Opinie

    • Youp van ’t Hek

Mijn neef & ik

Voetbalmurw mag je het ook noemen. Alle tv's in ons ruime huis staan aan. Allemaal op voetbal. Wie tegen wie weten we niet altijd, maar ze staan aan.

Soms kijkt er iemand even. Hoeveel staat het? 1-0. Voor wie? Voor Chi. Tegen? Tegen Oos.

In de achtertuin wordt de WK nagespeeld. Vaste goals zijn de bank en de tuintafel. Tot de tien, bij de vijf wisselen. Twee tegen twee is het meest ideaal. Het veld is gauw vol. Veel mag. Je tegenstander herinneren aan zaken uit zijn privé-verleden mag zeker. 'Zuiplap' hoor ik veel en dat is inderdaad bitter en ver onder de gordel. Ik mag dan uithalen. Wij voetballen kaartloos onschorsbaar en stellen de regels voortdurend bij. Vooral bij 9-9.

Mijn zoontje wil, als altijd, Litmanen zijn. Maar die doet niet mee, leggen we hem uit. Hij wil toch. En Kluivert? Niemand wil Kluivert zijn. We zijn bij ons thuis al heel lang uitgekluivert. Snappen daarom ook niets van het autistische Adidas met zijn billboards. 100-0 voor Nike. Op Adidas ben je een nerd, een born loser, een harrie, een sukkel en meer van dat soort. Als je niet uitkijkt wordt Patrick een scheldwoord. Rijmde ooit op hattrick. Lang geleden. Hoe lang? Te lang. Jammer? Tuurlijk.

We nemen de kabelloze opstelling van zaterdag tegen Zuid-Korea door. Geen Winston, geen Michael, geen Edje en geen Clarence. Dat zal hard aankomen. Hoe hard? Als een Boeing op de Bijlmer.

    • Youp van ’t Hek