Japan moet nu belofte waarmaken

TOKIO, 18 JUNI. Nu is de Japanse regering aan zet. Zo luidde vanmorgen de reactie van Japanse analisten op de waardestijging van de yen na de gezamenlijke interventie van de Verenigde Staten en Japan. Met de koersstijging van de yen, en in het kielzog de beurskoersen in Tokio, is nog lang geen definitief punt gezet achter de eindeloos lijkende daling van de yen de afgelopen weken. De twee regeringen hebben duidelijk gemaakt dat zij een verdere daling onwenselijk achten, maar is er nog niets veranderd aan de onderliggende sombere economische situatie in Japan.

In ruil voor de Amerikaanse interventiesteun heeft de Japanse premier Ryutaro Hashimoto gisteren tijdens een telefoongesprek met president Clinton een aantal beloftes gedaan die langzamerhand als een bezweringsformule klinken: stabilisering van het Japanse financiële stelsel, economische groei door vergroting van de binnenlandse vraag, en deregulering en opening van de Japanse markt. De Japanners hebben al vaker vergelijkbare aankondigingen gedaan. Wat zal dit keer de waarde van deze beloftes blijken te zijn? Het snel en adequaat beantwoorden van deze vraag is de zet van de regering waarop eerder genoemde analisten en de Amerikaanse regering nu wachten.

Dit weekeinde komt voor de Japanse regering de mogelijkheid de wereld duidelijk te maken hoe daadkrachtig zij is. Komende zaterdag is in Tokio een speciale vergadering belegd van de vice-ministers van Financiën van de G7 en elf Aziatische landen, zoals China, Zuid-Korea en de Zuidoost-Aziatische landen. Ook zullen vertegenwoordigers aanzitten van het Internationale Monetaire Fonds, dat tientallen miljarden dollars heeft geleend aan Zuid-Korea, Thailand en Indonesië om de landen uit hun financiële crisis te redden. Op de agenda staat natuurlijk de economische situatie in de regio.

De Japanse minister van Financiën, Hikaru Matsunaga, kondigde vandaag alvast aan dat hij op deze vergadering de maatregelen wil uitleggen die Japan in gedachten heeft voor het oplossen van het probleem van de 'slechte leningen' in de financiële sector. In Hashimoto's beloften aan Clinton aangaande stabilisering van de financiële sector staat een “snelle sanering” van deze leningen centraal. Deze leningen van de banken, en de ondoorzichtigheid die dit probleem omgeeft, zijn de oorzaak van het gebrekkige internationale vertrouwen in de Japanse banken.

Terugkomend op de waarde van de Japanse beloften is er een duidelijk verschil te constateren met eerdere mooie verklaringen over hervormingen. De basis van de beloften ligt dit keer niet in 'vage principes' van vrijhandel en ligt ook niet in Amerikaanse druk over wederkerigheid van economische voordelen. Japan heeft een reeks beloften gedaan in ruil voor harde Amerikaanse dollars.

“Onze interventie had plaats in de context van hun plannen, die twee zijn nauw met elkaar verbonden”, zoals de Amerikaanse minister van Financiën, Robert Rubin, het formuleerde. Natuurlijk speelt aan Amerikaanse zijde ook eigenbelang een rol, maar het is Japan dat beloften heeft moeten doen en dat toont duidelijk de machtsverhoudingen.

Daarnaast hebben Amerikaanse functionarissen aangegeven dat de vrees voor een Chinese devaluatie een grote rol heeft gespeeld in het besluit tot de huidige interventie. Vanwege de steeds goedkoper wordende yen hebben de Chinezen hierop deze week openlijk gezinspeeld. Mocht Japan zijn beloften dus niet nakomen dan zal het naast de VS ook China tegenover zich vinden. Het toeval wil dat president Clinton komende week Peking bezoekt, in gezelschap van zijn minister van Financiën.

    • Hans van der Lugt