Grijze Wolven, Haluk Kirzi, zich er eerder dit jaar op de Turkse televisie op beroemd met andere leden van zijn groep betrokken te zijn geweest bij bosbranden op een ander Grieks eiland, Rhodos?

De Griekse pers besteedt veel aandacht aan deze affaires als reactie op de stortvloed van aantijgingen waar de Turken weer heilig in geloven: dat in Griekenland aanhangers van de PKK, de Koerdische Arbeiderspartij die al jaren een guerrilla in Zuidoost-Turkije voert, een militaire training krijgen. Deze beschuldigingen, die al jarenlang steeds weer in de Turkse propaganda opduiken, werden vorige maand nieuw leven ingeblazen door de 'bekentenissen' van een gepakte PKK-leider, Semdin Sakik, bijgenaamd de 'vingerloze'. Deze werden gepubliceerd in het Turkse dagblad Hürriyet.

Nu zijn in Turkije afgelegde bekentenissen niet de best denkbare historische bron, hetgeen ook de Zweden beseften toen bleek dat de moord op Olaf Palme door Sakik voor de zoveelste maal aan de PKK werd toegeschreven, overigens zonder verdere details. Ongelukkig was wel dat Sakiks onthullingen leidden tot het ontslag van twee vooraanstaande Turkse journalisten, onder wie de altijd zeer objectieve Ali Birand. En nog ongelukkiger was dat Sakik Akin Birdal, de voorzitter van de Turkse vereniging voor mensenrechten, een “goede PKK'er” noemde - twee weken later een moordaanslag op Birdal gepleegd die bijna succesvol was.

De Griekse pers ziet achter de verklaringen van Sakik de lange arm van de MIT, de Turkse geheime dienst. Deze zou volgens recente verhalen in het Atheense dagblad Eleftherotypia (niet tegengesproken van Turkse zijde) ook op Griekse bodem actief zijn, compleet met aanslagen op en pogingen tot ontvoering van Koerden.

Elke keer dat, met bekentenissen als bron, Turkse meldingen kwamen over opleidingskampen in Griekenland ontbraken de geografische details waarmee men de beschuldigingen had kunnen staven. Met één uitzondering: deze winter werd een bepaald terrein op het Griekse eiland Evia met naam genoemd. De Griekse pers en televisie gingen er achterheen en spraken van een landgoed waar enkele Koerdische en Albanese landarbeiders hadden gewerkt.

Toch hebben de Grieken wel enkele redenen zich de Turkse beschuldigingen aan te trekken. Het syllogisme 'de vijanden van mijn vijanden zijn mijn vrienden' wordt op de PKK wel wat erg ongecompliceerd toegepast. Deze organisatie, die hier onder de Koerdische vluchtelingen verreweg het meest actief is, kan bij de doorsnee Griek geen kwaad doen. Berichten over onderdrukking en mishandeling van kleinere Koerdische groeperingen halen geen enkele grote krant. Men moet daarvoor terecht bij de kleine, voorheen euro-communistische Avgi. Afgevaardigden van de twee grote Griekse partijen die een bedevaart naar PKK-leider Abdullah Öcalan maakten, wonnen daarmee aan binnenlands prestige. Het enige artikel tegen deze leider dat ik in de Atheense pers aantrof was van Günter Walraff in het dagblad Exousia. Het is ook deze krant die waarschuwt voor “fouten” die Athene met betrekking tot de PKK maakt. Zo zou deze organisatie onlangs een kantoor in Athene hebben geopend, terwijl dit in andere Europese hoofdsteden (ook in Amsterdam) gebeurt onder de vlag van de ERNK, de politieke tak van deze beweging. De leidster van het bureau in Athene meldde het zelf, en de Griekse regering kwam pas na dagen met een ontkenning. Intussen had Ankara de wereld al kond gedaan van het schandalige feit.

De grootste zorg van de Grieken is het verschijnsel dat de Turkse beschuldigingen een gewillig oor vinden in Washington. Daar ziet men Athene nu al jaren als een zwakke schakel in de internationale strijd tegen het terrorisme, en Ankara haakt daar met enig succes op in. De Grieken hebben van hun kant de neiging de niet aflatende stroom van kleinere en soms grotere bomaanslagen op Amerikaanse doelen te bagatelliseren. Zo mag de sterk anti-Amerikaanse 'revolutionaire organisatie 17 november' nu al 23 jaar ongemoeid opereren.

    • F.G. van Hasselt