Pam Emmeriks zwartgallige kijk op wereld

Tentoonstellingen: Zwart spuug en andere tekeningen. Pam Emmerik en haar keuze van fotografie. T/m 20 juni, Loerakker Galerie Keizersgracht 380, Amsterdam. Wo t/m za, 13-17.30 u.

Gijs Assmann, Pam Emmerik, Piek Sijbring. T/m 20 juni, Galerie Rob de Vries, Spaarndammerstraat 47, Haarlem. Do t/m zo, 13-17.00 u

Uitgeput, en met zijn voeten naar binnen gekeerd, staat Sinterklaas voorover gebukt op zijn trouwe schimmel. Hij is zojuist verkracht. Verloren ligt zijn mijter op de grond. Het liturgisch gewaad is zover opgestroopt dat je wel tegen z'n schaamtelijk blote billen en benen aan móet kijken.

Sinterklaas genaaid door holocaustontkenners is een tekening van Pam Emmerik (1964) op de tentoonstelling 'Zwart spuug en andere tekeningen', in de Loerakker Galerie in Amsterdam. Op de gelijktijdige groepsexpositie in Galerie Rob de Vries in Haarlem toont ze een ander werk onder hetzelfde opschrift. Ditmaal staan er vijf gemaskerde, Klu Klux Clan-achtige daders achter de als een pudding in elkaar gezakte Sinterklaas.

In een ongelovige wereld waarin alle heilige huisjes omver worden geschopt is de verkrachting van de Goed Heilig Man een niet eens zo ver gezocht onderwerp. Emmerik maakt zieke tekeningen. Net zo ziek als de beschreven gebeurtenissen in haar verhalenbundel Soms feest, die vorig jaar uitkwam en genomineerd is voor de Debuutprijs 1998. In de uit de losse pols gemaakte, beetje lelijke inkt-tekeningen en gouaches moet de schoonheid het afleggen tegen de daad die zij wil verrichten.

Want Emmerik is boos. Geobsedeerd door het seksuele en het slechte, probeert ze de verziekte wereld te verklaren. Met (zwartgallige) humor, dat wel. Zoals Zelfportret met afrolook & flauwe notie van black attitude waarop een zwarte vrouw met haar bokshandschoenen in de aanslag staat, of het portret van de Misselijke neger waarbij het braaksel rond zijn mond hangt, en De dag dat het been van Adolf Hitler in een aubergine veranderde waarop een been van Hitler ook werkelijk in een aubergine verandert.

In een van Emmeriks kunstbeschouwingen begin mei in deze krant over gruwelijkheden als onderwerp in de kunst, gaat ze in op het verantwoordelijkheidsgevoel van de kunstenaar: “Hoe dichter een kunstenaar de werkelijkheid op de huid zit, des te groter zou ook zijn of haar verantwoordelijkheid moeten zijn. Niet voor de werkelijkheid, maar wel voor zijn visie erop.” Maar wat je zegt, ben je zelf. Niet dat ze in het artikel aan haar eigen kunst refereert; het gaat over Ronald Ophuis, Saskia van Rijnswou en anderen. Waar Emmerik anderen beticht van dader-kunst vol special effects, kun je haar dit, met een beetje slechte wil, zelf óók verwijten: seks om de seks, kots om het kotsen en geweld om het geweld.

Het zijn de ironische maar toch ernstige one-liners die haar tekeningen in dat opzicht redden. Hieruit blijkt haar besef van de complexiteit van de gruwelijkheden van het leven, de schaamte en het verdriet - een gebrek aan zo'n besef in het werk van andere kunstenaars beschrijft Emmerik in haar artikel als een vorm van zinloos geweld. Vooral in de laatst gemaakte gouaches zonder opschriften, waarbij het alleen om het beeld gaat, realiseer je je de kracht ervan. Zoals de afgebeelde romp van een man waarvan de enorme lange lul op zo'n manier boven z'n gele onderbroekje is gekronkeld alsof het zijn darmen betreft. Het is de obsessie die dan over blijft.

    • Nathalie Faber