Het stadion Esserberg in Haren is het decor voor twee openluchtopera's van Donizetti en Gluck; Orfeo en Euridice keren zich tegen komst van euro

Bij de Zomeropera Groningen/Haren van Huub van 't Hek gaan deze week twee nieuwe openluchtproducties in première: Lucia di Lammermoor en Orfeo ed Euridice. De voorbereidingen verliepen niet altijd vlekkeloos. “Het is hier zeer hoog Italiaans opgelopen.”

Lucia di Lammermoor: 18, 19, 23, 25/6; 19.30 uur. Orfeo ed Euridice: 20, 24, 26, 27/6; 20.30 uur. Res.: tel. (050) 5370787).

GRONINGEN, 15 JUNI. Stadion Esserberg van voetbalvereniging Be Quick is een beetje legendarisch. Tot op de dag van vandaag worden er herinneringen opgehaald aan die keer, zo omstreeks 1920, toen Be Quick in het Harense stadion de landstitel veroverde door in een bloedstollende finale Ajax met 5-4 te verslaan.

In datzelfde stadion - thans geëquipeerd met moderne kantoorfaciliteiten, statige ontvangstruimten en horecagelegenheid - verrijzen nu de torens van het decor van de Zomeropera Groningen/Haren. Donderdag gaat hier een nieuwe openluchtproductie in première van Gaetano Donizetti's Lucia di Lammermoor, twee dagen later gevolgd door de nieuwe enscenering van Orfeo ed Euridice van Christoph Willibald von Gluck. Tot en met 27 juni zullen beide opera's veelal alternerend worden opgevoerd.

De vijftien meter hoge torens vormen de imposante uiteinden van kasteel Ravenswood, waar een belangrijk gedeelte van de opera Lucia di Lammermoor zich afspeelt. Het kasteel verbeeldt ook, meer metaforisch, de onderwereld waartoe Orfeus in Glucks opera weet door te dringen. Toch is het niet zozeer de burcht die in Orfeo ed Euridice de meeste indruk zal maken maar een enorme blauwe vlag waarop een symbolisch spel wordt gespeeld met gele sterren.

“Deze Orfeus is een reactie op het ja-woord tegen de euro”, zegt Huub van 't Hek, de intendant van het operafestival en regisseur van deze Orfeo ed Euridice. In het dagelijks leven is hij 'bedrijvendokter', maar in Groningen en wijde omgeving is hij vooral bekend door zijn operacursus die in tien jaar tijds door zo'n achthonderd geïnteresseerden is gevolgd.

Van 't Hek: “Voor mij is de euro de eerste stap om de Europeanen hun identiteit te ontnemen. De naam Euridice kun je in het Grieks splitsen in de woorden euro diki: een wijdlopig vonnis. De vrouw die Orfeus zoekt is de verbeelding van elk individu, de optimalisering van zijn identiteit. In de ouverture begraven wij met Euridice letterlijk euro diki. Daarna komt het koor op met allerlei symbolen: schaatsen, kaas, klompen. Een ander groepje heeft een theepot, een cricketbat, een doedelzak. Zo zie je Europa rondtrekken, terwijl Orfeus zingt: chaimo il mio ben così (...) cerco il mio ben così (...) piango il mio ben così (zo roep ik mijn geliefde, zo zoek ik wat mij lief is, zo beween ik wat mij lief is). Hij raakt de koorleden aan, die vervolgens hun voorwerpen naar de tombe van Euridice brengen.”

Na de goed ontvangen opvoeringen van Bellini's Norma, twee jaar geleden op de Grote Markt in hartje Groningen, is de organisatie van Huub van 't Hek nu uitgeweken naar een buitenlokatie omdat het meerdaagse operaproject niet meer te combineren viel met de reguliere marktactiviteiten. In vergelijking met de Norma-productie (1,4 miljoen) is het budget van 1,2 miljoen gulden voor de huidige twee operaproducties een aanzienlijke stap terug. Maar de organisatie heeft lering getrokken uit de Norma en is overtuigd uit te komen met het beschikbare geld.

Voor regen is men in Groningen niet bang. De drieduizend plaatsen die per voorstelling beschikbaar zijn, zullen naar verwachting nooit allemaal worden verkocht. Mocht een voorstelling geannuleerd worden, dan kan het publiek een andere avond uitkiezen of zijn geld terugkrijgen.

De Orfeo-productie is een goeddeels Nederlandse aangelegenheid. Annelies Lamm zingt de rol van Orfeo, Claudia Patacca die van Euridice. Amor wordt vertolkt door de jonge sopraan Jozefien Stoppelenburg. Koor en orkest worden gevormd door een ad hoc-gezelschap, dat eerder dit seizoen werd geformeerd voor een uitvoering van Verdi's Requiem in het Groningse kantoor van de Gasunie. Dirigent Harmen Cnossen stelde hiertoe een orkest samen van studenten en professionals, waaronder musici uit het Koninklijk Concertgebouworkest en het Rotterdams Philharmonisch. Met deze musici wordt sinds twee maanden een intensief repetitieschema afgewerkt.

Zo probleemloos als de voorbereidingen voor de Orfeo-productie verlopen, zo problematisch was de aanloop tot de Lucia. Van 't Hek: “Het is hier zeer hoog Italiaans opgelopen. Voor de rol van Lucia had ik Rebecca Savvidou uit Cyprus gecast. Maar na de eerste repetitie werd ik bij dirigent Gabriele Bellini op het matje geroepen. Hij maakte me duidelijk dat hij zou vertrekken als er geen andere sopraan zou komen. Volgens Italiaanse begrippen moet Lucia een licht lyrische sopraan zijn in plaats van een zangeres met een donkere stem, zoals Savvidou. We hebben daarom Fernanda Costa als vervangster moeten engageren.”

Over de andere solisten (bariton Ettore Kim, de Bulgaarse tenor Plamen Prokopief en de bas Eldar Aliev) was Bellini zeer te spreken, maar prompt deden zich andere problemen voor. “Twee maanden geleden hebben we de contacten verbroken met het Silezisch Staats Symfonie Orkest. Eind april heeft daar een directiewisseling plaatsgevonden, waardoor we opnieuw moesten onderhandelen. Op elke regel dreigden we een uitzondering te krijgen en op elke uitzondering een nieuwe regel. Om te voorkomen dat we een week voor de première opeens met een verviervoudigde prijs geconfronteerd zouden worden, zijn we te elfder ure in zee gegaan met het orkest van de opera van Rousse in Bulgarije. Dit weekeinde repeteert onze dirigent nog met ze in Wenen.

“We hebben net besloten ook gebruik te maken van hun koor. Aanvankelijk zou het koor van de opera van Cluj meezingen. Maar vorige week bleek dat men één dag te laat de papieren op de ambassade had ingeleverd, met als gevolg dat de dienstdoende ambtenaar zijn recht opeiste de volle tien dagen over de afhandeling te mogen doen. We hebben hemel en aarde bewogen, maar hij wilde ons niet terwille zijn.”

Tot overmaat van ramp liet ook regisseur Jan Bouws in een laat stadium weten niet beschikbaar te zijn, zodat de regie nu in handen is van Anne Haenen. Intussen zijn alle problemen echter naar tevredenheid opgelost en wordt zelfs al onderhandeld over het volgend seizoen. Van 't Hek heeft ambitieuze plannen met Verdi's Otello. Samen met een buitenlandse partner overweegt hij een productie te maken die, behalve in Groningen, zal worden uitgevoerd op meerdere plaatsen in Europa.