Iran en Amerika

PRESIDENT CLINTON wil een “oprechte verzoening” met Iran. Dat is geen verrassing gezien de gestage druk die sinds enkele jaren op de Amerikaanse regering wordt geoefend om een einde te maken aan de eenzijdige sancties die de VS Iran hebben opgelegd. Dat laatste gebeurde nadat aanhangers van ayatollah Khomeiny in 1979 de Amerikaanse ambassade in Teheran hadden bezet en de diplomaten daar in gijzeling hadden genomen, een toestand die 444 dagen zou duren.

Het Amerikaanse bedrijfsleven dat inmiddels herhaaldelijk de internationale concurrentie op de Iraanse markt heeft moeten laten voorgaan en de geostrategen die menen dat Amerika Iran nodig heeft bij de ontsluiting van de veelbelovende energiebronnen in het naburige Centraal-Azië, hebben de regering-Clinton nu overtuigd van de noodzaak van een herziening van het jarenlang volgehouden restrictieve beleid ten aanzien van Iran.

Een dergelijke ombuiging zou onmogelijk zijn geweest wanneer in Teheran nog steeds de zwartste reactie aan de macht was. Maar sinds de verkiezing van Khatami tot president is een bescheiden ontwikkeling ingezet naar liberalisering van de verhoudingen. Het beter opgeleide deel van de bevolking dat voorheen op de Amerikaanse cultuur was georiënteerd, profiteert daarvan. Om een opening te forceren verklaarde het Iraanse staatshoofd begin dit jaar in een vraaggesprek met CNN dat de Amerikaanse regering respect verdiende als weerspiegeling van “het grootse Amerikaanse volk”, dat was “beschadigd” door de gebeurtenissen van negentien jaar geleden. Het was het eerste in een reeks van gebaren over en weer die deze week culmineerde in een rede van Clinton. Dit voorlopig hoogtepunt zal worden verlengd met de wedstrijd tussen beide landen in het wereldkampioenschap voetbal komend weekeinde.

HET VOORNAAMSTE obstakel voor een vasthoudende Amerikaanse toenaderingspoging is de onzekerheid over de verhoudingen binnen Iran. Onder meer uit de aanklacht van fraude jegens de populaire burgemeester van Teheran, een aanhanger van de president, mag worden afgeleid dat de Iraanse 'dooi' zich nog in een precair stadium bevindt en dat de 'preciezen' rondom geestelijk leider Khamenei de 'rekkelijken' van Khatami aan een zeer korte teugel houden, die ieder gewenst moment kan worden aangetrokken. Bovendien was Khatami zelf een van de voormannen van de religieuze revolte van destijds. De vraag is of de man meer is dan een uithangbord om Iran op de wereldmarkt weer enigszins salonfähig te maken.

De Amerikanen zijn gestart met de voet op het rempedaal. Hun voorwaarde voor normalisering van de betrekkingen is een Iraanse verzekering dat een eind wordt gemaakt aan het door Iran geïnspireerde terrorisme en aan het Iraanse verzet tegen het vredesproces in het Midden-Oosten. Iran plaatst daar tegenover dat het nooit terrorisme heeft gesteund, dat de sancties moeten worden opgeheven en dat Amerika zijn excuses moet aanbieden voor zijn verkeerde politiek gedurende vijftig jaar. De Amerikanen denken aan de activiteiten van hezbollah in Libanon en de Palestijnse beweging Hamas, de Iraniërs aan het door de VS gesteunde regime van de sjah.

IN ZEKERE ZIN kan de breuk tussen beide landen worden herleid tot de Koude Oorlog. Speciaal de regering-Nixon had begin jaren zeventig van Iran een zwaar bewapende voorpost gemaakt in het turbulente Midden-Oosten. Nationalistische krachten van links en van rechts kwamen eind jaren zeventig in opstand tegen wat zij zagen als onderworpenheid aan een vreemde mogendheid. De ayatollahs zagen kans die revolutie naar hun hand te zetten. Het establishment was verslagen. Links voelde zich verraden. De exodus begon.

Toenadering tussen Iran en Amerika zal gevolgen hebben voor de toestand binnen Iran. Wellicht is dat de riskantste complicatie van een dergelijk experiment. De islamitische geestelijkheid is zeer voorzichtig begonnen aan een zekere ontspanning in eigen land. Maar normalisering van de betrekkingen met Amerika zal haar eigen dynamiek met zich meebrengen. De veer zal zich vermoedelijk niet geleidelijk ontspannen. De revolutie van 1979 was tenslotte een onvoltooide.