'Ik had niet gedacht dat het zo vlug zou gaan'; Oud-minister Roeslan Abdulgani over de Indonesische kentering:

Sinds de slag om Surabaya in 1945 heeft de Indonesische politicus Roeslan Abdulgani (83) alle stormen doorstaan. Hij diende Soekarno als minister en Soeharto als adviseur. Over Habibie heeft hij zijn twijfels. De vermaningen van een oude meester.

BREDA, 13 JUNI. Roeslan Abdulgani wacht ons op in de ontvangstkamer van het bisschoppelijk paleis, waar hij de gast is van mgr. Muskens. De uitgestoken rechterhand telt maar drie vingers. Tijdens de tweede 'politionele actie', in december 1948, werd Abdulgani, destijds een topambtenaar bij Soekarno's departement van voorlichting, in zijn hand getroffen door het boordgeschut van een Nederlands vliegtuigje.

We vallen met de deur in huis: kan Pak (vader) Roeslan, gewezen vrijheidsstrijder uit Surabaya, zich voorstellen dat Indonesische studenten op 21 mei, de dag dat Soeharto aftrad, elkaar Selamat merdeka! (gefeliciteerd met de vrijheid) toeriepen, net als in 1945? Abdulgani: “Oh ja. Zeker. Ze waren opgelucht, natuurlijk. Want ze voelden: nu breekt een nieuwe tijd aan. En ze hadden gelijk: we staan aan het begin van een zeer interessante periode, de derde kentering in de Indonesische politiek sinds de koloniale tijd. De eerste was de revolutie, de tweede de mislukte coup van 1965 en de val van Soekarno. Maar dit is een reformasi, een verandering binnen het systeem, geen revolutie.”

Abdulgani traceert de oorsprong van de huidige crisis naar het midden van de jaren tachtig, de nadagen van de Koude Oorlog. “Toen het communisme wegviel, begon in Indonesië de opmars van de conglomeraten, de Aziatische kinderen van het wereldkapitalisme. Vooral overzeese Chinezen en Japanners. Die hebben in ons land een nieuwe klasse gecreëerd: de crony-kapitalisten.”

Dit was volgens de bejaarde nationalist het begin van het einde van Soeharto's Nieuwe Orde. “Toen het crony-kapitalisme ging overheersen, werd de Trias Politica verbroken. De uitvoerende macht ging de wetgevende macht domineren en helaas ook de rechtsprekende macht. Zo ontstond een nieuwe drieslag, de KKN: corruptie, kolusi (handjeklap) en nepotisme. De studenten hadden vanouds hun eigen KKN (kuliah kerja nyata, college lopen en praktijkervaring opdoen), zij moesten 6 maanden per jaar de desa's in. De studenten zeiden: wij doen de echte KKN, maar deze snoepers doen een heel andere.”

Abdulgani erkent dat de Trias Politica al eerder was ondermijnd. “Door de wetten die het monopolie gaven aan de (corporatistische staatspartij) Golkar. De (islamitische) PPP en de (nationalistisch-christelijke) PDI zijn kleine partijen. Het symbool van Golkar is de waringinboom met zijn geweldige kruin. Hoe kan nu een papayaboom of een bananenboom groeien onder de slagschaduw van deze waringin? Dan heb je het leger. Een bevelhebber moet zijn als de zon, als de maan, als het water. Welnu, als zij werkelijk de zon zijn, beschenen ze tot nu toe alleen de waringinboom en die twee andere kregen geen licht. Vervolgens is er het principe van de 'zwevende massa', politieke partijen mogen geen afdelingen openen op districts- en desa-niveau, om de massa van het platteland niet ideologisch te verdelen. Maar alle bestuurders zijn lid van Golkar, op basis van dat andere beginsel: de zogenoemde monoloyalitas van de ambtenaren. En die gelijkgeschakelde bureacratie is zo dominerend. Dat is een anomalie.”

De oude meester analyseert door. “Sinds de moord (waarschijnlijk door plaatselijke militairen, red.) op Marsinah, de stakingsleidster uit Surabaya, in 1993 volgde er crisis op crisis. In 1996 dreven de autoriteiten een wig in de PDI, die toen werd geleid door Soekarnodochter Megawati. In 1997 kwam de Vastenbrief van de bisschoppen, die repten van een morele crisis. Daarna die vreselijke bosbranden, ook een crisis, als gevolg van ongeremde inhaligheid. En ten slotte de monetaire crisis. De conglomeraten hadden zich voor liefst 80 miljard dollar in de schulden gestoken, zonder medeweten van de regering. Geen wonder dat de studenten zich begonnen te roeren. Ik heb regelmatig met Soeharto gepraat, maar ja, die was al een gevangene van zijn eigen maaksel. Als ik hem suggereerde dat het de hoogste tijd werd, zweeg hij, en een zwijgende Javaan spreekt boekdelen. Op 21 mei koos hij, in de rug aangevallen door zijn eigen Golkar, eieren voor zijn geld. Ik heb deze overgang zien aankomen, maar ik had niet gedacht dat het zo vlug zou gaan.”

Hoe lang denkt u dat Habibie het volhoudt?

“Dat is een goede vraag, en er is geen antwoord op. Habibie heeft geen machtsbasis en realiseert zich dat. Daarom moet hij laten zien dat hij geen marionet van Soeharto is en sympathie 'kopen'. Dus neemt hij meteen ingrijpende beslissingen. Hij wil de wetten die ten grondslag liggen aan het Golkarmonopolie intrekken en de pers niet langer breidelen. U moet niet denken dat er geen schoten op Habibie zullen worden gelost. Is hij KKN-vrij? Volgens sommigen was hij agressiever dan de kinderen van Soeharto. Hoe lang hij het zal uithouden hangt af van de andere spelers. Er zijn mensen die zeggen: laat Habibie maar, hij heeft ons nodig en hij moet zich straks verantwoorden voor de buitengewone zitting van het Volkscongres. Ze hebben hem onder schot, maar laten voorlopig hun pistolen alleen ketsen.”

Beschikt het leger over ammunitie tegen Habibie?

“De generaals beschikken over kogels, maar er zijn ook pistolen op hen gericht. Kijkt u maar naar het komende proces over de dood van de studenten. Die arme politiemensen staan nu in het beklaagdenbankje, terwijl de chef van de politie heeft gezegd: we gebruiken nooit scherpe munitie. En er is het probleem met generaal Prabowo (de schoonzoon van de president). Er zijn geruchten dat hij zowel betrokken was bij de ontvoering van activisten als bij de dood van de studenten.”

Is de rol van Prabowo uitgespeeld.

“Nee, nog niet. Niemand is op dit ogenblik uitgespeeld.”

Waar staat Wiranto, de chef defensiestaf?

“Hij was adjudant van Soeharto. Er zijn twee meningen. De een zegt: hij is zelfstandig. De ander zegt: nee, hij kan het nog niet alleen. Afgelopen vrijdag ging Pak Harto bidden in de moskee. Wie duiken daar op in vol militair ornaat? Drie generaals, onder wie Wiranto. Toen iemand vroeg waarom ze daar in uniform waren, zou een van hebben gezegd: Soeharto is nog steeds onze hoogste commandant. Wiranto is blijkbaar nog niet zelfstandig genoeg. Aan de andere kant heeft hij wel zijn vrouw en dochter uit het Volkscongres gehaald.”

Bent u optimistisch over de afloop van dit veranderingsproces?

“We beleven een overgang van een regering die te strak, te gesloten was, een oligarchie met kleptocratische neigingen, naar een losser georganiseerd bestel. Maar ik geloof niet in desintegratie. Kijk naar de studenten. Niet alleen in Jakarta, overal. En ook de middenklasse gaat zich roeren. Arbeiders bestormen projecten van de familie Soeharto, buiten Java slaan regenten op de vlucht voor hun onderdanen. Ik ben optimistisch omdat er in onze maatschappij genoeg krachten zijn die kunnen onderscheiden tussen wat recht en wat onrecht is. Maar anarchie is mogelijk, zeker nu iedereen politieke partijen wil oprichten.”

Bent u voorstander van beperking van het aantal partijen?

“Natuurlijk. Nu heb je er maar drie, dat kan uitgebreid worden. Golkar is aan het wankelen en moet zich nu afvragen wat haar rol kan zijn in de toekomst. De PDI moet weer één worden. Dan heb je een nationalistische, sociaal georiënteerde partij, die de nadruk legt op de democratie. Verder zie ik plaats voor godsdienstpartijen: een moslimpartij, mits die islamisering van de staat uitsluit uit zijn statuten, een protestante en een katholieke partij. Dus vijf of zeven, maar niet 43, zoals in de jaren vijftig, dat wordt anarchie. Je moet criteria formuleren. Een partij moet vertegenwoordigd zijn in ten minste de helft van de provincies. Ik vind ook dat een partij ten minste 100.000 leden moet hebben. De derde voorwaarde is ideologisch. De tolerantie die is vervat in onze staatsfilosofie Pancasila moet leidraad blijven.”