ALTIJD ONGEDULDIG

KERMISEXPLOITANTEN willen graag hun kennis bijspijkeren, maar krijgen daar door het rondtrekkende leven dat ze leiden nauwelijks de kans voor. Wanneer er cursussen worden aangeboden die aansluiten bij hun levenspatroon en hun dagelijkse besognes, dan is de animo groot. Dat blijkt uit de groeiende deelname van kermisexploitanten aan computer- en boekhoudcursussen die sinds een jaar of drie gegeven worden door de Rijdende School. In 1996 volgden veertig volwassenen een cursus, in de afgelopen winter was hun aantal gegroeid tot 120.

De leerkrachten van de Rijdende School, die het onderwijs verzorgen voor kermiskinderen op de plek waar de wagens staan, kunnen de vraag van de ouders nauwelijks aan. Dat de cursussen zo populair zijn onder de volwassenen komt doordat deze gegeven worden tijdens de korte winterstop - van begin januari tot begin maart - wanneer veel kermismensen op hun winterstandplaats staan. De kinderen gaan dan tijdelijk naar reguliere basisscholen in de buurt. Een andere reden voor de populariteit is dat het cursusmateriaal toegespitst op de specifieke kanten van het kermisbedrijf en dat het mogelijk is met weinig vooropleiding een cursus te volgen en een certificaat te halen. Nogal wat kermisexploitanten hebben na de basisschool nauwelijks onderwijs genoten, omdat het trekkende leven van hun ouders dat vrijwel onmogelijk maakte. De kermisattracties worden echter steeds groter, de investeringen lopen op en er wordt steeds vaker naar het buitenland getrokken. De behoefte aan scholing neemt daardoor toe.

Het reguliere onderwijs voor volwassenen, nu grotendeels georganiseerd in de regionale opleidingscentra, de ROC's, kan de kleinschaligheid en de flexibiliteit die noodzakelijk zijn voor een bevolkingsgroep die voordurend en route is onvoldoende waarmaken. Gert en Gerda Kremer zijn al 23 jaar als leerkracht verbonden aan de Rijdende School en hebben regelmatig meegemaakt dat het mis ging. “Eigenlijk is de vraag van volwassen kermisexploitanten om aanvullend onderwijs te volgen er altijd geweest”, zegt Gert Kremer. “Incidenteel deden we dat zelf, maar er werd door deze groep ook wel deelgenomen aan reguliere cursussen in de stad. De resultaten hiervan waren niet goed, de drempels waren hoger dan we verwacht hadden.”De Kremers geven hiervoor een aantal redenen. De cursussen beginnen te vroeg in het jaar en de examens worden afgenomen op een moment dat de kermisexploitanten al weer op reis zijn. Omdat veel kermismensen vaak nauwelijks meer dan lagere school hebben gevolgd, zijn ze bang 'dom' gevonden te worden door de 'burgermensen'. De leerstof is voor hen vaak te theoretisch of heeft niets met het kermisbedrijf te maken en de docenten in het reguliere onderwijs kennen de kermiswereld niet, waardoor snel misverstanden en conflicten ontstaan.

Nu de leerkrachten van de Rijdende School zelf cursussen aanbieden die gericht zijn op het kermisbedrijf is er een situatie ontstaan die ambtelijk gezien eigenlijk niet kan en waar ook minister Ritzen van Onderwijs niet goed raad mee weet. De bekostiging van het volwassenenonderwijs valt immers sinds de invoering van de Wet Educatie Beroepsonderwijs (WEB) onder verantwoordelijkheid van de gemeenten, terwijl de activiteiten van de Rijdende School onder de Wet op het Basisonderwijs vallen. Op vragen van Tweede-Kamerlid D. de Cloe (PvdA) over deze situatie geeft minister Ritzen een antwoord dat op z'n minst paradoxaal genoemd kan worden. Hij kan de Rijdende School gezien de wetgeving niet 'belasten' met het volwassenenonderwijs voor kermisexploitanten, maar ze mag de cursussen wel tegen kostprijs aanbieden. Deze week heeft de minister het Apeldoorns College, een ROC dat de Rijdende School steunde bij het opzetten van de cursussen voor de kermisexploitanten, de opdracht gegeven te onderzoeken hoe er op een praktische manier en binnen de wet kan worden samengewerkt, zodat de rondtrekkende bevolking op grotere schaal kan profiteren van het volwassenenonderwijs. Intussen krijgt de Rijdende School geen cent extra voor haar inspanningen.

Patricia van Dam (28) heeft samen met haar man tussen begin januari en half maart, toen ze op hun winterstandplaats in Purmerend stonden, een computercursus gevolgd van de Rijdende School. Zelf komt Patricia van Dam uit het 'burgerleven', ze haalde haar Mavo-diploma en leerde door voor schoonheidsspecialiste. Haar man komt uit een kermisfamilie en bezocht zelf als kind de Rijdende School. Hun twee kinderen Stephanie (10) en Remon (5) wisten meer van computers dan zij. Nu doet Patricia van Dam de boekhouding op de computer en ontwerpt ze met sierletters en kleuren het briefhoofd van haar schrijfpapier en enveloppen. Ze print het zelf uit op haar kleurenprinter.

“In korte tijd hebben we een heleboel geleerd”, zegt Patricia van Dam enthousiast. Zij en haar man zijn vast van plan om komende winter de vervolgcursus te doen. Van april tot en met november trekken ze door Nederland met hun Super Euro Skeeball, een soort mini-bowling, een attractie die ze met z'n tweeën draaiende houden. In december hebben ze een oliebollenkraam. Op 1 januari breekt er voor hen een kleine adempauze aan. Maar dan beginnen meteen weer de verpachtingen voor de nieuwe kermissen. “Kijk”, zegt Patricia van Dam, “door tijdgebrek zijn wij altijd een beetje ongeduldig. Er zijn weinig mensen die zoveel met hun tijd doen als wij. Ons werk brengt met zich mee dat alles altijd meteen geregeld moet worden. We zijn vindingrijk en voor ieder probleem is een oplossing. Die flexibiliteit verlangen we eigenlijk ook van de cursussen en als die er niet is, haken we af. De leerkrachten van de Rijdende School voelen dat heel goed aan. Ze hebben de lessen gericht op het kermisbedrijf en ze zijn bovendien gewend om op veel verschillende niveaus tegelijk les te geven, er is veel individuele aandacht. En moet een exploitant eerder weg, dan dikken ze de cursus in.”

Volgens Patricia van Dam is het allemaal begonnen omdat de kinderen op de Rijdende School al heel jong met computers vertrouwd worden gemaakt. “Je kunt er niet meer omheen”, zegt ze. “Via de kinderen dringt het belang van computers in het kermisbedrijf door.” En wat ze vooral ook zo leuk vindt: “Door deze cursus ben ik beter gaan begrijpen hoe mijn kinderen les krijgen op de Rijdende School. Ik voel me er veel meer bij betrokken.”

Gert en Gerda Kremer hebben cursisten tussen de 16 en 52 jaar in hun lessen gehad. “Het is het meest ideale publiek voor een schoolmeester”, laat Gert Kremer weten, “ze zijn zó gemotiveerd”. Flexibiliteit en kleinschaligheid zijn de sleutels tot dit succes en ze vragen zich af of het reguliere volwassenenonderwijs die ooit kan bieden. Als er ongeveer tien volwassenen zijn die een cursus willen volgen, er plek is voor de wagen en stroom, dan kunnen ze er de volgende dag met de Rijdende School zijn. “Toen we in Praag stonden met de Rijdende School ontstond min of meer per ongeluk een lesgroepje van moeders die graag met de computer wilden leren werken”, vertelt Gerda Kremer. “Daar ga ik dan mee aan de slag. Na twee lessen vertrok een van de moeders naar Estland, het was natuurlijk prachtig geweest als ik via de moderne techniek contact met haar had kunnen houden.” Als 'noodoplossing' zien de Kremers wel iets in het afstandsonderwijs, te meer daar steeds meer kermisexploitanten langdurig in het buitenland staan. Maar gewoon met z'n achten of tienen in een lokaal werkt volgens hen veel beter. “Ze motiveren elkaar en het is vooral ook heel gezellig. Alleen gooi je er toch veel sneller het bijltje bij neer?”

    • Michaja Langelaan