Vluchtelingenwerk trekt zich niets aan van berisping

Vluchtelingenwerk kan rekenen op strafvervolging zodra men opnieuw vervalste paspoorten voor asielzoekers betaalt. Het dreigement van justitie maakt weinig indruk op de organisatie.

DEN HAAG, 18 JUNI. Vluchtelingenwerk Nederland trekt zich voorlopig niets aan van de berisping van het openbaar ministerie. Het zal waar nodig asielzoekers blijven helpen bij de aanschaf van vervalste reisdocumenten.

Het standpunt van justitie dat Vluchtelingenwerk het voortaan niet meer moet wagen vervalste paspoorten voor asielzoekers te betalen, is op verkeerde uitgangspunten gestoeld, meent het bestuur van Vluchtelingenwerk Nederland. Desnoods stapt Vluchtelingenwerk naar de rechter om het gerezen conflict met justitie ten principale uit te vechten.

Gisteren werd bekend dat het openbaar ministerie in Zutphen Vluchtelingenwerk Apeldoorn zal vervolgen als de vluchtelingenorganisatie in de komende jaren opnieuw geld ter beschikking stelt voor de aankoop van vervalste paspoorten. Uit justitieel onderzoek is komen vast te staan dat Vluchtelingenwerk vervalste paspoorten heeft betaald voor gezinsleden van een aantal Iraakse asielzoekers. De gezinsleden zijn op deze vervalste paspoorten naar Nederland gereisd.

Het is de eerste keer dat justitie de vluchtelingenorganisatie met strafmaatregelen dreigt. De dreiging is niet zonder gewicht. Woordvoerder Eric Stolwijk van het landelijk openbaar ministerie bevestigt dat de top van het justitieel apparaat (de procureurs-generaal en het ministerie van Justitie) zich achter het besluit van het openbaar ministerie in Zutphen hebben geschaard.

Vluchtelingenwerk Nederland, de moederorganisatie van Vluchtelingenwerk Apeldoorn, lijkt zich van dit dreigement voorlopig weinig aan te trekken. Nol Vermolen, de jurist binnen het bestuur van Vluchtelingenwerk Nederland, zegt dat de organisatie in uiterste gevallen gewoon zal blijven doorgaan met de betaling van paspoorten die volgens justitie vervalst zijn. En wel om twee redenen. Ten eerste omdat vaak niet van echte vervalsing sprake is. En ten tweede omdat humanitaire nood soms zwaarder weegt dan wettelijke regels.

De documenten waarop gezinsleden van asielzoekers uit Noord-Irak naar Nederland reizen zijn niet per se vervalst, alswel afgegeven door politieke autoriteiten die door Nederland niet worden erkend, meent Vermolen. De Koerden uit Noord-Irak, de grootste groep asielzoekers in Nederland, krijgen de reisdocumenten van de niet erkende Koerdische autoriteiten. Het gaat hier dus niet om 'vervalste' maar om 'invalide' reisdocumenten. En die worden door Nederland in andere gevallen zeker niet als 'vervalst en dus strafbaar' afgedaan, aldus de redenering van het bestuurslid van Vluchtelingenwerk.

“De Nederlandse overheid heeft boter op het hoofd”, meent Vermolen. “Ze meet met twee maten.” Want in andere gevallen is Nederland wel bereid om asielzoekers op invalide of valse paspoorten de wereld over te laten reizen, constateert Vermolen. “Nederland stuurt bijvoorbeeld uitgeprocedeerde asielzoekers uit Noord-Somalië terug op reisdocumenten van de niet erkende autoriteiten van Somalië.”

In die gevallen waar wèl sprake is van daadwerkelijke vervalsingen is het volgens Vermolen nog maar de vraag of het menselijk belang niet zwaarder weegt dan het belang van de Nederlandse wet. “Als het gebruik van vervalste paspoorten het enige middel is om gezinsleden uit hun land te krijgen, kan de humanitaire nood prevaleren boven het belang van de Nederlandse staat.” Met andere woorden: nood breekt wet.

Vluchtelingenwerk bekijkt nu of het justitie alsnog moet dwingen vervolging in te stellen tegen de afdeling Apeldoorn. Het overweegt een klacht bij het gerechtshof tegen het besluit van het openbaar ministerie om de zaak voorwaardelijk te seponeren. Opdat de de rechter zich over deze twee kwesties kan uitspreken.

Vermolen wijst er nog fijntjes op dat de Nederlandse regering vervalsing van Iraakse paspoorten zelf in de hand heeft gewerkt. Tot voor kort konden gezinsleden van Iraakse asielzoekers bij de grens tussen Irak en Turkije een 'laissez-passer' krijgen (een soort van tijdelijk Nederlands paspoort) om daarop door te reizen naar Nederland. Vervalsingen waren onder die omstandigheden niet nodig.

Tegenwoordig moeten ze zich echter, om misbruik van de regeling voor gezinshereniging tegen te gaan, eerst melden bij de Nederlandse ambassade in Ankara alwaar ze zich grondig dienen te legitimeren. Daar de meeste gezinsleden uit Irak niet over door Nederland erkende reisdocumenten beschikken, worden ze vaak gedwongen vervalsingen aan te schaffen om daarmee op weg naar Ankara de grens tussen Irak en Turkije te kunnen passeren. “Vraag is dus of de Nederlandse overheid de vervalsingen van Iraakse paspoorten niet zelf in de hand werkt, of de staat daarom niet vervolgd dient te worden”, aldus Vermolen.

Het Diakonaal Fonds, de organisatie die asielzoekers financieel bijstaat bij pogingen om hun familieleden naar Nederland te halen, ziet in het besluit van het openbaar ministerie ook geen aanleiding zijn beleid aan te passen, vertelt Jacques Willemse van het fonds.

Het Diakonaal Fonds stelde vorig jaar 2,4 miljoen gulden ter beschikking om in totaal 2.400 gezinsleden van asielzoekers naar Nederland te halen. Hoeveel vervalste of invalide paspoorten daarvan zijn gekocht weet Willemse niet - wil hij ook niet weten. Vast staat volgens hem wel dat de meeste van de aangeschafte reisdocumenten valide waren.

Willemse over het dreigement van justitie: “In noodsituaties zullen we asielzoekers blijven helpen valse paspoorten aan te schaffen. Als een vrouw en een doodziek kind van een asielzoeker alleen maar op valse papieren naar Nederland kunnen komen, zullen wij die papieren betalen. Dan overtreden we inderdaad de wet, maar ik vind dat altijd nog een fatsoenlijkere overtreding dan te hard rijden.”

    • Geert van Asbeck