De duivel is een vrouw bij The Wooster Group

Voorstelling: House/Lights door The Wooster Group. Regie: Liz LeCompte; decor: Jim Findlay; muziek: Hans Peter Kuhn; geluid: 'JJ' Johnson, John Collins; video: Philip Bussmann; spel: Kate Valk, Peyton Smith, Roy Faudree, Ari Fliakos, e.a. Gezien: 17/6 Theater Bellevue Amsterdam. Aldaar t/m 20/6. Inl. (020) 621 12 11/530 53 01.

De tekst heeft zelden prioriteit in de voorstellingen van de New-Yorkse Wooster Group. Een uitzondering is The Hairy Ape waarmee het Holland Festival vorige week opende: een Woosterproductie gebaseerd op de gelijknamige integrale toneeltekst van Eugene O'Neill uit 1922. Maar naam heeft het experimentele theater van regisseur Elizabeth LeCompte toch vooral gemaakt met de zogenaamde collagevoorstellingen waarin beeld en geluid minstens zo belangrijk zijn als de voor de gelegenheid gebruikte en naar eigen inzicht gemonteerde tekstfragmenten.

House/Lights, de tweede voorstelling van The Wooster Group die op het Holland Festival is te zien, is zo'n typerende montagevoorstelling waar de groep patent op heeft. De grondslag vormen ditmaal een feministische opera van Gertrude Stein uit 1939, Dr. Faustus Lights the Lights, en de lesbische cultfilm Olga's House of Shame uit 1964. De opera en film krijgen we gedeeltelijk en in brokstukken gepresenteerd, het doel is dat ze elkaar aanvullen en spiegelen want Liz LeCompte en de zeven acteurs die aan de voorstelling meewerken hebben er thematische parallellen in herkend.

House/Lights gaat over vrouwelijke verleidingskunst, over macht en onderwerping met als leidraad het verhaal van Faust die zijn ziel aan Mefisto verkoopt. In navolging van Steins opera worden in de voorstelling de duivel en zijn handlanger als vrouwen voorgesteld en in de film duiken ze op in de gedaanten van Olga, de leidster van een vrouwenbende die zich in sm-rituelen specialiseert, en Elaine, Olga's voornaamste slachtoffer.

Op het toneel zien en horen we zoveel mogelijk tegelijkertijd. Televisie-monitoren vertonen zwart-witbeelden uit de film van gedeeltelijk ontklede vrouwen die elkaar in bos en veld achtervolgen, culminerend in sm-genot op de elektrische stoel, terwijl we live vergelijkbare scènes zien met een hitsige duivelin (Peyton Smith) met horentjes en een rijzweep die een vrouwelijke Dr. Faustus (Kate Valk) op de hielen zit. De daarmee gepaard gaande geluiden die de muziek overstemmen - het gehijg, gesjor en gerommel aan andermans lijf - worden versterkt door microfoons en dat heeft wel een komisch effect.

De vrouwen hebben karikakturale heup- en bilpartijen en Kate Valk praat met een mechanisch vervormd kindstemmetje. Ze lijkt een figuurtje uit een Hollywoodstrip. De voorstelling is een komedie met invloeden uit de Amerikaanse amusementsindustrie, getuige de dansjes en de muziek, van klassiek tot flarden uit films en musicals. Toch is het geen uitbundige voorstelling, als de trucs hun epaterende werking hebben gehad begint het geheel vermoeiend en langdradig te worden.

De repeterende zinnen van Gertrude Stein zijn vaak moeilijk te volgen, alsook de gedachtengang achter deze productie. Ieder kan er zijn eigen verbeelding op loslaten maar al gauw is het dan toch de vorm van de voorstelling die de inhoud overspeelt. De techniek leidt een eigen leven. De acteurs bevinden zich in een zwart, vaak schaars verlicht decor van stalen buizen, verrijdbare stellages, kantelende loopplanken, bewegende monitoren, zwenkende lampen; ze spreken in microfoons en ze verschijnen close up op televisie - dat is allemaal mooi maar nu de schok van het nieuwe er wel af is vraag je je af wat al die poespas eigenlijk oplevert.

    • Noor Hellmann