Reservesoep

Op een heel koude dag hebben de mensen het koken op vuur bedacht. Voor koude landen was dat natuurlijk erg prettig, maar in warme landen vonden ze het ook geen slecht idee. Het voedsel werd makkelijker verteerbaar en alle smaken die diep binnenin vlees en groenten verstopt zaten konden opeens naar buiten. Vooral hete soep werd overal een succes. Maar ze gooiden de koude soep niet weg. Of je nu in Polen woonde of in Turkije, als het echt te warm werd had je altijd nog een bordje koude soep in reserve.

In Spanje werden ze helemaal koude soep-specialist. In het zuiden van het land maken ze in elke stad koude soep maar allemaal anders. Toch noemen ze hem hetzelfde: gazpacho. Niemand weet waarom. Soms is het ingewikkeld met van alles erin en erbovenop en moet je heel lang in de keuken staan. Maar in Cordoba doen ze het heel simpel omdat ze daar liever op het terras zitten met bier en amandelmelk. Komen ze thuis, maken ze vlug een bordje koude soep. Je begint met een teen knoflook met het heft van een mes heel plat te drukken. Die leg je alvast in een kom in de koelkast. Nu schil je een komkommer en haal je alle pitten eruit en snij je de rest in zo klein mogelijke dobbelstenen. Ook in de kom. Zout erover strooien en zwarte peper. Vier eetlepels lekkere olijfolie erover en roeren en deur weer dicht.

Bijna klaar, maar het is nog net geen soep. Dat wordt het wel door er dunne room over te gieten. Die stond al lekker koud klaar in de koelkast.

Stevige soep, zelfs in Spanje kunnen ze er geen heel bord van op, een kopje is al genoeg. Begin maar te oefenen, het wordt hier vast ook nog wel eens warm.

    • Philip Mechanicus