Weer of nooit weer

Mij krijgen ze er niet meer naartoe. Niet naar Center Parks en niet naar Club Med en ook niet naar een ander kamp, nooit, never, nergens.

Ik wil geen betaalkralen om mijn nek en ik wil ook niet meedoen aan het cabaret. Ik wil niet dat ik zelf mag kiezen of ik de hele dag niets zal doen of dat ik m'n duikbrevet kan halen. Ik wil geen hek om het kamp en ik wil ook geen supermarkt waar alles is. Ik wil geen tropisch zwemparadijs en ik wil ook niet op de gemeenschappelijke parkeerplaats. Ik wil geen vanzelf brandend blok namaakhout. En ik wil ook niet dat er geteld wordt hoeveel van die blokken ik verbrand heb. Ik wil zeker geen gesloten tv-circuit waar je alles kunt nalezen. Ik wil geen hostess en geen 'plezierige dag nog'. Ik wil niet dat er iemand langs komt om te vragen of 'alles naar wens is?' Dat wil ik allemaal niet. En ik wil ook niet dat alles klaar ligt zoals beloofd in de brochure. Ik wil niet lopen over een geasfalteerd paadje met een bochtje erin. Omdat ik weet dat dat paadje door iemand verzonnen is. Dat dat paadje precies zo is aangelegd dat je net niet dat andere huisje kan zien. Dat dat paadje mij niet moet verneuken. Dat ze me allemaal niet moeten verneuken, met hun nep.

Dat ik daar hartstikke kwaad om ga worden. En dat 't me geen moer kan schelen dat de kinderen het er wél leuk hebben. Trouwens, moet jij eens opletten, hoe ze het dan niet leuk gaan hebben, als ik kwaad word. Voor vijfhonderd piek per week huur je in Frankrijk een fantastisch huis, man.

    • Hans Vos