Windmolenmakers bespreken fusie

RHENEN, 19 JUNI. De Deense windturbinefabrikant Neg Micon voert overnamebesprekingen met NedWind in Rhenen. Beide bedrijven verwachten dit jaar een gezamenlijke omzet van 600 miljoen gulden; dat is ruim twintig procent van de wereldmarkt in windturbines. Na het Deense Vestas is Micon in omvang de tweede windmolenproducent ter wereld.

Bij NedWind, sinds 1987 onderdeel van Hollandia-Kloos, werken ruim honderd mensen. Volgens NedWind-directeur L. Schürmann zien de Denen mogelijkheden de omzet bij zijn bedrijf te laten toenemen van de huidige tachtig miljoen gulden naar 300 miljoen. Bij Micon werken 540 mensen.

De bundeling is onder meer van belang voor de ontwikkeling van off-shore windmolens. Projecten met windenergie op zee vergen een minimale investering van 150 miljoen gulden. Volgens Schürmann heeft windenergie op zee de toekomst, omdat daar voldoende wind is en er geen problemen zijn met horizonvervuiling. Op de Noordzee zou ruimte zijn voor een molenpark van zo'n 20.000 megawatt, wat een investering vergt van 50 miljard gulden.

De Denen zijn onder meer geïnteresseerd in de besturingstechniek van de Nederlandse molens. NedWind, marktleider in Nederland, verwacht dat de samenwerking meer kansen biedt voor de nieuwste turbines, die een vermogen van 1 megawatt hebben en een rotordiameter van 62 meter. In de loop van dit jaar zal de eerste molen van dit kaliber langs de kust in west-Nederland worden geplaatst.

Het windmolenpark in Nederland vertegenwoordigt nu een vermogen van 300 megawatt. Ruim de helft daarvan is geleverd door NedWind en Micon. Het Deense bedrijf heeft in het Noord-Hollandse Middenmeer een vestiging, vanwaaruit het onderhoud wordt verzorgd van de ruim 120 turbines die het bedrijf in Nederland heeft geplaatst.