Zappend door het luchtruim

De meeste luchtreizigers prefereren hun laptop of de Herald Tribune boven een blik uit het vliegtuigraam. Ten onrechte, want de adembenemende landschappen twaalf kilometer beneden u zijn boeiender dan de meeste films die in de cabine worden vertoond. Eén blik naar buiten biedt in enkele seconden vele gigabytes aan informatie, de kunst is alleen ze te ontcijferen. Over het vliegtuigraam als ultieme multimediamachine.

Een van de meest bizarre verschijnselen van de laattwintigste-eeuwse Westerse samenleving is de rust rond incheckbalies voor vluchten die al over een uur of drie vertrekken. Vaak ben ik de enige, want verslaafd aan kijken uit vliegtuigraampjes. Dit is geen afwijking - de gekken zijn de miljoenen luchtreizigers die niet tot het uiterste gaan om tijdens elke vlucht aan een raam te zitten.

Op 12 april 1964 vloog ik (11) voor het eerst. Dankzij goede connecties mocht ik mee met een KLM-lesvlucht, per Dakota van Schiphol naar de Noordzee en weer terug. Uiteraard was ik gebiologeerd door de speelgoedwereld beneden, de patronen in het land, de levensgrote wolken. Maar anders dan bij de meesten nam deze belangstelling niet af, maar toe. Zelfs voor een triviale vlucht naar Londen meld ik me ten minste een half uur te vroeg, om maar zeker te zijn van een stoel aan een raam. Ook dan gaat dat niet vanzelf. Zeg je niets, dan kom je gegarandeerd aan een gangpad; vraag je om een stoel aan een raam, dan zit je gegarandeerd boven een vleugel. De instructie moet dus zijn: 'aan een raam en niet boven een vleugel'. Alleen op provincievliegvelden in ontwikkelingslanden wordt nog normaal op dat verzoek gereageerd. Overal elders produceert de grondstewardess een minzaam glimlachje en hoor ik haar denken: 'De stakker, ruim boven de veertig en nu pas voor het eerst de lucht in'. Het verzoek moet ook nog eens zacht worden uitgesproken om te verhinderen dat de omstanders zich ermee gaan bemoeien en je wordt uitgejouwd op je gang van incheckbalie naar douane.

De geroutineerde luchtreiziger waarvoor bijna ieder van ons wil doorgaan, prefereert een thriller of de Herald Tribune boven het landschap beneden. Dat luchtvaartmaatschappijen tot in den treure adverteren met het comfort van hun meubilair en de smaak van hun versnaperingen en nooit met de helderheid van hun raampjes, wijst ook in die richting. Vaak hoop ik dat al die lezende en laptoppende medereizigers zich vreselijk zitten te verbijten: dat ze dolgraag naar buiten zouden willen kijken, maar dat ze vrezen voor schade aan hun reputatie of zelfrespect. Realistischer is echter het vermoeden dat de bakermat van alle realiteit, de aarde, geen grote rol meer speelt als informatiebron voor de zappende en clickende Westerling.

Ken uw planeet! Vanuit een space shuttle mis je te veel details, tijdens een wandeling zit je er te dicht bovenop. Bezien vanuit een raamstoel is een vliegtuig de ultieme multimediamachine, zeker bij helder weer, en helemaal als er een film wordt vertoond. Dit keer is het Dante's Peak, een gedramatiseerde uiteenzetting over de bezwaren van vulkaanuitbarstingen voor de omwonenden. In een bioscoop was afkoeling alleen te verwachten geweest van de ijsverkoper in de pauze - nu draai ik mijn blik een kwart slag naar links en komt een zee vol ijsschotsen in beeld. Ineens maakt het mozaïek van wit en blauw plaats voor scherpe, dik besneeuwde, bergketens, onderbroken door grote, zwarte, onaangeraakte rotspartijen: de huiveringwekkend onherbergzame oostkust van Groenland. Op mijn schoot rust een krant met het laatste nieuws. Met minimale bewegingen, en in flitsen van secondes, kan ik nu zappen tussen projectie en werkelijkheid, woord en beeld, koptelefoon en stilte, krantenkoppen en de koppen om mij heen, herinneringen aan zonet op Schiphol en verwachtingen over straks in Toronto, tijd en ruimte, ijs en lava.

Kortom: net Internet of cd-rom, maar dan met meer dimensies, en met kotszak en zwemvest onder handbereik. Kom daar eens om bij een aardse pc. En de hoeveelheden beschikbare informatie zijn minstens zo groot, alleen al op het gekantelde beeldscherm naast mijn stoel. Eén vliegtuigraam Groenland bevat vele gigabytes aan informatie, het is alleen de kunst ze in te lezen. Dat wil niet best, valt rondom te zien. Naast het gros van de andere ramen wordt niet naar buiten gekeken, maar naar binnen: naar de naderende stewardess met een trolley vol opgewarmd plastic, of naar Pierce Brosnan die iets in zijn walkie talkie brult, terwijl honderden auto's vol huilende baby's en jankende huisdieren zich gelijktijdig schaars proberen te maken temidden van aanzwellende lavastromen - en terwijl twaalf kilometer lager adembenemende landschappen passeren.

Hoe halen we daar uit wat erin zit? Neem om te beginnen de maten op. Duw je hoofd tegen het kozijn, sluit een oog en zie met het andere hoe de begrenzing van de ruit over het landschap glijdt. Bij moderne straalvliegtuigen gaat dat met ongeveer 250 meter per seconde, en zo vallen nederzettingen, bossen en wegtrajecten vrij precies te meten. Ook nuttig: meet de afstand tussen twee markante punten, als schaalstok om kleinere objecten tegen afzetten. Behalve een oog heb je eigenlijk niets nodig.

Na de alpien aandoende oostkust blijken binnenland en westkust van Zuid-Groenland rijk aan platte, bolle bergen, gletsjers en, verrassend genoeg, rivieren. Nog merkwaardiger zijn de azuurblauwe meren. Mijn mental map van Groenland was altijd letterlijk wit, één grote sneeuw- en ijsmassa, en wordt nu in recordtempo ingevuld. Sneller zelfs dan mijn werkgeheugen aan kan, wat valt op te lossen door veel foto's te nemen en de les thuis voort te zetten. Zo kun je bij desoriëntatie vaststellen welke plaats je onder ogen hebt, of beter: hebt gehad.

De doorgewinterde vliegtuigraamkijker heeft altijd de juiste landkaarten onder handbereik, al hebben die vooral nut als je al een paar plaatsen hebt kunnen identificeren. Daarna trek je de lijn door, met of zonder potlood, en hoef je nauwelijks meer te verdwalen. Schrijf bij punten langs de lijn hoe laat je daar langs zal komen, zodat je boven wolkenvelden niet hoeft te verdwalen. Op een schaal van één op een miljoen doe je ongeveer vijftien centimeter in tien minuten. Voor het identificeren van nederzettingen is een grotere schaal nodig, 1:400.000 bijvoorbeeld. Zet de stoel van de passagier naast je in de achterste stand, vraag hem zijn glas bier boven zich in de lucht te houden, en vouw de kaart helemaal uit. Selecteer nu een opvallend verkeersknooppunt, spoorstation of stuwmeer in het terrein, en zoek op de kaart naar het corresponderende patroon. Door de kaart te oriënteren op de vliegrichting, gaat het beter, maar lastig blijft het. De snelheid waarmee je van schaal en van kaartsegment moet wisselen voor de optimale kansen, biedt alleen je mental map, de kaart in je hoofd. Waardeer die dus zoveel mogelijk op voor vertrek.

Boven een onbewolkt Londen had ik ooit de sensatie om me in een flits van St Paul's naar Westminster Abbey te kunnen verplaatsen, via de daken of gewoon over het trottoir, wat ter plekke een half uur lopen is. Kijkend uit een vliegtuig zie je onvermoede dimensies van de vaak voor triviaal versleten vraag waar je bent. Na een tussenstop op Heathrow werd het veel lastiger. Boven Dorset had ik een halve minuut om het huis van een kennis te lokaliseren. Veel sneller nog dan het vliegtuig vloog mijn blik over de heuvels en de heidevelden, bleef haken achter het patroon van tankbanen op een militair oefenterrein dat ik wist te liggen, was een seconde later in het dorpje Wool, waar ik ooit een lekke band had verwisseld en volgde vandaar een bekende route. Helaas verdween het reisdoel onder een vleugel toen ik er bijna was: een minitrauma dat spoedig werd uitgewist door de Isles of Scilly, als edelstenen flonkerend in de oceaan.

Dan is er de kwestie van links of rechts. Anderhalf jaar geleden had ik in Arizona geen tijd voor de befaamde Canyon de Chelly, met honderden meters hoge rotswanden en resten van eeuwenoude indianennederzettingen aan de voet daarvan. Terugvliegend naar de oostkust ging ik door de grond, voor zover dat in een vliegtuig lukt, toen de piloot omriep dat de canyon prachtig in beeld ging komen 'on our left hand side'. 'Hoezo, our? Their left hand side', siste ik in stilte, met zicht op een rij achterhoofden voor raampjes. Een minuut later keken vrijwel alle passagiers weer voor zich uit en dachten ze weer aan relaties, hypotheken, middellangetermijnplannen en pensioenregelingen, of sloegen ze weer aan het lezen. Dat mag, ook in een vliegtuig, maar eigenlijk alleen 's nachts boven zee. Wolken bevatten meestal minder nieuws dan kranten, maar de openingen zijn vaak informatiever.

INFORMATIE

Reserveren Soms is het mogelijk al bij het boeken een stoel te reserveren, bv op intercontinentale vluchten van de KLM (020-4747747). Fotograferen Aan licht doorgaans geen gebrek en er is weinig kans op bewegingsonscherpte. Daardoor valt te werken met zeer trage films met optimale detail- en contrastweergave, zoals Fujichrome Velvia en Kodachrome 25. Het naderhand reconstrueren van een vlucht en het identificeren van plaatsen wordt sterk vereenvoudigd door het noteren van tijdsintervallen tussen opnames. De meeste straalvliegtuigen doen ruim 15 km/min. Vooral verkeersknooppunten en combinaties van nederzettingen en rivieren laten zich vrij eenvoudig terugvinden op de kaart. Leg die dus vast als ze in beeld komen. Vraag in twijfelgevallen of fotograferen is toegestaan. Bij vluchten met niet-Westerse maatschappijen boven niet-Westerse landen zijn soms problemen te verwachten. Gespecialiseerde kaartenwinkels A la Carte, Utrechtsestraat 110-112, 1017 VS Amsterdam, tel 020-6274455 Pied à Terre, Singel 393, 1012 WN Amsterdam, tel 020-6274455 Jacob van Wijngaarden, Overtoom 136, 1054 HD Amsterdam, tel 020-6121901 Bever Boek en Kaart, Calandplein 4, 2521 AB Den Haag, tel 070-3885839 Interglobe, Vinkenburgstraat 7, 3512 AA Utrecht, tel 030-2340401 Stanfords International Map Centre, Long Acre 12-14, Londen, Engeland, tel 00441718361321, fax: 00441717301354 En verder Door te letten op o.a. de volgende zaken kunt u veel te weten komen over de sociale en fysische geografie van het gebied beneden u: - de stroomrichting van rivieren - verschil geïrrigeerd (groen) en ongeïrrigeerd land - getijdenzomen langs waterpartijen voor het onderscheid tussen zee- en andere kusten - hoogtelijnen waar die gemarkeerd zijn door een sneeuw- of vegetatiegrens - nederzettingsvormen (open of gesloten, wel of geen bebouwing langs uitvalswegen) - grens oude kern en recente bebouwing - grootteverschillen tussen nederzettingen (hoe groter de verschillen, hoe hoger over het algemeen de welstand van het hele gebied) - bosbouw (weinig hoogte- en kleurverschillen) of natuurlijk bos - klein- of grootschalige verkaveling van landbouwgrond - perceelsgrenzen - langs kustlijnen: de kleur van uitstromend water van rivieren (bruin water wijst vaak op ontbossing) - gelaagdheid (oude zeebodems), al dan niet geplooid, van bergwanden

    • Michiel Hegener