Grachtentuinen opengesteld; Gluren in andermans tuin

Gelegaliseerd voyeurisme zou je het kunnen noemen, het bekijken van andermans tuin. Misschien is dat wat overdreven, maar het valt niet te ontkennen dat het bezoeken van tuinen die normaliter gesloten zijn spannender is dan het rondwandelen door een tuin waarvoor je een seizoenkaart kunt kopen.

Als kind klom je over een schutting of kroop je door een gat in het gaas. Als volwassene word je lid van een tuinclub en nodigt de eigenaar van een tuin je op een beschaafde manier uit om zijn of haar geheim met jou te delen.

De tuinen van de Amsterdamse grachtengordel zijn misschien het best bewaarde geheim van de stad. Wie langs een gracht loopt, beseft meestal niet dat zich achter de gevels diepe tuinen bevinden, die samen grote groene blokken vormen, omsloten door grachten en dwarsgrachten. De doorsnee grachtentuin is 6 of 7 meter breed en twintig meter diep, maar soms is deze ruimte geheel of gedeeltelijk gevuld met allerlei aanbouwsels.

Om te inventariseren wat er nog van de 17de- en 18de-eeuwse tuinen over is en om dat te restaureren en te behouden, is in 1992 de Stichting 'De Amsterdamse Grachtentuin' opgericht. Onder auspiciën van de Stichting worden in het komende weekeinde circa 25 grachtentuinen voor het publiek opengesteld, onder het motto 'De Grachtentuin in Bloei'. Die bloei moet u niet al te letterlijk nemen, want wat als eerste opvalt als je zo'n tuin binnenstapt, is de overweldigende hoeveelheid blad, in ontelbare schakeringen van groen. Magnolia's, goudenregens, rijzige beuken en kastanjes filteren het licht en scheppen de juiste groeiomstandigheden voor hosta's, varens en andere bladplanten. Wat er nu precies groeit en of dat botanisch gezien interessant is, doet er niet toe; het gaat in deze tuinen om de sfeer en om de weldadige rust. De verrassing is des te groter, omdat je aan de voorkant van het huis niet beseft wat je aan de achterkant te wachten staat; vanuit het stadslawaai stap je een lange koele gang binnen, want grachtenhuizen kennen geen achterom. De gang leidt naar de tuinkamer, of naar de keuken. De entree is vaak al de moeite waard; ik heb een paar van de open te stellen tuinen bezocht en op weg naar de tuin kwam ik door een keuken die zeker zo mooi was als de keukens van de poppenhuizen in het Rijksmuseum.

Vanuit het huis stap je een tuin binnen, waarin geen enkel geluid uit de stad meer doordringt en waarin vogels overdreven kwinkeleren, als in een hoorspel. En niet alleen stadsvogels, zoals spreeuwen en mussen. Ook de putter, het goudhaantje, de spotvogel en de sperwer horen tot de broedvogels van de Amsterdamse grachtentuin. En natuurlijk de halsbandparkiet, als profiteur van het stedelijke microklimaat. Datzelfde microklimaat is het geheim achter de weelderige groei van vijgen en moerbeien - vruchtbomen die het 's winters buiten de stad soms te kwaad krijgen.

Vorig jaar trok het evenement 'De Grachtentuin in Bloei' ongeveer 7.000 bezoekers. Dat leverde een vrolijk beeld op van tuinbezoekers die, met een knalrood passepartout in de hand, de grachtengordel bevolkten. Dit jaar wordt er een proef genomen met een salonbootje - een uitkomst voor tuinliefhebbers die slecht ter been zijn. Maar ook geoefende wandelaars doen er, lijkt mij, goed aan niet alle opengestelde tuinen te bezoeken. Het is geen Vijfentwintigtuinentocht, met stempels en medailles.

Het geld dat de tuinopenstellingen genereren, wordt door de Stichting 'De Amsterdamse Grachtentuin' onder meer gebruikt om boeken te publiceren waarin alle Amsterdamse grachtentuinen worden beschreven, ongeacht het feit of ze een monumentaal 17de-eeuws tuinhuis bevatten of een gammel kippenhok. Bladerend in het vorig jaar veschenen 1e deel bekroop mij hetzelfde gevoel dat het bezoek aan deze tuinen oproept: het gevoel deelgenoot te worden van een geheim.

INFORMATIE

De Grachtentuin in Bloei, Open Tuinen Dagen op 19, 20 en 21 juni. Openingstijden: 10-17u. Passepartout ƒ 15, te verkrijgen bij de ingang van alle deelnemende panden, te herkennen aan de rode affiches aan de gevel. Mogelijke startadressen: Bij de Raadhuisstraat: Het Theaterinstituut, Herengracht 168. Bij de Vijzelstraat: Keizersgracht 617. Bij de Utrechtsestraat: Keizersgracht 697. Bij de Amstel: Museum Willet Holthuysen, Herengracht 605.

Op de passepartout staan alle adressen vermeld, met een korte beschrijving. De meeste tuinen zijn wegens de vele stoepen en trapjes niet toegankelijk voor rolstoelgebruikers. Kinderwagens en honden kunnen niet worden toegelaten. Boek: 'Amsterdamse Grachtentuinen Keizersgracht. Inventarisatie van alle tuinen aan de Keizersgracht'. Uitg. Waanders ƒ 75 ISBN 90 400 9969 3

    • Romke van de Kaa