Druk op India en Pakistan neemt toe; Geruzie over agenda gesprek

LONDEN/ISLAMBAD, 13 JUNI. De acht belangrijkste industrielanden in de wereld hebben op Amerikaanse voorstel afgesproken geen commerciële leningen meer te verstrekken aan India en Pakistan als straf voor de vorige maand uitgevoerde kernproeven.

De ministers van Buitenlandse Zaken van de industrielanden, inclusief Rusland - de zogeheten G-8 - hebben dat gisteren in Londen besloten. In een gezamenlijk communiqué roepen de landen India en Pakistan op af te zien van verdere proefnemingen, en om de oorzaken van hun onderlinge spanningen, met name over de omstreden deelstaat Kashmir, via onderhandelingen op te lossen. De aangekondigde boycot betreft “niet-humanitaire” leningen, zo slaat in de verklaring. Eerder al namen de Verenigde Staten op eigen houtje economische sancties, ook op het gebied van handel en investeringen. Japan en Australië kondigden eveneens strafmaatregelen aan, maar de andere Westerse landen stelden zich terughoudend op en beperkten zich tot een diplomatieke veroordeling van de nieuwe kernwapenwedloop op het Indische subcontinent.

Het jongste diplomatieke initiatief van de G-8 komt op een moment dat India en Pakistan met elkaar ruzieën over de preciese datum, lokatie en agenda van nieuwe bilaterale gesprekken. Aanvankelijk werd vandaag vanuit de Indiase hoofdstad New Delhi gemeld dat Pakistan instemmend had gereageerd op een Indiaas voorstel om op 22 juni de gespreksronde tussen beide buurlanden te hervatten, die vorig jaar september werd afgebroken. Maar later op de dag reageerde de Pakistaanse minister van Buitenlandse Zaken, Gohar Ayub Khan, dat die aankondiging “eenzijdig” en “voorbarig” was, en dat Pakistan van zijn kant India heeft uitgenodigd voor gesprekken op 20 juni. En als nieuwe gesprekken zullen plaatsvinden, zullen die worden gehouden in de Pakistaanse hoofdstad Islamabad en niet in de hoofdstad van India, aldus minister Khan.

Als Pakistan en India het eens worden over de voorwaarden voor nieuw overleg, zullen dat de eerste gesprekken zijn sinds eerst India en vervolgens Pakistan vorige maand een serie ondergrondse kernproeven namen. Het zal ook de eerste dialoog zijn sinds de Indiase regering wordt gedomineerd door de nationalistische hindo-partij van premier Atal Bihari Vajpayee, die dit jaar aan de macht kwam.

Belangrijker obstakel dan de vaststelling van een datum en lokatie voor gesprekken - waartoe beide landen zich de afgelopen weken bereid toe hebben verklaard - lijkt de opstelling van de agenda te zijn. India stelt, voortbordurend op de gesprekken van vorig jaar, een 'brede' agenda voor, waarbij onderhandeld zal worden over tal van regionale kwesties, inclusief het nemen van 'vertrouwenwekkende maatregelen', economische samenwerking en de handel in drugs. Pakistan van zijn kant wil de onderhandelingen concentreren op de kwestie-Kashmir. De regering in Islambad probeert daarbij profijt te halen uit de internationale druk die thans op India en Pakistan wordt uitgeoefend om een oplossing te vinden voor Kashmir. Het liefst wil Pakistan dat de Verenigde Naties, Japan of een ander land gaan bemiddelen, terwijl India vasthoudt aan bilaterale gesprekken. (AFP,AP, Reuters)