Bisschoppen lopen ontspannen rond in Rome

De Nederlandse katholieke kerk loopt nu meer in de pas met het Vaticaan, zo bleek de afgelopen dagen in Rome. Sommigen noemen dat gelijkschakeling, anderen zien het meer als het gelijkzetten van de horloges.

ROME, 19 JUNI. Nederland is voor het Vaticaan weer een gewoon land geworden, een klein land met problemen die je ook elders in het Westen vindt. De tijd van strenge vermaningen is voorbij. Het Vaticaan geeft goede raad en laat doorschemeren dat het zelf ook niet altijd het antwoord weet op het kernprobleem: de secularisatie.

Vandaag sluiten de Nederlandse bisschoppen hun vijfjaarlijkse ad limina bezoek van een week af. Het is lang geleden dat Nederlandse bisschoppen zo ontspannen in Rome hebben rondgelopen. Nog maar een paar jaar geleden zorgden de kritische opmerkingen vanuit de curie en de onderlinge meningsverschillen tusssen de Nederlandse bisschoppen voor voortdurende spanning. “Het is wel voorgekomen dat bisschoppen niet met elkaar door dezelfde deur naar binnen wilden gaan”, zegt een betrokkene die verscheidene bezoeken heeft meegemaakt. “Er was een soort loopgravenoorlog waardoor de bisschoppen elkaar soms niet helemaal vertrouwden.”

Die tijd lijkt voorbij. Sinds het vertrek van rechtsbuiten Gijsen en linksbuiten Bär in 1993 is de Nederlandse bisschoppenploeg meer een eenheid geworden. De jongere bisschoppen Muskens en Van Luyn trekken vaak wel een eigen koers, maar zij doen dat zonder het gezag van aartsbisschop Simonis, de voorzitter van de Nederlandse bisschoppenconferentie, ter discussie te stellen.

De Nederlandse katholieke kerk loopt nu meer in de pas met Rome. Sommigen noemen dat gelijkschakeling, anderen zien het meer als het gelijkzetten van de horloges. Feit is dat de argwanende blikken in Rome tot het verleden behoren. “Vroeger was de paus wel eens verwijtend”, zegt Simonis in een gesprek. “Dat was hij dit keer niet.”

Nederland is weer de zetel van net 0,5 procent van de katholieken in de wereld. Allang niet meer het land waar een op de zeven missionarissen vandaan kwam en daardoor wereldwijd een invloed had op de katholieke kerk die veel groter was dan de omvang van het land. Symbolisch daarvoor is dat het Vaticaan soms niet meer weet waar Nederland ligt. “Het gebeurt wel dat post voor de Nederlandse bisschoppen aankomt in Brussel”, zegt Joep Mourits, woordvoerder van de bisschoppenconferentie.

In zijn brief aan de Nederlandse bisschoppen doet paus Johannes Paulus II een aantal suggesties. Meer aandacht voor jongeren. Catechese niet alleen meer op school maar via het gezin en ook gericht op volwassenen. Versterking van het katholieke onderwijs en van het roepingenpastoraat. Speciale zorg voor de noden van priesters. Hernieuwde aandacht voor het sacrament van de biecht. Maar de ondertoon is de erkenning dat de problemen van de kerk in Nederland dezelfde zijn als die van de kerk in heel de Westerse wereld.

De paus steunt de lijn van dialoog en spiritualiteit die de bisschoppen als medicijn hebben gekozen. Maar of het werkt, nu de samenleving steeds meer seculier wordt? “Men zit met de handen in het haar”, zegt Simonis. “Je weet niet hoe dat zich gaat ontwikkelen. Het is een kwestie van een cultuuromslag, van een geweldige cultuurcrisis.” In zijn antwoord op de brief van de paus schreef hij dat Nederland ooit een land van kooplieden en dominees was. “Nu drukt vooral de koopman zijn stempel op de Nederlandse samenleving.”

Helemaal tevreden komen de bisschoppen niet terug. Muskens vindt het bijvoorbeeld jammer dat de paus de oecumene niet apart heeft genoemd. “Die hoort bij de dagelijkse werkelijkheid in Nederland.” Simonis herinnert aan de Nederlandse vrijheidsdrang die wortelt in de Tachtigjarige Oorlog tegen Spanje en aan “de moeite om gezag te aanvaarden”. Hij worstelt met de vraag: “Hoe leiding en gezag zo uit te oefenen dat ze ook aanvaard worden?” Ook het Vaticaan heeft niet meteen een antwoord klaar. Maar dat de problemen nu open op tafel komen, laat zien dat het wantrouwen binnen het Vaticaan jegens Nederland is verdwenen.

De Nederlandse bisschoppen zijn van plan een eigen brief te schrijven over de intercommunie, het gezamenlijke vieren van de eucharistie tussen katholieken en niet-katholieken waarbij ook de laatsten ter communie gaan. Bisschop Muskens zei dat de bisschoppen hierin een duidelijker beeld willen schetsen van de katholieke leer hierover.

Tegenover de bisschoppen is die gisteren in Rome nog eens onderstreept door kardinaal Cassidy, voorzitter van de Pauselijke Raad ter bevordering van de Eenheid van de Christenen. Kardinaal Simonis vatte dit als volgt samen: “De regels hierover zijn geloofsregels. Jezus vraagt een onvoorwaardelijk geloof in de gave van zijn lichaam. De kerk moet dat verdedigen.” Hij zei dat bisschoppen van geval tot geval kunnen bepalen dat niet-katholieken ter communie kunnen gaan, maar dat het niet mogelijk is hiertoe bepaalde categorieën of groepen mensen uit te nodigen. Het is altijd een persoonsgebonden besluit. Simonis bestreed dat katholieken en protestanten hierover ongeveer hetzelfde geloven. De Zuid-Afrikaanse bisschoppen staan een ruim beleid over intercommunie toe, maar Cassidy heeft tegen de Nederlandse bisschoppen gezegd dat zij zich niet hierop moeten inspireren en dat het Vaticaan de Zuid-Afrikaanse kerk wil corrigeren.

    • Marc Leijendekker