Academicus en overheid

Als we het artikel van 15 juni mogen geloven ('Een beetje academicus mijdt overheid') willen vandaag de dag steeds minder mensen ambtenaar worden. Slechte arbeidsvoorwaarden ten opzichte van het bedrijfsleven en een serieus imagoprobleem van de overheid zouden oorzaken zijn van de geringe populariteit van 's lands grootste werkgever.

Ik denk dat het allemaal wel meevalt. Mijn ervaring is dat er weinig verschillen zijn tussen salarissen van starters in het bedrijfsleven en de overheid. De kloof ontstaat pas na enkele jaren, in hogere functies. Natuurlijk bonussen en optieregelingen maken het bedrijfsleven aantrekkelijk, maar ik heb van jonge ambtenaren begrepen dat ze voor andere dingen komen. De keuze voor wel of geen overheidsbetrekking hangt echt niet af van centen alleen. Velen hebben bewust gekozen voor de overheid, zijn trots op hun veelzijdige baan, 'kicken' op het spanningsveld met de politiek en zien het als een uitdaging om samen met andere betrokkenen het maatschappelijk beleid vorm te geven.

Maar er is ook een keerzijde. Starters bij de overheid moeten vechten tegen de bureaucratie en de vaak verstarde cultuur. Het zou juist een uitdaging voor de overheid moeten zijn hier iets aan te doen, voordat de self-fullfilling-prophecy zijn werk doet en de academicus inderdaad de overheid gaat mijden. De eerste goede tekenen zijn er al. Eind dit jaar reikt onze stichting een prijs uit aan de organisatie in het publieke domein die het beste investeert in starters en vernieuwing. Onder de aanmeldingen zijn tal van overheidsorganisaties.