Consument: bevorder concurrentie tankstations

DEN HAAG, 18 JUNI.De Consumentenbond wil intensivering van de concurrentie tussen benzinestations. Dat zei woordvoerder De Ridder gisteren op een hoorzitting in Den Haag over kabinetsplannen om de prijsconcurrentie op de benzinemarkt te bevorderen. Volgens hem valt er nu “niets te kiezen” voor automobilisten die langs de rijkswegen willen tanken.

Bij een recent bezoek van de bond aan 22 pompstations langs de snelwegen bleek dat er 19 dezelfde prijs voor de benzinesoort Euro loodvrij hanteerden en dat drie stations een hogere prijs vroegen. “Dat de consument niet geïnteresseerd is in prijsconcurrentie klopt volgens onze ervaring niet. Laat men het maar eens proberen met lagere prijzen”, aldus De Ridder.

Dat bleek niet de opvatting van vertegenwoordiger Jaap Meinema van oliemaatschappij Texaco. De Nederlandse automobilist zit zijns inziens niet te wachten op een korting van 2 cent op de benzineprijs, maar is vooral geïnteresseerd in spaarsystemen om een voordelig koffiezetapparaat of een handdoek aan te schaffen.

De hoorzitting leverde een regen van kritiek op van de oliemaatschappijen op de werkgroep Benzinemarkt die minister Wijers (Economische Zaken) heeft ingesteld. Vooral het feit dat de marktpartijen pas gehoord worden nadat het kabinet de voorstellen van de werkgroep had overgenomen, zat ze dwars. De oliemaatschappijen zeggen meer marktwerking en concurrentie te omarmen, maar ze wezen een aantal voorstellen van de commissie in felle bewoordingen af, zoals beperking van de duur van vergunningen voor tankstations langs de rijkswegen. Nu zijn die voor onbepaalde tijd verleend. In het nieuwe beleid zou de werkingsduur worden beperkt tot 10 à 15 jaar, waarna ze via een veiling worden herverdeeld. Als enige van de grote oliemaatschappijen stemde de nieuwe combinatie British Petroleum-Mobil Oil daarmee in.

Een veiling van nieuwe vergunningen kreeg van de meeste partijen wel instemming, maar het hanteren van ongelijke voorwaarden om daaraan mee te doen niet. De werkgroep Benzinemarkt en het kabinet willen nieuwe marktpartijen een betere kans geven om stations te bemachtigen, door “asymmetrische voorwaarden” voor de veiling te stellen. Zo zouden partijen die al een aantal stations langs de rijkswegen in handen hebben niet mogen meedingen naar nieuwe vergunningen. De meeste gevestigde partijen op de brandstoffenmarkt zijn daar fel op tegen. Ze achten zo'n maatregel in strijd met de Europese en Nederlandse mededingingsregels.

NOVE, de organisatie van onafhankelijke brandstoffenbedrijven (niet gelieerd aan grote olieconcerns), stemde er wel mee in, maar waarschuwde dat een veilingsysteem de kosten voor het verkrijgen van concessies enorm kan opdrijven.

De organisatie van particuliere pomphouders BETA verwacht dat “geforceerde” prijsconcurrentie langs de rijkswegen leidt tot koude sanering onder onafhankelijke brandstoffenverkopers in de rest van het land. De gemiddelde winstmarge op benzine is volgens BETA-secretaris Schuitema slechts ruim 2 cent per liter. Wordt die marge beperkt, dan zal een aantal kleine ondernemers het niet bolwerken en kunnen hun stations weer aan de grote oliemaatschappijen toevallen. Dat zou lijnrecht ingaan tegen het streven van Wijers meer aanbieders en price-fighters op de benzinemarkt te krijgen.